De Marokkaanse weeskinderen kregen ook koranonderwijs

Nederlandse pleegouders zijn vorige week Marokko uitgezet omdat ze kinderen zouden bekeren tot het christendom. „Het verhaal van de ark van Noach staat ook in de koran.”

Hun enige misdaad, zegt Herman Boonstra, is dat ze de kinderen uit de kinderbijbel hebben laten lezen – „over Noach en de ark en over Jonas en de walvis, verhalen die nota bene ook in de koran staan”.

Vorige week werden Boonstra en 15 andere medewerkers van het weeshuis Village of Hope in Ain Leuh in het Marokkaanse Atlasgebergte het land uitgezet wegens ‘bekeringsactiviteiten’. Ook elders in Marokko werden christenen uitgewezen, onder wie een „aanzienlijk” aantal Amerikanen, aldus de ambassade van de VS.

Demissionair minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen (CDA) ontbood prompt de Marokkaanse ambassadeur om te protesteren tegen de uitwijzing van Boonstra en zes andere Nederlanders, en in de Tweede Kamer hebben CDA, ChristenUnie en SGP vragen gesteld over de gang van zaken.

Vrijdagavond hebben Boonstra en de andere ouders op de website van Village of Hope een oproep gedaan aan de Marokkaanse koning om „een compromis te zoeken en deze kinderen te herenigen met de enige ouders die ze ooit hebben gekend.”

Voor Herman en Jellie Boonstra uit Kampen is de uitwijzing een persoonlijk drama: ze waren de acht kinderen die ze in Ain Leuh in huis hadden genomen als hun eigen kinderen gaan beschouwen. Het Village of Hope was immers geen typisch weeshuis: de kinderen werden er opgenomen in gezinnen. In totaal waren er 33 kinderen, meestal achtergelaten door vrouwen die buitenechtelijk zwanger waren geraakt. „Het waren onze kinderen. Nu zijn ze dat plots niet meer”, zegt een geëmotioneerde Boonstra aan de telefoon vanuit Spanje.

Het was altijd een risico: adoptie is in islamitische landen niet toegestaan. Er bestaat een tussenvorm – de kafala – maar ook daarvoor komen christenen niet in aanmerking. Wel was de organisatie Village of Hope begin dit jaar erkend als een zorginstelling voor kinderen.

Het nieuws van de uitwijzing kwam daarom als een donderslag bij heldere hemel, zegt Boonstra. „Wij hebben altijd duidelijkheid gegeven; ze wisten precies wie ze in huis hadden. Gedurende tien jaar is ons geen strobreed in de weg gelegd. En dan worden we plots als criminelen behandeld en onder politiebegeleiding weggevoerd.”

In een reactie op de kritiek zei de Marokkaanse minister van Communicatie Khalid Naciri afgelopen donderdag dat Marokko „streng zal blijven optreden tegen eenieder die een loopje neemt met de religieuze waarden.” Volgens Naciri mogen christenen in alle vrijheid hun religie belijden in Marokko, maar is er geen plaats voor ‘bekeringsactiviteiten’.

Eerder had het ministerie van Justitie in een mededeling gezegd dat de uitgewezen buitenlanders hadden geprofiteerd van de armoede van een aantal Marokkaanse families om hun minderjarige kinderen te bekeren. De katholieke en evangelische kerken van Marokko hebben zich in een gezamenlijke mededeling gedistantieerd van de uitgewezen christenen. Het bekeren van mensen in een zwakke positie is een „laakbare praktijk”, aldus de kerken.

Marokko trad eerder al streng op tegen sji’itische moslims en tegen salafistische en andere geloofsbelijdenissen die afwijken van de officiële Marokkaanse geloofsrichting, het sunnitische malikisme.

In Marokko bestaat volgens de grondwet godsdienstvrijheid, maar de staatsgodsdienst is de islam en bekeren tot een andere godsdienst is strafbaar.

Boonstra zegt dat het nooit de bedoeling is geweest om de kinderen te bekeren. „Natuurlijk zijn ze iets meer vertrouwd met het christendom omdat ze bij ons zijn opgegroeid. Maar ze kregen evengoed koranonderricht. Wij hebben altijd geprobeerd om het zo Marokkaans mogelijk te maken. We hebben nooit iets gehad tegen moslims; ook nu niet. Wel hebben wij in Marokko de standaard van de Nederlandse zorg nagestreefd; om te laten zien dat het ook anders kan dan in de officiële Marokkaanse weeshuizen, waar de kinderen vaak met hun drieën in een bed moeten slapen.”