Op zoek naar het grote geld

Het is zover, de High-level Advisory Group on Climate Change Financing is volledig geformeerd. De groep gaat advies uitbrengen over het geld dat de rijke landen (en enkele opkomende economieën) in Kopenhagen hebben toegezegd om klimaatbeleid in arme landen te financieren. Vooral over de 100 miljard dollar die vanaf 2020 jaarlijks beschikbaar moet komen. Het

Voorbeeldproject in Brazilië waar veeteelt, plantages en houtwinning gecombineerd zijn. (Foto AP)Voorbeeldproject in Brazilië waar veeteelt, plantages en houtwinning gecombineerd zijn. (Foto AP)

Het is zover, de High-level Advisory Group on Climate Change Financing is volledig geformeerd. De groep gaat advies uitbrengen over het geld dat de rijke landen (en enkele opkomende economieën) in Kopenhagen hebben toegezegd om klimaatbeleid in arme landen te financieren. Vooral over de 100 miljard dollar die vanaf 2020 jaarlijks beschikbaar moet komen.

Het is inderdaad een hoog gezelschap geworden met – zoals al eerder duidelijk was – de Britse premier Gordon Brown en zijn Ethiopische ambtgenoot Meles Zenawi als duo-voorzitters. Daarnaast zijn Bharrat Jagdeo, president van Guyana, en de Noorse premier Jens Stoltenberg lid.

Verder telt de adviesgroep vijftien ministers en topmensen van financiële instellingen als de Afrikaanse ontwikkelingsbank, de Indiase planningscommissie en de Deutsche Bank. Keurig verdeeld over ontwikkelingslanden en geïndustrialiseerde landen.

Eind van de maand komt het gezelschap voor het eerst bijeen in Londen. Op de klimaatconferentie in Bonn in mei/juni wordt verder onderhandeld. En in november, voor de klimaattop in Mexico, moet het advies klaar zijn. Lees hier en hier meer over de groep.

Ontwikkelingslanden zoeken intussen naar eigen manieren om iets mee te pikken van het vele geld dat nu al in klimaatbeleid omgaat. Vorige week in Nairobi vroegen milieuorganisaties, investeerders en diplomaten zich bijvoorbeeld af waarom Afrika zo’n bescheiden rol speelt in de emissiehandel.

Brazilië mikt op geld dat verdiend kan worden aan de instandhouding van de tropische regenwouden. In de LA Times staat een mooie reportage over hoe deze zogeheten REDD-projecten werken. Aanleiding voor het verhaal is het akkoord dat Brazilië en de VS hebben gesloten over het bestrijden van ontbossing.

Opmerkelijk: vrijwel tegelijkertijd verschijnt dit bericht over de stijging van het Braziliaanse marktaandeel voor de wereldwijde vleesproductie - volgens menigeen een weinig klimaatvriendelijke tak van de landbouw.