Hitlerjugend vierde vakantie bij Britten

Een nieuw geheim wapen van Adolf Hitler baarde de Britse binnenlandse inlichtingendienst MI5 al voor de Tweede Wereldoorlog zorgen: jongens van de Hitler Jugend die fietsvakanties in Groot-Brittannië benutten voor spionage-activiteiten.

Uit archiefmateriaal, dat nu is vrijgegeven, blijkt dat vooral het hoofd van MI5, Vernon Kell, zich hierover destijds het hoofd brak. Hij maande de politie de fietsende leden van Hitlers jeugdbeweging goed in de gaten te houden.

In hoeverre de nazi’s zich van zulke jeugdige spionnen bedienden staat niet vast. Sommigen kozen wel verrassende bestemmingen. Zo bezocht een groepje, met camera’s gewapend, een staalfabriek in Sheffield, anderen een gasfabriek in Glasgow. Anderen beperkten zich tot scholen, Rotary Clubs en kerken, waar ze soms Duitse liederen aanhieven.

Ook de komst in november 1937 van het plaatsvervangend hoofd van de Hitler Jugend, Hartmann Lauterbacher, die zei Engels te willen leren, riep vragen op.

De vrees bij de inlichtingendienst was mogelijk aangewakkerd door een verhaal in een Britse krant over Duitse ‘spyclists’ uit mei 1937. Het blad citeerde een instructie voor fietsers in het buitenland uit een Duits tijdschrift. „Prent in je geheugen de wegen en paden, de dorpen en steden, uitstekende kerktorens en andere markante punten. Maak een aantekening van de namen van plaatsen, rivieren, zeeën en bergen. Misschien kun je die nog eens voor het vaderland gebruiken.”

MI5 slaagde er niet in te achterhalen of deze instructie authentiek was of dat het om een poging van tegenstanders ging de fascistische beweging zwart te maken.

Op hoger niveau ondernamen de Duitsers eveneens stappen, die de Britse autoriteiten verontrustten. De Duitse ambassadeur (en latere minister van Buitenlandse Zaken) Joachim von Ribbentrop sprak met de oprichter van de padvinderij, Lord Baden Powell, over samenwerking met de Hitler Jugend. Baden Powell was zeer te spreken over zijn ontvangst. Maar de Britse regering maakte naderhand duidelijk niets te voelen voor samenwerking.