De mollen komen naar boven

Maart is de maand van soms wat zon en dan weer hagel. Voorzichtig komen de eerste bloemen uit de grond en ook de mollen komen omhoog. Omhoog? Ja, en dat zie je aan hun hopen.

Het wordt lente, dus in de natuur is veel te zien. Zingende vogels, krokussen en... molshopen! Kijk maar eens in een weiland of in het park.

De meeste mensen letten alleen op mollen als die een pas gemaaid gazon ‘gemold’ hebben. Dan worden ze chagrijnig en komen ze met de mollenklem. Jammer, want mollen zijn bijzondere dieren. Elke mol leeft in zijn eigen gangenstelsel. Je ziet alleen een paar molshopen, maar dat gangenstelsel kan wel 250 meter lang zijn. En dat voor een beestje van hooguit 15 centimeter!

De hele dag rent een mol door zijn gangen, op zoek naar beestjes die de gangen ingekropen zijn. Wormen, larven en torren zijn de klos. Mollen zijn bijna blind, maar ze kunnen wel goed ruiken.

Op een gewone dag hoeft een mol dus geen nieuwe gangen te graven. Dat doet hij pas als hij zijn eten achterna moet. Nu is het zo ver. De hele winter hebben de beestjes diep in de grond gezeten, want daar is het warmer. Daar zitten de mollen dus ook.

Als het gaat dooien, kruipen de diertjes omhoog, en de mol gaat ze achterna. Hij schuift de grond voor zich uit en aan het eind maakt hij een molshoop. Maart is mollenmaand!

Met ‘molshopen spotten’ kun je vanaf deze week zelfs een onderzoeker helpen. Er is een speciale mollenwebsite geopend. Daar kun je een stip op de landkaart zetten als je een molshoop gezien hebt.

De onderzoekers van de Zoogdiervereniging willen weten of er écht overal in Nederland mollen zijn. Zouden ze in alle steden en dorpen voorkomen? In het bos? Op de Waddeneilanden?

Heel misschien zie je een levende mol. Als hij (of zij) net zijn kop boven de grond uitsteekt. Of als hij even bovengronds verder moet, omdat er in de gang iets in de weg zit. Maar dan heb je heel veel geluk gehad.

Mol op de kaart: www.zoogdiergezien.nl.