Gezocht: een alternatief voor stiefmoeder

Twee vragen van lezers: over een beladen woord en een vreemde uitdrukking.

Tijd voor enkele vragen van lezers, want dat is al even geleden. Eerst een lange vraag die bij meerdere lezers speelt, want de vraag is me vaker gesteld. „Mijn ouders zijn gescheiden”, schreef iemand, „en mijn vader heeft al heel lang een nieuwe partner. Samen met de vriendin van mijn vader ben ik op zoek naar geschikte nieuwe woorden die omschrijven wat wij van elkaar zijn. Vaak, als wij ons ergens introduceren, vragen mensen dit. Het is dan altijd lastig om het in één woord te zeggen. Vaak zegt zij zoiets als: ze is de dochter van mijn partner. En ik zeg: ze is de vriendin van mijn vader. Wij wilden graag woorden die onze relatie tot elkaar omschrijven, zonder dat via mijn vader te doen. Het begon voor ons allebei natuurlijk via mijn vader, maar inmiddels hebben wij ook met zijn tweeën een relatie opgebouwd. Stiefmoeder en stiefdochter vinden we allebei te negatief klinken, dus kwamen we uit op derde ouder en bonusdochter. Ik ben heel erg benieuwd wat andere mensen hiervoor bedacht hebben.”

Stief- betekent oorspronkelijk ‘zonder bloedverwantschap’. Het is een woord dat we al vanaf de dertiende eeuw kennen. Je zou denken dat stiefmoeders vooral sinds de sprookjes van Grimm, gevolgd door allerlei Disneyfilms, een slechte reputatie hebben, maar we vinden de combinatie boze stiefmoeder al in 1656 bij Vondel („de booze stiefmoêr mengt vergift in eekelbroot”). Stiefmoeders hebben dus al heel lang een imagoprobleem, ondanks alle lieve en goede stiefmoeders die er ook altijd geweest moeten zijn.

Een mooi aspect van de vraag vind ik: we willen onze relatie tot elkaar omschrijven, zonder dat via mijn vader te doen – een toevoeging die ook de emancipatie recht doet. Zelf heb ik geen oplossing. Zolang mensen woorden als stiefmoeder vermijden omdat dit een negatieve bijklank heeft, blijft die bijklank natuurlijk bestaan. Je zou ervoor kunnen kiezen om stiefmoeder en stiefdochter (etc.) juist als geuzennaam te gebruiken, maar lastig is dat wel, want stiefmoederlijk heeft sowieso een negatieve betekenis, namelijk ‘liefdeloos, hardvochtig’. De Grote Van Dale geeft als voorbeeldzinnen: „Ze werden maar stiefmoederlijk behandeld” en „de natuur heeft deze landstreek stiefmoederlijk bedeeld”.

Derde ouder zou bij mij meteen vragen oproepen: genetisch bestaan wij doorgaans uit het erfelijk materiaal van een man en een vrouw, en het is een beetje moeilijk voor te stellen wat hierbij de rol kan zijn geweest van een ‘derde ouder’.

Nou ja, gezien het kolossale aantal scheidingen en de talloze gemengde gezinnen moet de vraag zich bij veel mensen voordoen. De woordcombinatie gemengd gezin is overigens al in 1935 aangetroffen, maar het betrof hier een religieus mengsel: een gezin met een katholieke en een gereformeerde ouder – zoals bekend voorheen beschouwd als een duivelse combinatie. Alle alternatieven voor stiefmoeder, stiefvader, stiefzoon en stiefdochter zijn welkom via www.nrc.nl/woordhoek.

De tweede vraag is van andere orde: „Ik kan er geen chocola van maken heb ik altijd een merkwaardige uitdrukking gevonden en ik vraag me af waar die vandaan komt.” Het curieuze van deze uitdrukking is dat zij nog erg jong is. De vroegste vindplaats is voorlopig een bundel van Simon Carmiggelt uit 1971, getiteld Gewoon maar doorgaan. Daarin lezen we: „Ook de portefeuille met aantekeningen. Daar kan hij vast geen chocola van maken.”

Reacties graag opsturen naar sanders@nrc.nl