Indirect overleg Palestijnen en Israël, agenda onbekend

Nieuwsanalyse

Israël en de Palestijnen starten indirecte onderhandelingen over vrede. De vooruitzichten zijn niet gunstig.

Voor het eerst sinds ruim een jaar gaan Israël en de Palestijnen weer onderhandelen over vrede. De Amerikaanse vice-president Joe Biden, die op bezoek is, noemde het meteen „een kans op echte vrede”.

Er is de Amerikanen veel aan gelegen de stroeve gesprekken tussen Israël en de Palestijnen enigszins op gang te brengen. Na zware druk op met name de Palestijnse president Abbas wist de regering-Obama de partijen te verleiden tot een compromis: er komen geen gesprekken, alleen ‘indirecte onderhandelingen’, niet langer dan vier maanden. Ze beginnen waarschijnlijk volgende week.

Het nieuws werd bekend vlak nadat Biden in Israël was aangekomen, en hij gebruikte het ten volle om dit resultaat als een grote stap voorwaarts te presenteren. President Obama maakte na zijn aantreden, begin vorig jaar, van het oplossen van het Israëlisch-Palestijnse conflict een topprioriteit. Maar resultaten zijn niet geboekt.

Waar de indirecte gesprekken, onder Amerikaanse bemiddeling, over zullen gaan, weet niemand. De standpunten zijn bekend. De Palestijnse onderhandelaar Saeb Erekat gaf de Amerikanen deze week ten overvloede een document met daarin de Palestijnse wensen: een onafhankelijke Palestijnse staat in de bezette Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook, met Oost-Jeruzalem als hoofdstad. Alleen bij hoge uitzondering mogen hier en daar joodse nederzettingen blijven bestaan, mits gecompenseerd met landruil.

De Israëlische premier Netanyahu is tot nu toe alleen in woorden bereid geweest tot de stichting van zo’n staat, mits gedemilitariseerd. Netanyahu zei vlak na zijn aantreden bereid te zijn geen nieuwe nederzettingen te bouwen. Maar tot ontruiming van de ruim 200 nederzettingen in bezet gebied met circa een half miljoen inwoners, die een Palestijnse staat onmogelijk maken, is hij niet bereid. Oost-Jeruzalem opgeven is onbespreekbaar. Volgens internationaal recht zijn de nederzettingen illegaal.

Netanyahu maakte deze week nog eens duidelijk wie de baas is op de Westelijke Jordaanoever. Zijn regering gaf toestemming voor de bouw van 112 nieuwe appartementen in de nederzetting Beitar Illit. Dit was in strijd met zijn eigen, tijdelijke bevriezing van de bouw in nederzettingen, die door tal van uitzonderingen toch al niet veel voorstelde. Netanyahu gaf veiligheidsredenen als motief, en zei dat zulke uitzonderingen geoorloofd zijn. Het lijkt sterker op een signaal aan de buitenwereld dat hij, en niemand anders, de toekomst bepaalt van de Westelijke Jordaanoever.

Netanyahu is bereid te praten met de Palestijnen, hij weet dat zijn positie sterk genoeg is om niet te hoeven toegeven. Tegelijk hoopt hij de Amerikanen te vriend te houden, omdat hij hen nodig heeft in zijn campagne tegen het atoomprogramma van Iran.

De Palestijnen zijn huiverig voor hervatting van onderhandelingen. Sinds de Oslo-akkoorden van begin jaren negentig is er vaker direct onderhandeld, zonder enig resultaat. De Palestijnse bevolking, al heel wat illusies armer, gelooft er niet meer in. President Abbas moet daarom uitkijken zichzelf niet te kijk te zetten als een loopjongen van de Verenigde Staten en Israël. Dat kan de president zich met zijn wankele machtsbasis niet veroorloven.