Marktwerking

Waarom staat groot nieuws altijd in van die kleine berichtjes?

Ergens in een verloren hoekje van de krant las ik dat demissionair minister Ab Klink van Volksgezondheid (CDA) heeft besloten af te zien van de invoering van marktwerking in de ambulancezorg. Zijn voornemen was om de ambulancevergunningen iedere vier jaar opnieuw aan te besteden, zodat er concurrentie tussen verschillende aanbieders zou ontstaan. Maar, concludeert Klink nu: ambulancezorg „leent zich niet voor marktwerking”, omdat het een vorm van „acute zorgverlening” is waarvan de continuïteit en kwaliteit „nimmer in gevaar mogen komen”.

Bel 112. Ab is van zijn geloof gevallen.

Me dunkt dat dit nogal een ontboezeming is. Jarenlang heeft Klink marktwerking in de zorg immers als wondermedicijn voor alle kwalen voorgeschreven: het zou de kosten drukken, de service verbeteren, de efficiëntie vergroten – en dat allemaal zonder bijwerkingen. Maar nu blijkt: als de zorg écht van levensbelang is, en de continuïteit en kwaliteit onder geen beding „in gevaar” mogen komen, kun je er maar beter van afzien. Genadelozer had de minister het eigen gedachtengoed niet om zeep kunnen helpen. Laat dat telefoontje maar zitten.

Reanimatie is zinloos.

De casus van de ambulancezorg illustreert treffend het probleem van de marktfilosofie, namelijk: het primaat van de efficiëntie. Natuurlijk kan de zorg altijd efficiënter – hoe vaak zal een ambulance wel niet uitrukken voor loos alarm? – maar dat betekent nog niet dat efficiëntere zorg ook automatisch betere zorg is.

Zoals managementgoeroe Peter Drucker (1909-2005) ooit stelde: „Efficiëntie is dingen goed doen; effectiviteit is de goede dingen doen.” Inmiddels een versleten tegeltjeswijsheid misschien, maar het raakt nog steeds de essentie: de markt dwingt dingen goed te doen, maar niet per definitie tot het doen van de goede dingen. Efficiënt is: geen dure openhartoperatie meer na je tachtigste. Effectief is: kosten noch moeite sparen om een leven te redden.

Tot dat inzicht is Ab Klink nu kennelijk ook gekomen. Voor Agnes Kant kwam zijn ontboezeming alleen wel wat laat. Zij riep dit namelijk al een jaar of twintig, maar moest het helaas afleggen tegen de marktwerking in de moderne media: kennis van zaken genoeg, maar oneliners te weinig om er de gewenste oplagecijfers mee te scoren. Dat ze aftrad stond op alle voorpagina’s.

Dat ze gelijk kreeg stond in de kolom met korte berichten.