Opperbevel in vredestijd 2

Wetenschapsbijlage 06-02 en 27-02-10

De mening van de heer Klaver over de functie van de burgemeester in geval van een ramp is mij uit het hart gegrepen. Na een militaire carrière bij de Landmacht en daarna vijf jaar regionaal adviseur openbare veiligheid, meen ik enige aanvullingen op zijn visie te mogen geven. Het is de vraag of de burgemeester in staat is de functie van opperbevelhebber te vervullen. De meesten zijn politiek opgeklommen van raadslid via wethouder naar burgemeester, steeds in een sfeer van collegiale besluitvorming. Eénhoofdige leiding is hen volkomen vreemd. Militaire commandanten daarentegen zijn dit gewend vanaf de eerste dag dat zij in militaire dienst kwamen. Er zijn echter maar weinig burgemeesters die in geval van een ramp de knop kunnen omzetten van voorzitter naar commandant. Dat is waarin zij moeten worden bekwaamd samen met de loco-burgemeester. Zelf heb ik goede resultaten geboekt bij de training van burgemeesters in snelle besluitvorming als éénhoofdig leider.De burgemeester is in geval van een ramp in zijn gemeente dus de commandant van de brandweercommandant, de chef van de politie, de directeur van de GGD en een hoge gemeentefunctionaris die het gemeentelijk apparaat aanstuurt. Zijn belangrijkste taak is het scheppen van randvoorwaarden die nodig zijn om de rampenbestrijding zo effectief mogelijk uit te voeren. Een tweede factor waar terdege rekening mee moet worden gehouden is het cultuurverschil tussen de drie hulpverleningsdiensten en het gemeentelijk apparaat. Een van de belangrijkste taken van de (commanderend) burgemeester is er op toe te zien dat daar waar nodig er gecoördineerd wordt gewerkt, dat wil zeggen dat men het optreden op elkaar afstemt. Ook dat kan men leren. Oefening baart kunst.

J.N.Lodders

Harderwijk