Is dit een aardbeienwees?

Polen, Roemenen en Bulgaren verdienen in West-Europa veel meer dan in eigen land.

Maar daarvan zijn steeds vaker hun kinderen de dupe, blijkt uit een recent rapport.

Voor miljoenen Oost-Europeanen betekent migratie economische redding. Roemenië was nog niet tot de Europese Unie toegetreden of Alexandrina Ciurea, een 38-jarige alleenstaande moeder, wilde naar Rome vertrekken om er als schoonmaakster te werken. Haar twaalfjarige zoon Stefan vond dat plan van zijn moeder zo erg, dat hij zelfmoord pleegde nog voordat ze weg was. Een jaar later vertrok ze alsnog en liet haar andere twee kinderen achter bij haar vriend, een alcoholist.

De economische drijfveer was te groot. In Rome kon Ciurea met bijna 700 euro per maand drie keer zoveel verdienen als in Roemenië. De tragedie van het gezin-Ciurea, twee jaar geleden opgetekend door de correspondent van The New York Times, is er een waar menig Oost-Europese familie mee te maken heeft. Armoede en werkloosheid dwingen een ouder of beide ouders te migreren naar het welvarende West-Europa en de kinderen blijven verweesd achter, bij vrienden of bij opa en oma. Een deel van de kinderen ontspoort, komt in internaten terecht of schaart zich bij groepen zwerfkinderen op straat.

„Het aantal kinderen dat in Oost-Europa opgroeit zonder ouderlijke zorg, groeit verontrustend snel”, zegt Pieter Omtzigt, Tweede Kamerlid (CDA). Hij schreef voor de Raad van Europa in Straatsburg, een internationale organisatie die de mensenrechten wil bevorderen, een rapport over de problematiek van deze kinderen dat vorige week is verschenen. In totaal zijn er 1,5 miljoen kinderen in Oost-Europa die opgroeien zonder ouders, blijkt uit het rapport ‘Children without Parental Care: Urgent need for Action’. Omtzigt schreef het samen met de World Initiative for Orphans Foundation (WIO), een wereldorganisatie voor wezen.

Sinds de toetreding van de Oost-Europese landen tot de Europese Unie hebben honderdduizenden Polen, Hongaren, Bulgaren en Roemenen hun land verlaten om in het rijke West-Europa hun geluk te beproeven als schoonmaker, als bouwvakker of als aardbeienplukker op het land. Die migratie trekt echter een zware wissel op het sociale leven in het thuisland van de kinderen en creëert een generatie die door sommige sociologen ‘aardbeienwezen’ wordt genoemd. Veel migranten werken in Duitsland, Nederland of Engeland in de land- en tuinbouw waar ze onder andere aardbeien plukken.

Uit het rapport, dat gebaseerd is op onderzoek in tien Oost-Europese landen zoals Servië, Roemenië, Bulgarije en de Tsjechische Republiek, blijkt dat het aantal kinderen dat opgroeit zonder ouderlijke zorg overal in de nieuwe EU-lidstaten speelt. Maar de problemen zijn het schrijnendst in Roemenië. In totaal worden daar 350.000 kinderen getroffen door migratie van een van de twee ouders; bij 126.000 kinderen zijn beide ouders uitgeweken naar het buitenland om te werken. En de helft van deze kinderen is jonger dan tien jaar.

Kamerlid Omtzigt, die sinds een jaar lid is van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa, noemt de situatie van de groeiende groep kinderen die zonder ouders opgroeit „zeer zorgelijk”. En hij verwacht dat deze problematiek door de globalisering en stijgende lokale werkloosheid in de Oost-Europese landen zal toenemen. Een deel van de zwervende straatkinderen komt in de prostitutie terecht of wordt slachtoffer van kinderhandel die van Oost- naar West-Europa plaatsvindt.

„Ook zien we de handel in niet-officiële adoptie toenemen”, zegt Maarten Brekelmans, mensenrechtenactivist en oprichter van WIO, de wereldorganisatie voor kinderen zonder ouderlijke zorg. Zijn organisatie werkt nauw samen met de Verenigde Naties en Unicef.

Volgens cijfers van de WIO is de stijging van het aantal Oost-Europese ‘wezen’ het afgelopen jaar verdubbeld. Dat baseert de stichting onder andere op informatie van Unicef en op cijfers van jeugdzorginstellingen in Oost-Europa. Tegelijkertijd is het lastig om per land aan specifiekere gegevens te komen over de omvang en aard van het probleem, zegt Brekelmans. Het recente onderzoek richtte zich op tien Oost-Europese landen. Met dit onderzoek in de hand hopen Brekelmans en Omtzigt bij de Raad van Europa te bereiken dat een onderzoek naar de situatie van ‘wezen’ in alle 47 Europese lidstaten van de Raad wordt ingesteld.

CDA-Kamerlid Omtzigt hoopt dat als het rapport binnenkort door de Raad van Europa wordt besproken, lidstaten zullen ijveren voor verbetering van de omstandigheden van deze kinderen die zonder hun ouders opgroeien. „De Verenigde Naties hebben richtlijnen opgesteld waaruit blijkt dat als er geen ouders zijn om kinderen op te voeden, pleegzorg de voorkeur verdient. Daar moet hard aan gewerkt worden. Het probleem is fors en wordt behoorlijk onderschat. De kosten, ook in menselijk leed, betaalt iedereen anders nog vele jaren.”