Column

Jan des Boefrie

Tijdje geleden reed ik door een kakkerswijk en zag bij een nogal treurig pandje een bord in de tuin staan met daarop de tekst dat het huis werd ingericht door Jan des Bouvrie.

Medelijden kietelde mijn ziel.

Daar wonen dus smakeloze rijkaards, dacht ik en ik vroeg me af hoe sneu je eigenlijk bent als je door middel van zo’n bord wilt laten zien dat je zelf geen smaak hebt. Wel geld. Daarom stond dat bord daar.

Design wonen lijkt me een hel. Dat je gasten bij je gordijnen moeten passen. Je scharrelt in de loop van je leven je eigen interieur toch bij elkaar? Dat is toch het leuke van wonen? Een stoel uit je studententijd, een tafel die je ooit in Brussel op de kop tikte, wat schilderijen die je al reizend mee griste uit diverse galeries, wat kandelaars waarvan je de herkomst bent vergeten, een rare kast vol boeken waar je vele mooie uren in vertoefd hebt, een paar bijzondere herinneringen uit je ouderlijk huis, enzovoort, enzovoort.

Maar je bent toch niet gelukkig in een door die krullenbol bij elkaar gefantaseerde inrichting?

Het lijkt me vreselijk om die gozer op bezoek te krijgen en dat hij met zijn potlood dan speels gaat schetsen wat hij allemaal voor spannends kan doen met de ruimte. Voor een paar ton wordt het speels.

„We gaan vooral uit van wit”, zal Jan oreren, om daarna voor te stellen dat het qua geld ook zwart mag. Je mag zelf zeggen op welke louche BV je het bonnetje wilt ontvangen. Niet alleen creatief op de tekentafel dus.

Werd weer zo ouderwets blij van de feiten in deze zaak. De armoe dat de inrichting van het miljoenen kostende motorjachtje van een of andere rijke quotezak op kosten van de zaak vertimmerd moest worden.

Dat zijn de kringen waarin Jan zijn geld verdient. Die tragiek. Met die sjoemelende middenstand moet hij regelmatig een vorkje prikken in een duur restaurant.

Vrees dat Jan het niet erg vindt dat zijn zakelijk gesjoemel werd overschaduwd door de dood van die aardige Hans van Mierlo en de door hun amazones teruggefloten Camiel Eurlings en Wouter Bos. Opmerkelijke stappen van deze jongens. Gaan we treuren of vonden we ze allebei toch een tikkie te glad? Hoe vlug zijn we ze vergeten? Wie denkt er na deze week nog aan Agnes Kant?

Ik vrees overigens dat minister Gerda Verburg met haar zielige glossy ook op haar knokige knietjes is gegaan om de Heer te danken dat Hij juist op deze donderdag de grote democraat Van Mierlo tot Zich heeft geroepen.

Want je kunt als politica domme dingen doen, maar de Gerda was toch wel het ergste wat ik in jaren heb gezien.

Die foto op de cover, waarop ze met die strenge meesteressenblik en dat sm-zweepje staat, moet toch door haar goedgekeurd zijn.

Net als het hele idee. Ik vrees zelfs dat ze samen met haar suffe ambtenaren heel veel voorpret heeft gehad. Dat ze heeft gedacht dat het blaadje als een bom in zou slaan. Nu moest ze met haar rare Glorixkuifje wat excuses stamelen tegen een Kamer die vooral diep medelijden met haar had. Is er niet iemand die mevrouw Verburg naar huis wil roepen? Dat het beter is voor haar als ze uit de politiek stapt.

Ik weet nog wel wat politici bij wie ik hoop dat ze thuis harder nodig zijn dan op het Binnenhof. Mevrouw Balkenende: dit is een heuse hint!

Het Binnenhof, waar in 2008 Hans van Mierlo struikelde over een rode loper en zijn heup brak.

Mooi symbolisch voor deze aardige man. Struikelen over een rode loper, een ding waar hij zijn leven lang wars van was.

Daarna is het niet meer goed gekomen. Maar hij is in elk geval nooit tuttig teruggefloten door zijn gezinnetje. Als Hans niet aan politiek deed, dan stond hij in de kroeg.

Zoals het hoort bij politici. Daar zijn waar het volk is. En dat is niet thuis.