Wissel hoeft SP niet fataal te zijn

Is de leiderschapswissel dodelijk voor de SP? Emile Roemer, die Agnes Kant opvolgt als fractieleider, zal veel op tv moeten komen. Maar dat kan ook averechts werken.

Kan een onbekende politicus zich in minder dan vier maanden tijd presenteren als de man die Nederland nodig heeft? Veel Binnenhof-watchers denken van niet. Het plotselinge vertrek van Agnes Kant als leider van de SP en haar vervanging door Kamerlid Emile Roemer noemen zij dodelijk voor de partij.

Toch hoeft zo’n leiderschapswissel niet fataal te zijn, zeggen politicologen en enkele prominente SP’ers. De analyse van de wetenschappers: politieke populariteit is vandaag de dag vluchtig en dat heeft ook zo zijn voordelen. Die van de SP’ers: wij zijn een partij van de lange termijn.

„De verkiezingen zijn voor de SP nog niet verloren”, zegt Philip van Praag, politicoloog aan de Universiteit van Amsterdam: „Voorwaarde is wel dat Roemer op de meest uiteenlopende mediaverzoeken ingaat, net als Mark Rutte in aanloop naar de vorige Kamerverkiezingen. Om zijn bekendheid op te poetsen.”

Dat is riskant, zegt Van Praag. „Rutte ging soms te ver, dan werkt het averechts.” Die keer dat de vrijgezel Rutte aan weekblad Privé vertelde dat hij op „sterke carrièrevrouwen” viel als Daphne Deckers, Sacha de Boer en Sophie Hilbrand. Het leverde de relatief onbekende VVD-leider sneren op in gremia waar de Privé niet als courant podium voor politici te boek staat.

Joop Holsteijn, hoogleraar aan de Universiteit Leiden, zegt hetzelfde: het kan nog alle kanten op, al is het risico van een leiderschapswissel extra groot bij een relatief jonge partij als de SP. Holsteijn deed onderzoek naar de slinkende omvang van ‘het vaste electoraat’, mensen die altijd hetzelfde stemmen. Die groep, nu zo’n 10 procent van het electoraat, zit vooral bij de oude partijen. Bij de SP, die pas in 1992 in de Kamer kwam, is dat slechts 2 procent. Naamsbekendheid betekent daarom niets zonder een positieve associatie. Holsteijn: „Iemand kennen is één, erop stemmen twee.”

Enkele historische precedenten kunnen de SP optimistisch stemmen. Holsteijn noemt Ed Nijpels. Hij was vijf jaar Kamerlid toen hij in 1982 Hans Wiegel opvolgde.

Vervolg SP: pagina 3

De inhoud heeft niet geholpen

Met de leus ‘gewoon jezelf kunnen zijn’ won Nijpels’ partij, de VVD, vier maanden later tien zetels. En neem de huidige premier, Jan Peter Balkenende. Toen die fractievoorzitter werd, was hij volstrekt onbekend. Zeven maanden later won zijn partij tien zetels. Conclusie: al is het electoraat nu beweeglijker dan ooit, vluchtige populariteit is geen recent fenomeen. Van Praag brengt Anne Vondeling in herinnering. Vondeling was vier jaar lang „enorm succesvol” als PvdA-leider. Toen trad hij toe tot het kabinet-Cals, als minister van Financiën. Binnen een jaar verspeelde hij zijn imago. In 1966 trad hij vrijwillig terug.

Maar bij Kant ligt het anders. Met het vertrek van Vondeling waren verscheidene PvdA’ers erg blij. „Met het vertrek van Agnes Kant”, bezweert Kamerlid Ronald van Raak, „is niemand blij”. Dat maakt het extra wrang, meent Van Raak. „Als er in de politiek geen plek is voor iemand als Agnes, die louter inhoudelijk gedreven was, dan stemt dat intens droevig, niet alleen voor Agnes. Wilders en Pechtold doen het goed in de media, maar als dat het enige is waar hun winst vandaan komt, hoe blij kan Nederland daar dan mee zijn?”

Een van de oprichters van de SP, fractievoorzitter in de Eerste Kamer Tiny Kox, meent dat de politiek oogst wat ze heeft gezaaid: „De politiek heeft zichzelf in de laatste twintig jaar irrelevant verklaard. Alles aan de markt. Daardoor zijn burgers de politiek gaan bekijken als consument. Sindsdien is optreden in de media essentieel, niet wat een politicus voor elkaar krijgt. Neem Agnes. Zij heeft er eigenhandig voor gezorgd dat er tegenwoordig een Kamermeerderheid is tegen de uitverkoop van de thuiszorg.” Het heeft haar niet geholpen.

Het verlies van Kant valt de SP’ers zwaar, ook na de presentatie van hun nieuwe leider Roemer. Kox: „Ik troost me met de gedachte: als je werkelijk gelooft in de eigen zaak heb je een lange adem. Wij hebben altijd aan de lange termijn gedacht.” Volgens hem gaat het er niet om in hoeveel tv-programma’s Roemer de komende weken gaat zitten. „Alles staat of valt met ons vermogen om burgers te laten kijken naar beleidsvoorstellen en politieke daadkracht. Niet naar de poppetjes.” Van Raak: „De politiek is al lang genoeg een circusact geweest.”