Caféruzieklap

Karel Knip

In een normale caféruzie behelpt de in woede ontstoken stamgast zich met zijn vuisten, zijn voeten en soms wat meubilair. Loopt de kwestie uit de hand, dan kan hij ook glaswerk gebruiken. Uit onderzoek is gebleken dat de glazen waarmee in Britse cafés doorgaans wordt gegooid geen zwaardere klap dan een klap met een energie-inhoud van 1,7 joule doorstaan. De meeste worpen gaan daar overheen en zo komt het dat er nogal wat glazen in gezichten van cafébezoekers uiteenspatten. Het leidt tot steek- en snijwonden waarbij bloedvaten en vitale organen beschadigd kunnen raken. Hoe zwakker het glas, dat wil zeggen hoe lager zijn impact resistance, hoe groter de schade. Het is daarom dat gepleit wordt voor gebruik van steviger glaswerk in cafés waarin nogal eens een natte klap valt. Lees het na in Injury Prevention, 2000, 6, pagina 36.

Volkomen anders ligt het bij de bierfles. De bezwijkweerstand van de bierfles ligt, in energie-eenheden uitgedrukt, vaak boven de 25 joule. Anders dan men zou afleiden uit de beelden van gangsterfilms en dergelijke bezwijken heel veel flessen helemaal niet onder invloed van een caféklap. Dat is niet zo mooi, want de bezwijkweerstand van de menselijke schedel ligt volgens het Journal of Neurotrauma (augustus 1995), afhankelijk van de plaats, tussen de 15 en 70 joule. Er zijn dus bierflessen waarmee men een opponent tamelijk makkelijk de schedel inslaat.

De vraag is: welke flessen zijn dat. En meer in het bijzonder: zit er verschil tussen volle en lege bierflessen. Forensisch pathologen uit het Zwitserse Bern kregen deze kwestie van justitiële zijde voorgelegd en zij hebben het resultaat van een korte verkenning in 2009 gepubliceerd in het Journal of Forensic and Legal Medicine. Het is een van de meest geraadpleegde artikelen uit de tijdschriften van de Elsevierstal en dat zit hem waarschijnlijk in de bizarre uitslag: de volle bierfles breekt makkelijker en daarom is de lege fles gevaarlijker. Want een diepe snijwond is altijd nog minder erg dan een ingeslagen schedel.

De experimenten die de forensisch pathologen Bolliger, Ross, Oesterhelweg, Kneubuehl en professor Thali tot hun zo verrassende inzicht brachten zijn een uitdaging voor elke amateuronderzoeker. Er is niet meer voor nodig dan een plastic babybadje, een plankje, wat klei en een stalen kogel van één kilo. Of iets wat daarop lijkt. En natuurlijk bierflesjes, al of niet gevuld en afgesloten.

Het gaat zo: breng een plakje klei aan op de bodem van het babybad en druk daarin de bierfles. Doe vervolgens ook wat klei bovenop de bierfles en druk daar weer het plankje in vast, zó dat het perfect horizontaal is. Pak dan de stalen kogel en laat die van enige hoogte op de plank vallen. Bolliger, Ross, Oesterhelweg, Kneubuehl en professor Thali gebruikten daarvoor een heel speciale drop-tower, een valtoren, maar wie op een stoel gaat staan komt ook een heel eind. Het gaat erom proefondervindelijk de valhoogte te bepalen waarbij de fles breekt, en bij een kogel van een kilo blijkt dat een paar meter. Bij een kogel van twee kilo maar de helft daarvan.

Men voelt wel aan dat de klei het zachte weefsel rond de schedelbeenderen vertegenwoordigt en dat de plank zelf het schedeldak voorstelt. In feite wordt bij de proef dus de schedel tegen de fles geslagen, maar Newton zou tegen de omkering geen bezwaar hebben. Hoe lang de pathologen Bolliger, Ross, Oesterhelweg, Kneubuehl en professor Thali aan het werk zijn geweest is niet bekend. Maar het is misschien af te leiden uit het aantal flesjes dat ze onderzochten: zes lege en vier volle.

Om kort te gaan: de lege flessen braken bij een inslagenergie van zo’n 40 joule, de volle al bij 30. De waarden zijn als kinetische energie (1/2mv2) waarschijnlijk met de klassieke formule mgh afgeleid uit de valhoogte van de kogel. Die valhoogte was dan 4 of 3 meter. Patholoog Stephan Bolliger heeft er in 2009 de Ig Nobelprijs mee gewonnen. Ook het onderzoek naar de kantelgevoeligheid van hoogzwangere vrouwen is toen beloond. En het ontwerp van de BH die in noodgevallen als veiligheidsmasker is te gebruiken.

Is er kritiek gekomen op het Zwitserse forensisch onderzoek? Zeker. Duitse pathologen uit Bonn hebben erop gewezen dat klappen met flessen zelden fataal zijn en dat er in de zeldzame fatale gevallen zelden sprake is van schedelbreuk. Het kan dus zijn dat de impact resistance van de schedel boven de marge 15-70 joule uitkomt.

Van AW-zijde is er enige aarzeling bij de verklaring die de Zwitserse geleerden gaven voor de breukgevoeligheid van de volle bierflessen. Die komt, denken zij, van de onsamendrukbaarheid van het bier die met zich meebrengt dat een klap onmiddellijk tot drukverhoging en vervolgens makkelijk tot breuk leidt. Bovendien staat de inhoud van een gesloten bierfles onder een koolzuurdruk van ongeveer 2 bar wat de fles al op voorhand verzwakt.

Of het klopt is de vraag. De onsamendrukbaarheid van het bier wordt, lijkt het, adequaat opgeheven door de samendrukbaarheid van de lucht die altijd boven het bier staat. En of een fles onder een bescheiden voorspanning van 2 bar gevoeliger is voor slag of stoot valt ook nog te bezien. De AW-indruk is dat een rauw ei kwetsbaarder is dan een nog warm hard gekookt ei dat ongetwijfeld een hogere inwendige druk heeft. Maar zeker is dat niet. Zou een fles Spa Rood onder druk meer of minder krachtinwerking aan kunnen dan een fles met verschaald spuitwater? Wie het weet mag het zeggen.

Dat flessen waarmee gangsters in films elkaar op het hoofd slaan zo makkelijk uiteenspatten zonder dat er bloed vloeit, komt doordat het glas uit suiker bestaat. Sugar glass. Je zult zien dat er weer Hollandse gangsters zijn die dat nog niet begrepen hadden.