David Cameron kiest een verkeerde partner

De lijstverbinding tussen de Britse Conservatieven en een kleine partij in Noord-Ierland blijkt een ongelukkige greep.

Na 38 jaar krijgen de Noord-Ieren volgende maand eindelijk weer zelf de controle over de politie en het justitiële apparaat in hun regio in handen. Het Noord-Ierse parlement keurde gisteren met een ruime meerderheid – 88 van de 105 stemmen – een overeenkomst goed om de verantwoordelijkheid over politie en justitie over te hevelen van de centrale regering in Londen naar de Noord-Ierse autoriteiten.

Daarmee is een laatste belangrijke stap gezet in het vredesproces dat inmiddels zo’n vijftien jaar loopt. „Vandaag heeft de politiek van de vooruitgang eindelijk de plaats ingenomen van de politiek van de verdeeldheid”, constateerde de Britse premier Gordon Brown. Zijn Ierse collega Brian Cowan, die de laatste weken samen met Brown nauw bij de onderhandelingen over de kwestie was betrokken, sprak van een „historische” stemming.

Dat de politiekwestie nog altijd gevoelig ligt, bleek intussen uit de opwinding over het feit dat de steun voor de overdracht van de bevoegdheden niet unaniem was. De Ulster Unionist Party (UUP), een kleinere, doorgaans tamelijk gematigde protestantse partij, stemde gisteren tegen. Volgens haar is het te vroeg de controle over de politie al over te dragen aan de Noord-Ieren zelf.

Vooral de Democratische Unionistische Partij (DUP), veruit de grootste protestantse partij, hekelde het UUP-standpunt. Volgens haar handelde de partij uit opportunisme en negeerde ze het belang van Noord-Ierland. Geheel onbaatzuchtig was die kritiek niet. De DUP-leiding vreest dat een deel van de eigen aanhang, die de politie liever aan Londen overlaat dan medezeggenschap daarover aan de katholieken te gunnen, bij de volgende verkiezingen naar de UUP overloopt.

Ook anderen baarde de tegenstem van de UUP zorgen. De vorige Amerikaanse president, George W. Bush, belde vorige week vrijdag de Conservatieve leider David Cameron zelfs speciaal op om er bij hem op aan te dringen de UUP alsnog tot andere gedachten te brengen. Bush richtte zich tot Cameron omdat de Conservatieve Partij, die zelf overigens vóór de overdracht van de controle over de politie is, vorig jaar een lijstverbinding met de UUP is aangegaan voor de komende Lagerhuisverkiezingen. Cameron hoopte daarmee aan te tonen dat zijn partij ook buiten Engeland een vuist kan maken.

Het blijkt echter een ongelukkige greep van de Tories. UUP-leider Reg Empey gaf Cameron nul op het rekest en daarmee staat Cameron lelijk te kijk. De vraag rijst wat de waarde is van de alliantie, nu beide kanten het over zo’n fundamenteel punt als de controle over de politie oneens zijn.

Waarom bovendien is de Conservatieve Partij in zee gegaan met zo’n relatief kleine partner in Noord-Ierland, waar grote regionale partijen vanouds de toon aangeven? Ze maakt zich er slechts kwetsbaar mee voor het verwijt van partijdigheid. Mocht Cameron na de Lagerhuisverkiezingen van dit voorjaar Brits premier worden, dan kan het lastiger zijn voor hem dan voor zijn voorgangers als een betrekkelijk neutrale arbiter op te treden in het geval van nieuwe problemen in Noord-Ierland. En ondanks het akkoord over de politie durft nog niemand met zekerheid te zeggen dat die problemen definitief achter de rug zijn.