Een omgekeerde generatiewisseling

Het valt te hopen dat iemand een boek zal schrijven over die gedenkwaardige 98 dagen tussen de twee verkiezingen van 2010. Non-fictie graag, want de gebeurtenissen zijn al ongelooflijk genoeg.

Dit weekeinde werd er druk gebabbeld en getwitterd over de motieven van de tweede en derde uitvaller in de race, de potentiële kroonprins van het CDA Camiel Eurlings (36) en PvdA-leider Wouter Bos (46). Volgens Wat vindt Nederland? (RTL4) heeft ruim 70 procent van de bevolking waardering voor de keuze van beide mannen om, in de woorden van Eurlings, „even prioriteit te geven aan het opbouwen van je privé”.

Er was echter ook veel twijfel, zij het niet over de meesterzet van Bos om Job Cohen (62) als zijn opvolger aan te wijzen, meteen goed voor hoge populariteitscijfers bij Maurice de Hond en EénVandaag. Als Ajax tegen alle verwachtingen in toch nog kampioen kan worden, dan moet de burgemeester van Amsterdam in een inhaalmanoeuvre ook kunnen afrekenen met twee machtige tegenstanders uit de buitengewesten.

Er waren twee soorten kritiek te horen. Vooral niet-Haagse buitenstaanders, bijvoorbeeld altijd talrijk in Rondom 10 (NCRV), vertrouwden de opgegeven reden niet. Politici liegen per definitie, dus is dat gezinsverhaal ook een smoesje. Opvallend verdeeld was het oordeel van de feministen. Ina Brouwer (59), in 1994 de eerste lijsttrekker in deeltijd (voor GroenLinks), was enthousiast, evenals de hoofdredacteur van Opzij, Margriet van der Linden (40). Maar haar voorganger Cisca Dresselhuys (66) mopperde dat je mannen altijd moet wantrouwen en Heleen Mees (41) twitterde dat alle Nederlandse mannen watjes zijn.

Dat geldt dan vooral voor een zekere generatie. Bos’ partijgenoot Mei Li Vos (39), die zich altijd zeer heeft verzet tegen de almacht van de babyboomers, verzuchtte in Het Binnenhof van Jaïr (Het Gesprek): „Vadertje Cohen zal straks het huishouden liefdevol en een beetje streng bestieren, maar ik mis broer Bos.”

Agnes Kant (43) werd als SP-leider opgevolgd door Emile Roemer (47) en ook de overgebleven troonpretendenten van Jan Peter Balkenende (53) – de namen vielen dit weekeinde van Maxime Verhagen (53), Ab Klink (51), Cees Veerman (61), Gerd Leers (58) en Herman Wijffels (68) – behoren niet echt tot een jongere lichting.

Als de stofwolken zijn opgetrokken, zullen we een omgekeerde generatiewisseling kunnen constateren. De geboortegolf van tussen 1945 en 1955 staat de macht niet af, integendeel: er wordt een beroep op hen gedaan om terug te keren, want de jonkies kunnen de druk van het jongleren met werk en gezin niet aan of prefereren een ander soort leven.