Libië: zwarte lijst Bern moet weg

Libische vertegenwoordigers hebben gisteren intrekking van een Zwitsers inreisverbod voor 188 prominente Libiërs en andere concessies geëist voor de onderlinge relaties kunnen worden genormaliseerd. De crisis tussen beide landen begon half juli 2008 met de kortstondige aanhouding van Hannibal Gaddafi, zoon van de Libische leider, door de Geneefse politie, maar de problemen hebben inmiddels ook de rest van Europa bereikt.

De Libische waarnemend ambassadeur in Zwitserland, Ibrahim Aldredi, zei dat de Zwitserse zwarte lijst, waarop ook de Libische leider en zijn familie staan, „een grote vernedering” voor het land is. Doordat Zwitserland Schengen-lid is, geldt de maatregel eveneens voor de 24 andere Europese Schengen-landen. Libië op zijn beurt heeft vorige maand een inreisverbod afgekondigd voor alle burgers uit de Schengen-landen.

Aldredi zei dat Zwitserland ook de politiemannen moet vervolgen die Hannibal Gaddafi destijds arresteerden op beschuldiging van mishandeling van huishoudelijk personeel. Hij drong er bij Bern op aan in te stemmen met een internationaal tribunaal dat zich moet uitspreken over compensatie voor de familie-Gaddafi.

De Libische VN-ambassadeur, Abdurrahman Shalgham, wees er in New York op dat als resultaat van de Libische vergeldingsmaatregel tegen de Schengen-landen meer dan vijftig delegaties niet naar Libië hadden kunnen komen om een bod uit te brengen op nieuwe olieconcessies. „Wat gebeurde? De Amerikanen, de Chinezen en de Russen hadden de kans om deze olie- en gasconcessies te krijgen”, zei Shalgham. „Ik kan er niet bij dat de Schengen-groep [..] haar relaties met Libië opoffert wegens de onverantwoordelijke politiek van Zwitserland jegens Libië.”

Dreigend met vergelding tegen oliemaatschappijen heeft Libië zojuist Amerikaanse regeringsexcuses afgedwongen voor een ironische uitspraak over Gaddafi. (AP, Reuters)