Kritiek op Nigeria om bloedbad in Jos

De Nigeriaanse autoriteiten zijn nationaal en internationaal zwaar gekritiseerd vanwege het bloedbad afgelopen zondag nabij de stad Jos. Meer dan tweehonderd overwegend christelijke burgers werden die dag omgebracht door een groep van vooral islamitische omwonenden.

Volgens gouverneur Jonah Jang van Plateau State, de deelstaat waarvan Jos de hoofdstad is, hebben plaatselijke legerleiders aanwijzingen over het ophanden zijnde geweld genegeerd. Jang behoort tot het christelijke bevolkingsdeel dat in bestuurlijk opzicht dominant is in Jos. Moslims beschuldigen hem van partijdigheid.

De Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties, Navi Pillay, heeft er op gewezen dat in Jos al een avondklok gold sinds gewelddadigheden tussen bevolkingsgroepen in januari. De vraag is volgens Pillay hoe de aanvallers toch konden toeslaan. Overlevenden hebben geopperd dat de aanvallers passieve steun kregen van het leger en de politie.

Het leger had vanmiddag nog niet gereageerd. De politie heeft de beschuldigingen weersproken.

De Verenigde Staten hebben er bij monde van minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton op aangedrongen de daders van het geweld spoedig te berechten.

Waarnemend president Goodluck Jonathan van Nigeria ontsloeg maandag, een dag na het geweld, de nationale veiligheidsadviseur. Sarki Mukhtar was een vertrouweling van Umaru Yar’Adua, de ernstig zieke president die vorige maand door Jonathan werd vervangen. (AFP, Reuters, AP, BBC)