Twee moorden die bijna iedereen voelde aankomen

De burgemeester wist van het gevaar. Toch ging het afgelopen zaterdag mis in Zierikzee. Een man doodde zijn kinderen en pleegde daarna zelfmoord. Waarom werd er niet ingegrepen?

Met een gekwetste uitdrukking op zijn gezicht legt burgemeester Gerard Rabelink van de Zeeuwse gemeente Schouwen-Duiveland, waaronder het stadje Zierikzee valt, een krant op tafel. Hij wijst op een interview met hoogleraar forensische psychiatrie Corine de Ruiter. Ze betoogt dat hij „niet genoeg” gedaan heeft ter voorkoming van het familiedrama dat zijn stad vorige week zaterdag opschrikte. Misschien, veronderstelt De Ruiter in het interview, is de burgemeester niet voldoende op de hoogte van zijn bevoegdheden.

Een 45-jarige man schoot vorige week zaterdagavond om tien uur in Zierikzee zijn negentienjarige dochter Zainab en zijn negenjarige zoon Ali dood en verwondde zijn echtgenote Amira. Een andere zoon, de vijftienjarige Haydar, was op het moment van de aanslag bij de buren. Na de aanslag schoot de vader zich een kogel door het hoofd. Hij bezweek aan zijn verwondingen.

Op zijn kamer in het moderne, als een schip vormgegeven stadhuis van Schouwen-Duiveland, net buiten de singelgracht van Zierikzee, somt de burgemeester op wat hij heeft gedaan. Hij heeft de man laten oppakken, op 8 september vorig jaar, de dag dat er aangifte werd gedaan wegens door hem gepleegd huiselijk geweld; hij heeft diezelfde dag een tijdelijk huisverbod opgelegd, dat hij heeft laten verlengen. Hij heeft met de echtgenote en dochter gepraat, tot twee keer toe, en hun beide keren, vergeefs, geadviseerd naar een blijf-van-mijn-lijfhuis te gaan. „Op zichzelf al vrij uniek dat zij hier al zo snel, op 13 oktober, aan tafel zaten. De moeder wilde niet naar een blijf-van-mijn-lijfhuis wegens haar asielverleden. Ze wilde niet weer op de vlucht. Zij en haar man vluchtten in 1999 uit Irak, toen nog onder het bewind van Saddam Hussein.”

Wel wilde de vrouw een andere woning. Rabelink: „Ze wilde niet weg uit Zierikzee. Ze is actief in allerlei verenigingen, zoals Zeeuwse Wereldvrouwen. Ik heb daarom een urgentieverklaring geschreven met het oog op ‘een ernstige vorm van huiselijk geweld’. Intussen had ik de politie al gevraagd extra te surveilleren.”

Ten slotte, zegt de burgemeester, schreef hij, toen hij vond dat al zijn mogelijkheden ter voorkoming van erger waren uitgeput, een brandbrief aan het Openbaar Ministerie (OM). Hij citeert: „Het is mogelijk dat de situatie eerdaags escaleert, wanneer de echtgenoot weer op vrije voeten komt, dan wel iemand ingehuurd heeft om voor hem het vuile werk op te knappen.”

Die brandbrief kwam deze week in het middelpunt van de belangstelling te staan. De verontwaardiging over wat een willekeurige Zierikzeese op de markt bij het Havenplein „de totale wereldvreemdheid van die rechters” noemt, groeide. De Tweede Kamer hield op woensdag een spoeddebat met demissionair minister van Hirsch Ballin (Justitie, CDA) over de kwestie. De raadkamer van de rechtbank van Middelburg had immers op 23 februari de vrijlating van de verdachte gelast. Op 6 maart bleek hij een wapen te hebben gekocht. Hij schoot van buiten door de voorruit van zijn huis aan de Oesterstraat heen. Buurman ter linkerzijde Emiel Huijer hoorde „doffe klappen”, zag andere buren rennen en wist „dat het fout zat”.

Zat de brandbrief van burgemeester Rabelink wel of niet in het dossier op grond waarvan de raadkamer besliste de voorlopige hechtenis van de verdachte niet te verlengen? Nee, hij zat er niet in, zei rechtbankpresident Ludo van Dijke donderdag in Nova. Een woordvoerder van het OM te Middelburg, dat verlenging van de hechtenis vorderde, zegt dat de brief tijdens de behandeling „genoemd” is. Of hij in het dossier zat, wil zij niet zeggen. Waarom niet? „Omdat we niet op ieder detail willen ingaan.”

Maar is het een „detail”? Als de brief wel in het dossier zat, vertelt rechtbankpresident Van Dijke niet de waarheid. Zat hij er niet in, dan heeft het OM een kans laten liggen om de raadkamer te overtuigen van het gevaar van vrijlating.

Voor burgemeester Rabelink was het gevaar „overduidelijk”. Voor naaste buurman Emiel Huijer, eigenaar van een eetcafé, niet. „Hij was een kalme, vriendelijke man. Onze kinderen speelden met elkaar, voetballen, trampolinespringen. Hij en zijn vrouw waren uitstekend geïntegreerd en spraken goed Nederlands. Pas vorige zomer begreep ik dat er iets niet goed zat. Zainab werkte bij ons, net als Haydar nu nog steeds doet. Op een gegeven moment zei ze dat ze niet meer zou komen, wegens haar vader. Daarvoor moest ze soms plotseling weg, naar huis. Achteraf begrijp je waarom.”

Begin oktober werd er aangifte gedaan tegen de vader van het gezin, wegens seksueel misbruik van dochter Zainab. Op verdenking daarvan en omdat hij zijn vrouw had bedreigd, werd hij op 13 februari vastgezet. Dit was de voorlopige hechtenis, die maximaal negentig dagen had kunnen duren. In het onderzoek naar de verdachte vroeg het door de burgemeester gealarmeerde OM het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) te onderzoeken of er „mogelijk” gevaar bestond voor eerwraak. Het rapport was op 23 februari niet klaar en heeft geen rol gespeeld bij de overwegingen. Minister Hirsch Ballin schreef op 10 maart in zijn brief aan de Tweede Kamer dat het LEC in zijn rapport adviseert „het gezin elders te plaatsten omdat er mogelijk sprake zou zijn van eergerelateerd geweld”.

De OM-woordvoerder noemde de dubbele moord halverwege deze week ondubbelzinnig „eerwraak”. Waarom? „Het is niet gebaseerd op documenten en onderzoeken, maar op de gegeven combinatie van geweldsfeiten, relatieproblemen en culturele achtergrond.” Is het een verzachtende omstandigheid? „Eerder een verzwarende, omdat de effectiviteit van de straf minder wordt.”

Is er inderdaad sprake van eerwraak, waarbij vaak meer familieleden betrokken zijn, teneinde de eer van de familie te redden? Speelde het vermeende misbruik van de dochter daarin misschien een rol? Burgemeester Rabelink noch Aad van der Wouden, hoofdredacteur van de plaatselijke krant, die Amira begin januari interviewde over de bedreigingen van haar man, weet het. Beiden zeggen dat Amira zelf niet sprak over eerwraak en alleen wees op de agressie van haar echtgenoot. Over het seksuele misbruik, waarvan op 9 oktober aangifte werd gedaan, hebben moeder en dochter tijdens het onderhoud met de burgemeester, vier dagen later, niets gezegd.

Advocaat Ab Sol, die de pleger van de dubbele moord verdedigde, zegt dat de verklaring van het OM over de eerwraak hem verbaast. „Je moet voorzichtig zijn met die kwalificatie.” En het seksueel misbruik? „Mijn cliënt erkende sommige van de hem ten laste gelegde geweldsfeiten. Dit misbruik ontkende hij pertinent.”

Kwestie Zierikzee: rechter communiceert ook via de media. Zie nrc.nl/recht-en-bestuur