'Wat koop ik voor die wijsheid?'

De schrijver Gerard Kornelis van het Reve (1923-2006) woonde 7 jaar in Friesland.

Over die periode maakten zijn vrienden van toen een fotoboek en een expositie.

„Er rust hier een zegen op het land & de mensen; ik zal hier zeer goed kunnen werken”, schreef Gerard (Kornelis van het) Reve mei 1964 in een brief. Hij was net van de ‘verdoemde stad’ Amsterdam verhuisd naar Greonterp, een katholiek gehucht in Friesland. De schrijver had er een daglonershuisje betrokken met zijn nieuwe vriend Willem Bruno van Albada, die hij de bijnaam ‘Teigetje’ gaf, en zijn lievelingskater Knorretje Panda.

Aanvankelijk noemde Reve het huis naar de Friese senator Hendrik Algra (ARP), die, door te fulmineren tegen de ‘godslasterlijke’ inhoud, van Op Weg Naar Het Einde onbedoeld een succes had gemaakt – en zo, volgens de schrijver, de aankoop van het huis voor 2500 gulden had mogelijk gemaakt. Maar het werd ‘Het Gras’, naar de psalmregel Het gras verdort, de bloem valt af, maar het Woord van onze God houdt eeuwig stand. Reve en Van Albada woonden er zeven jaar; de laatste twee jaar met Hendrik Lambertus van Manen, bijgenaamd ‘Woelrat’.

Bij Reves vertrek bleven zijn twee jonge vrienden bij elkaar. Onder de naam Teigetje en Woelrat richtten ze een modemerk op. En nog altijd koesteren ze de ménage à trois in Friesland. Naar de overtuiging van Willem Bruno en Hendrik van Albada, zoals ze nu officieel door het leven gaan, was in Reves leven deze periode „eigenlijk de gelukkigste”.

Negenendertig jaar nadat ze gedrieën in het huwelijk traden („Ons trouwen houdt niet meer in dan het kopen van drie eenvoudige gouden trouwringen bij juwelier Repko in Sneek”), openbaren de ‘Lieve Jongens’ van Reve tientallen privé-foto’s uit die tijd: op een tentoonstelling in museum Tresoar te Leeuwarden, die gisteren werd geopend, als ook in het boek Huize Het Gras.

Deze foto’s, deels gemaakt met een Afga Clack, tonen het sobere isolement dat Reve zichzelf oplegde in de cruciale jaren van zijn schrijverschap. In Huize Het Gras schreef hij Nader tot U, De Taal der Liefde, Veertien etsen van Frans Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders Verklaard en een groot aantal gedichten. Van zijn dagelijks leven deed hij verslag in vele brieven. Aan CRM-minister Marga Klompé, van wie hij in 1969 de P.C. Hooft-prijs ontving, schreef hij: „Zoals U weet, ben ik niet geheel goed bij het hoofd. Sedert mijn delirium van 1966 is in mijn kop iets losgeraakt, wat op een andere plaats zich weer heeft vastgezet.”

Reve had in dat jaar zwaar gedronken onder druk van het ‘Ezelsproces’, een rechtszaak waarin hij van godslastering werd beschuldigd, en een „bezeten, uitzichtloos liefdesavontuur”. In de trein op weg naar Friesland raakte hij in een angstpsychose, waarna hij werd opgenomen in het Wilhelmina Ziekenhuis in Assen. Een foto uit 1967 van een rij lege melkflessen op de muur rond het huis getuigt van een ‘karnemelkkuur’ waaraan de schrijver zich onderwierp.

Maar de abstinentie was nooit van lange duur. Menigmaal bezocht hij per bromfiets in het naburige Pingjum kunstenaar Frans Lodewijk Pannekoek, bijgenaamd ‘Bullie van der Knaak’, om samen ‘het wereldraadsel op te lossen’. Van Albada, die wist dat dit gepaard ging met jenever, haalde dan ’s avonds met de besteleend vriend en brommer weer op. Reve noemde dat ‘Operatie renpaard’.

In Het Gras werd veel gemetseld, getimmerd en geschilderd. Lichamelijk werk was heilzaam voor de wankelmoedige schrijversgeest, constateert Van Albada in zijn liefdevolle bijschriften. Zelf mocht hij nergens aankomen, noteert hij, want volgens Reve was dan „alle werk verkankerd”. Op de gevel bracht Reve eigenhandig een steen aan met de naam van het huis, met daaronder: Jesaja 40,8. Zijn ex-vrouw Hanny Michaelis, met wie de schrijver een gespannen vriendschap onderhield, zei nadat de specie was gedroogd: „Het hoort 40:8 te zijn.” „Ja”, riep Reve nijdig uit, „maar wat koop ik voor die wijsheid!”

In het boek staan ook foto’s van buren, onder wie Sjuwke Hofmeijer, zuster van de in de oorlog neergeschoten jongen uit het gedicht Graf te Blauwhuis („Dat Koninkrijk van U, weet U wel, wordt dat nog wat?”). Een aan haar geschonken exemplaar van Nader tot U vond Reve voor de deur terug met een briefje dat zij en haar man ‘dit soort boeken niet willen lezen’. Daar stonden warme contacten tegenover. Reve organiseerde bij het 25-jarig huwelijksfeest van andere buren een regen van cadeautjes, geworpen uit een door Frans Pannekoeks zwager bestuurde legerhelikopter.

Huize Het Gras is een aandoenlijk en bij vlagen hilarisch boek over Reve die zijn vorm gevonden heeft: als pater familias in zijn eerste eigen huis, maar ook als auteur. Aan het eind van zijn Friese periode stelde hij vast: „Ik geloof, dat ik van alles en nog wat gezocht & nagejaagd heb, wat in laatste instantie alleen maar in mijzelf te vinden & te verwerkelijken is.”

Huize Het Gras, Met Gerard Kornelis van het Reve in Greonterp, Teigetje & Woelrat, Uitgeverij Balans, € 19,95. Tentoonstelling Huize Het Gras, over Gerard Kornelis van het Reve in Greonterp. Fries Historisch en Letterkundig en Museum Tresoar, Leeuwarden, t/m 15 mei.

www. tresoar.nlwww.teigetje-en-woelrat.nl