Virtuositeit volstaat niet meer om top te bestrijden

Nederland verloor gisteren in de halve finale van het WK hockey van Australië. Uit de reacties na afloop bleek dat de spelers vrede hebben met hun huidige positie in de wereld.

Ze hadden gevochten als leeuwen, vond de aanvoerder. Ze konden trots zijn dat ze tegen een topland als Australië zo’n goede prestatie hadden neergezet, meende de strafcornerspecialist.

Maar het harde feit, gisteravond in New Delhi, was dat de ooit toonaangevende Nederlandse hockeymannen voor het tiende achtereenvolgende jaar niet meedoen om de hoogste prijs op een groot titeltoernooi. In de halve finale van het WK werd de ploeg bij vlagen overklast door Australië, dat het na een 2-1 zege morgen in de finale opnieuw mag opnemen tegen titelverdediger en olympisch kampioen Duitsland. Dezelfde teams stonden ook al in de laatste twee WK-finales, in 2002 en 2006, tegenover elkaar.

Uit de reacties in het Oranjekamp na de uitschakeling kon gisteravond geen andere conclusie worden getrokken dan dat de Nederlanders vrede hebben met hun huidige positie in de wereld en zich hebben neergelegd bij de suprematie van de echte hockeytop – de finalisten van morgen.

Ondertussen wacht Nederland al sinds het olympisch goud van Sydney (2000) op een echte titel. Sinds dat succes raakten niet alleen Australië en Duitsland uit het zicht, maar kwamen ook landen als Zuid-Korea en Engeland langszij. Spelers en coach houden vol dat de verschillen in de top klein zijn. „Met een beetje meer geluk maak je op het einde nog gelijk”, zei Taeke Taekema.

Typerend voor de instelling van drievoudig wereldkampioen Nederland was het strijdplan dat bondscoach Michel van den Heuvel samen met zijn staf en spelers had uitgedokterd voor de confrontatie met de sterke Australiërs. Vanuit de verdediging werd de bal zo ver en zo hoog mogelijk op de helft van de tegenstander gespeeld – zonder veel resultaat.

Het Australische spel werd ontregeld om herhaling te voorkomen van twee uiterst pijnlijke nederlagen uit het recente verleden: in olympisch Peking droogden de Kookaburra’s Nederland af met 6-2, drie maanden geleden werd het tijdens de Champions Trophy in Melbourne zelfs 7-2.

Van den Heuvel vond dat de tactiek gisteravond goed had gewerkt en had een „close game” gezien. Zijn ploeg kwam in de slotfase inderdaad terug in de race na een 2-0 achterstand, dankzij een strafbal van Taekema. „We hebben Australië in het begin laten uitrazen”, legde de bondscoach uit. „De laatste vijftien minuten zaten ze met zuurstof op de bank.”

Ook captain Teun de Nooijer vond dat de uitslag van gisteravond liet zien dat Nederland het gat met Australië heeft verkleind. „We hebben wel eens met andere cijfers gestaan. Als je 2-1 verliest ben je in de buurt.” Maar Australië speelt zijn derde WK-finale op rij, en Nederland moet strijden om brons tegen Engeland, dat eerder op de dag met 4-1 was weggespeeld in een wervelende show van de jonge Duitse ploeg.

Dat Nederland gisteravond in de race bleef dankte het vooral aan de slordigheid van de Australische spitsen – en aan doelman Guus Vogels, die na afloop met tranen in de ogen moest constateren dat ook zijn laatste grote titeltoernooi hem geen goud gaat opleveren.

Maar voor wie het recente verleden bestudeert komt de nieuwe tegenvaller niet als een verrassing, al hadden de spelers waarschijnlijk op een wonder gehoopt. Tijdens de grote toernooien geeft de mentaal kwetsbare ploeg al jaren niet thuis, zo bleek al uit de beschamende zevende plaats op het vorige WK (2006). De veronderstelde Nederlandse virtuositeit waarmee Van den Heuvel de wereldtop wil bestrijden, is in het moderne tophockey lang niet meer genoeg.

Niet voor niets stelde de bondscoach zich bij zijn aanstelling (2008) ten doel de mentale weerbaarheid van de ploeg te verhogen. Hij dirigeerde zijn spelers in India eens een bus in voor een urenlange rit over de hobbelige wegen, in plaats van te kiezen voor een comfortabele vliegreis. Meer weerstand maakt spelers sterker, luidt zijn filosofie.

De cijfers wijzen nog niet op verbetering. Van Australië won Nederland al sinds 2004 (Athene) niet meer op een titeltoernooi. En in New Delhi wekte de ploeg geen moment de indruk op weg te zijn naar de wereldtitel. Na de mindere landen volgden drie duels die ertoe deden: Duitsland (2-2), Zuid-Korea (1-2) en gisteren Australië. De oogst: precies één punt.

Van den Heuvel bezweert dat Nederland op weg is de kloof met de top te overbruggen, maar de vraag is of de bondscoach daar met zijn spelersgroep wel toe in staat is. De Spelen van Londen (2012) komen snel dichterbij, maar tekenen van herstel zijn er nog niet. En de tevredenheid die gisteren uit het kamp opsteeg, doet vermoeden dat een drastische koerswijziging voor ‘Londen’ niet meer te verwachten valt.