'Ik moffelde mijn vader niet weg'

De vader van Hannele Everts (1953) poseerde maar één keer met haar. ‘Ik denk dat hij zichzelf er te oud vond uitzien; hij was behoorlijk ijdel.’

‘Gunilla Idman heette mijn moeder. Ze werd ge boren in de buurt van Helsinki. Ze was geen echte Idman, al heeft ze lang gehoopt van wel. Haar biologische moeder was ongewenst zwanger en heeft haar aan een oudtante moeten afstaan. Die bracht mijn moeder naar een kindertehuis, waar ze werd opgehaald door Hertta Idman: danseres, kledingontwerpster en dochter uit een voorname Finse bankiersfamilie.

„Hertta Idman was ongehuwd. Een paar jaar na mijn moeder adopteerde ze nog een meisje. Als Hertta op tournee was met haar moderne-dansvoorstellingen, liet ze de opvoeding van de kinderen over aan Duitse gouvernantes. Die waren vaak verschrikkelijk. Mijn moeder is geslagen en in een kast opgesloten. Ze durfde het aan niemand te vertellen.

„Toen mijn moeder dertien was, overleed Hertta. Mijn moeder heeft aan haar sterfbed gezeten. Daarna kon ze bij haar adoptiefgrootouders terecht. Ze had er een fijne middelbareschooltijd, totdat ze verliefd werd op een jongen van lagere komaf: dat was niet de bedoeling. Mijn moeder werd op de boot naar Nederland gezet, kwam bij een tante te wonen, en ging daarna naar de verpleegstersopleiding in Den Haag.

„Mijn moeder was een gangmaakster, altijd in voor een geintje. Ze had veel vriendinnen. Nederlandse jongens van haar eigen leeftijd vond ze niet interessant; ze had al zo’n roerig leven achter zich. Op een dag zat ze in een vol cafetaria op iemand te wachten, toen een oudere man in legeruniform haar vroeg of de stoel naast haar nog vrij was. Hij nam plaats: hij was vlot, charmant. Mijn moeder was 23, en ze viel op hem. Mijn vader was 55, bijna toe aan zijn vervroegd pensioen, vader van vier kinderen van twee vrouwen en verwikkeld in een echtscheiding.

„Hun huwelijk moet in het begin een groot feest geweest zijn. Daarna braken zware tijden aan. Er was weinig geld, ze verhuisden vaak, en ze kregen in zeven jaar vier dochters. Ik was de eerste. Na de geboorte van mijn zus Asta, anderhalf jaar later, werd mijn vader ziek. Hij had medicijnen gekregen tegen spit, maar bleek allergisch voor penicilline te zijn. Hij raakte in coma, en toen hij daaruit ontwaakte was het opeens een oude man. Fysiek kon hij weinig meer, en dat kon hij slecht verdragen.

„Mijn vader was altijd thuis. Hij sliep ’s ochtends uit, hij puzzelde, hij las. Hij bemoeide zich niet veel met het gezin, maar als hij het deed, was hij streng. Hij liet ons rijtjes moeilijke woorden leren, en dan werden we overhoord: gobelin, équilibriste… Mijn moeder liet hem ook alle geldzaken regelen, dan had hij iets aan zijn hoofd. Zij zorgde voor het huishouden en sprak vaak buiten de deur met vriendinnen af.

„Dit is de enige keer dat mijn vader samen met mij geposeerd heeft. Later wilde hij niet meer met ons op de foto. Ik denk dat hij zichzelf er te oud vond uitzien; hij was behoorlijk ijdel. De vriendinnen van mijn moeder waren gek op mijn vader, want hij was een ouderwetse gentleman. Buiten droeg hij altijd een hoed, die hij afnam voor elke vrouw die hij tegenkwam. Hij kon ook prachtig verhalen vertellen. Hij was de oudste zoon van een Amsterdamse drukker en uitgever. Om aan het familiebedrijf te ontsnappen, ging mijn vader naar de militaire academie; hij klom op tot luitenant-kolonel. Als hij over zijn jaren in Indië begon, hingen we allemaal aan zijn lippen.

„Ik was een jongensachtig meisje, wild en druk. Mijn vader had daar moeite mee. Soms was ik wel jaloers op vriendinnen die jonge, actieve vaders hadden, maar ik moffelde de mijne niet weg. Als iemand vroeg: ‘Is dat je opa?’, werd ik ontzettend kwaad. Ik was trots op hem.”

Ze vertelt gehaast – als haar man zo voorrijdt moet ze mee naar de notaris, om het koopcontract van het appartement voor hun twee dochters te ondertekenen. Het huis zal wel stil worden, straks. Maar het was tijd.

Heeft u ook een interessante familiefoto?Mail naar weekblad@nrc.nl