Greco's dans met sensoren te complex

Dans Nieuw Ensemble en Emio Greco/PC met Double Points: OYTIS. Gezien 11/2 Amsterdam. Herhaling 15/3 Rotterdam. ***

Er was een tijd dat choreografen elke moderne dansvoorstelling ‘in dialoog gingen met de muziek’. Het was een manier om aan te geven dat ze hun werk als autonoom kunstwerk beschouwden. En gelijk hadden ze. Hoe die ‘dialoog’ vervolgens werd vormgegeven, kon flink verschillen: vaak was van enig verband tussen muziek en dans geen sprake meer, soms werden klanken simplistisch met bewegingen geïllustreerd (‘trillen op een tremolo’) en soms liepen musici en dansers door elkaar.

In Double Points: OYTIS (Grieks voor ‘Niemand’, de alias die Odysseus gebruikte om aan de cycloop te ontkomen) voeren Emio Greco en Pieter Scholten de dialoog verder: het lichaam van danser Greco veroorzaakt klanken die zich mengen met de compositie van Hanspeter Kyburz. Zes sensoren op Greco’s lichaam stellen hem in staat met zijn polsen, ellebogen en knieën een ijle pieptoon, een fijn gerinkel of zwaardere tonen te laten meeklinken.

In deze semi-concertante mini-opera fungeert de relatie van de zwervende, beweeglijke Griekse held Odysseus (Greco) en zijn wachtende, immobiele vrouw Penelope (Sopraan Yeree Suh) als visueel en dramaturgisch vrij summier aangegeven ondergrond. Suh, een zangeres met een indrukwekkend bereik, richt haar vragen en met hoge uithalen gezongen verlangen tot het ronde projectiescherm op het achtertoneel, dat soms een volle maan lijkt en soms de kosmos waarin Greco wordt opslokt.

Tussen de aria's door scharrelt hij met gebogen hoofd en afgemeten pasjes over het toneel, om af en toe in een pose te bevriezen of juist rusteloos te schuddebollen, te schokschouderen, een arm rond te slingeren of slapjes rond zijn kale schedel te laten hangen.

Tijdens de improvisatiedelen concentreert de dansante en muzikale actie zich, maar doordat de spelregels voor deze live interactie niet steeds inzichtelijk zijn, is het complexe voorstellingsprocedé hoofdzakelijk voor Greco en de musici zelf interessant. Voor de toeschouwer is het vooral een ingewikkelde manier om te komen tot een voorstelling met gewoon dans en muziek.

En het is mooi.