Medewerkers Google zijn onterecht veroordeeld

Onlangs speelden twee kwesties voor de Italiaanse rechtbank. In de eerste kwestie diende Google direct alle geüploade video’s van het Italiaanse mediaconglomeraat Mediaset, eigendom van Berlusconi ,van YouTube te verwijderen. En vier medewerkers van Google zijn veroordeeld voor het handelen in strijd met de Italiaanse privacywet (NRC Handelsblad, 25 februari). Ze hebben een filmpje waarop te zien was hoe een jongen door drie andere jongens mishandeld wordt, doorgelaten.

Deze video is door de jongens zelf op YouTube geüpload en door Google na waarschuwing al na drie uur verwijderd. De medewerkers worden vreemd genoeg persoonlijk aangesproken op het feit dat ze niet (snel genoeg) hadden gehandeld.

Volgens Europese en nationale regelgeving echter zijn bedrijven die ruimte geven aan het doorgeven of toegang verschaffen van diensten van de informatiemaatschappij, de zogeheten hosting providers, niet aansprakelijk voor de inhoud van het materiaal dat de gebruikers plaatsen. Laat staan dat daar een privacymanager en de marketingdirecteur van het bedrijf op aangesproken zouden kunnen worden. Wel hebben de hosting providers de plicht om, als zij op de hoogte worden gebracht van onrechtmatige inhoud, deze zo snel mogelijk te verwijderen. Het lijkt mij dat Google in dit geval daaraan heeft voldaan.

Deze bepaling is juist zo belangrijk omdat degene die ruimte biedt aan de vrijheid van informatie en meningsuiting door het bieden van een platform dat hij niet controleert, niet kan worden aangesproken op die inhoud. Ook een zoekmachine mag niet op de gevonden resultaten of de inhoud van de getransporteerde informatie worden aangesproken. Wie zou het in zijn hoofd halen een transportbedrijf de inhoud van al zijn pakjes te laten controleren?

Google heeft de verstandige stap genomen om in beroep te gaan. Het zou voor de vrijheid op internet en de vrijheid van meningsuiting en de geloofwaardigheid van het Italiaanse rechtssysteem goed zijn als deze uitspraak van de Milanese rechtbank zo snel mogelijk vernietigd wordt.

Rob van den Hoven van Genderen

Computer Law Institute, faculteit rechtsgeleerdheid Vrije Universiteit