Flink erop los rammen

Het Utrecht Jazzfest duurt nog tot en met morgen.

Voor wie het benauwd krijgt van jazz is er I Hate Jazz. Met bands die jazz brengen met een punkattitude.

De band Jean Louis vervormt zijn muziek live. „Zo kan de trompet ineens klinken als gitaar.” Foto SJU

Woest en goed dwars. Dat wordt het met de bands Puma, Jean Louis, McPhee/Corsano en trioVD in het ‘rebelse’ anti-jazz onderdeel van het Utrecht Jazzfest dat nog tot en met morgen duurt: I Hate Jazz. Deze bands, die met een been in de jazz staan maar ook een soort punkattitude hebben, zijn bedoeld als lokker ‘voor wie het van jazz doorgaans benauwd krijgt’, aldus de organisatie.

Of iets mooi is, is natuurlijk zo subjectief als wat. Maar wars van hokjesgeest, clichés en etiketten zijn dit zeer expressieve jazznoisebands die er, zou je kunnen zeggen, gewoon flink op los rammen. „Pure, esthetische jazz zegt ons niet zoveel”, vertelt bassist Joachim Florent van de Franse band Jean Louis. Dit trio is afkomstig uit de experimentele Parijse scene met hoogst dwarse beuk-in-je-gezichtmuziek.

Tussen rock, metal en jazz slingert dit bandje van maatsoort naar maatsoort. Het is explosief en knap hoekig. Terwijl drummer Francesco Pastacaldi patent heeft op de meest tegendraadse ritmes, slaat Joachim Florent ondertussen woest met zijn strijkstok op de snaren van zijn contrabas. Aymeric Avice blaast op zijn beurt op trompet droge lijnen: kort stotend, lang en razend.

„Weg met de allesoverheersende genres”, roept ook gitarist Stian Westerhus van de Noorse groep Puma. „Onze muziek vraagt om oren die wijd openstaan.” Experimentele jazzstructuren worden door Puma gevuld met flarden elektronica en stevige noiserock. Het dondert en woelt binnen Puma, maar er zijn ook ambient-achtige soundscapes. Ja, ook dit is muziek waar je moeilijk warm van wordt, die nergens echt swingt, die als een woeste stormzee tegen de rotsen slaat. Gitarist Westerhus laat zijn riffs met kracht gieren over de synthesizerklanken van Øystein Moen. Drummer Gard Nilssen brengt de boel tot een kookpunt met dreunende beats. „Eigenlijk horen we nergens bij”, stelt Westerhus vast. „En dat voelt heel comfortabel en vrij.”

Hoewel dit soort vrije bands hun muziek niet als jazz ziet, speelt improvisatie een grote rol. „Onze composities worden ontwikkeld tijdens vrije improvisaties”, legt Joachim Florent van Jean Louis uit. „Dat begint meestal met een urenlange jam op een bepaald ritme. Langzaam zie je dan riffjes, een melodie of harmonieën ontstaan. We smeden net zo lang tot het een behoorlijke song is.”

Ook het Noorse Puma, waarvan de leden eveneens spelen in bands van de Noorse jazzpionier Nils Petter Molvaer en Jaga Jazzist, spreekt niets van tevoren af. „We hebben het er nooit over wat we gaan doen op het podium”, zegt Westerhus. „Er zijn gewoon geen spelregels binnen Puma. Alle noten horen bij de muziekstroom. ”

Voor zowel het Franse Jean Louis als het Noorse Puma geldt dat hun eclectische, heavy stijl breed beïnvloed is. Voor Jean Louis zijn dat uiteenlopende namen als Meshuggah, Zu, Miles Davis, Aka Pygmies, The Roots en Fred Frith. Ook Puma laat meerdere smaken horen: van black metal tot roze bubblegumpop, en soms zelfs gelijktijdig binnen een song. Stian Westerhus: „Het maakt ons echt niet uit waar het vandaan komt, of het nou goed is volgens de muziekpolitie of slecht. Met kleine, willekeurige deeltjes creëren we nieuwe muziek die nog nergens op lijkt.”

Een andere overeenkomst tussen Jean Louis en Puma is het uitdagende instrumentarium. De Franse musici spelen op trompet, bas en drums. De experimenteerdrift wordt aangewakkerd door een lading versterkers en apparaten die het geluid van alle instrumenten manipuleren. Florent: „Met allerlei technische snufjes kunnen we niet alleen harder spelen, maar we vinden ook steeds weer andere, onverwachte geluiden. Zo kan de trompet ineens klinken als een gitaar.”

In Puma smeden gitaar, synthesizers en drums een gevarieerd geluidenpalet. Westerhus: „Eigenlijk hebben we geen enkel respect voor onze instrumenten in termen van hoe ze zouden moeten klinken. Soms staat alles, met opzet, zo verkeerd mogelijk afgesteld, zodat het vanzelf weer iets totaal nieuws wordt. Op onze nieuwe plaat bijvoorbeeld klinken de drums via de gitaarversterkers en zijn akkoorden doorspekt van elektrisch gezoem, terwijl een gigantisch kerkorgel doorspeelt. Het is een bijna surrealistische kijk op muziek.” De opnames voor het nieuwe vierde album dat binnenkort uitkomt zijn achteraf ook nog flink gemanipuleerd. „We blijven filteren en zeven.”

Dat de bands headliners zijn in het Utrechtse anti-jazzprogramma vinden beide bandleiders wel een amusant gegeven. „Maar wij zijn zeker niet anti-jazz”, zegt Florent van Jean Louis. „De muziek van Miles Davis, John Coltrane en Charles Mingus legde ook bij ons een muzikale basis. Wat wij echter niet willen is terugblikken op het verleden zoals je toch nog veel jazzbands vandaag de dag ziet doen. Dat leidt wat ons betreft tot traditioneel gespeelde, keurige muziek die prima past bij een cocktailparty. Wij laten ons door niemand opleggen wat we spelen en kijken alleen maar vooruit. Dat er dan ook ook nog mensen zijn die dat interessant vinden is mooi meegenomen.”

In zijn vierjarige bestaan is het Franse trio op steeds weer andere podia te horen; van jazzclub tot alternatieve rockfestivals. Er komt telkens ander soort publiek af op de concerten, is de constatering. Dat geldt ook voor Puma. „Juist dit soort avonden met alles behalve traditionele jazz trekt een nieuw publiek dat op zoek is naar expressieve, verrassende muziek”, zegt Westerhus. „Het positieve daaraan is dat deze luisteraars in elk geval niet deelnemen aan de discussie of iets jazz is of niet. Het doet er simpelweg niet toe.”

I hate Jazz! vanavond in het SJU Jazzpodium. Meer informatie op utrechtjazzfest.nl