Sterren overbodig

Dj’s en producers van dansmuziek zijn van oudsher gehecht aan hun anonimiteit. Het gaat om de muziek, niet om hun persoon. En toen trof de sterrencultuur ook hun muziek . Maar de anonieme dj keert terug.

De trage, industriële drums en dreigende, analoge synthesizers denderen de zaal in. De lichten schieten zoekend over het dansende publiek dat vanaf de donkere dansvloer met grote aandacht naar de dj kijkt. Dat komt door zijn gestalte: een blanke jongen in een zwart overhemd, met een kaalgeschoren hoofd en een spookachtig rood masker voor zijn gezicht. Redshape is zijn naam en hij komt uit Berlijn. Maar verder is er weinig over deze man bekend. Redshape is een raadsel.

Vanaf het moment dat de technoproducer voor het eerst van zich laat horen in 2006, gaat hij schuil achter een masker. Dat voedt de geruchten over zijn ware identiteit: hij zou een bekende dj en producer zijn die al eerder muziek heeft uitgebracht op labels als Delsin en Music Man. Uit schaarse interviews blijkt dat hij inderdaad al een redelijk succesvolle dj en producer was, voordat hij zijn huidige gedaante aannam.

Redshape heeft de afgelopen jaren snel furore gemaakt en treedt vanavond tijdens 5DaysOff op in Paradiso. Hij maakt een tijdloze, rauwe variant op de techno uit Detroit, de stad waar het genre in de jaren tachtig werd geboren. Toch is Redshape’s muziek geen nostalgische terugblik, eerder een eigentijdse ode aan het analoge en organische Detroit-geluid. Zijn album The Dance Paradox, dat eind vorig jaar uitkwam, eindigde in talloze jaarlijstjes op de eerste plaats. Het mysterieuze masker heeft ongetwijfeld bijgedragen aan zijn succes.

Het is een tijd geleden dat techno gezichtloos was. Het genre heeft een historie van anonieme producers, die zich verschuilen achter hun artiestennaam, niet of nauwelijks interviews geven en tijdens optredens het liefst een masker dragen of gewoon helemaal niet optreden. Redshape staat in de traditie van illustere acts als Underground Resistance, Drexciya, Basic Channel. Anonimiteit blijft overigens niet beperkt tot techno, denk aan het Franse houseduo Daft Punk en of de Britse dubstepheld Burial.

Deze traditie past bij de dj-cultuur. Elektronische muziek is altijd veel gezichtlozer geweest dan andere popgenres. Zeker in de begintijd van house en techno waren producers en dj’s bij het publiek nauwelijks bekend. Maar degenen die bewust anoniem bleven, gingen nog een stap verder: ze zetten zich af tegen de roem van traditionele popsterren.

Mike Banks, die in 1989 samen met Jeff Mills de militante technoformatie Underground Resistance heeft opgericht, was gedesillusioneerd geraakt door de excessen van zwarte popsterren in de jaren zeventig. In een zeldzaam interview met de Amerikaanse tv-zender Current zei hij vanachter een masker: „ Ik heb gezien hoeveel zwarte artiesten beroemd en materialistisch werden, het verklootten, en alles verloren. Hoe we eruit zien moet geen verschil maken. Ik ben niets in vergelijking met de muziek. Hoe kan mijn gezicht belangrijker zijn dan het geluid?”

Underground Resistance presenteerde zich als een soort Public Enemy van de techno. Gekleed als paramilitairen met zwarte bivakmutsen verklaarden ze de oorlog aan de ‘programmeurs’: de mainstream entertainmentindustrie. De boodschap zat niet in de muziek zelf, die bestond immers grotendeels uit agressieve instrumentale technotracks. De militante missie werd in het vinyl geëtst en op de platenhoezen gedrukt zoals op Message to the Majors, een opstoken middelvinger naar grote platenmaatschappijen die technoartiesten contracteerden in afwachting van hun doorbraak.

Voor het invloedrijke technoduo Basic Channel was anonimiteit eveneens een manier om zich af te zetten tegen de traditionele platenindustrie. Inmiddels is bekend dat het duo bestond uit Mark Ernestus en Moritz von Oswald, maar in 1993 was de informatie over Basic Channel net zo schaars als de minimale tracklist op de platen. Hun eerste negen releases waren alleen te herkennen aan het catalogusnummer, want het logo van Basic Channel werd op elke nieuwe plaat nog vager en onleesbaarder gemaakt.

De anonimiteit kwam voort uit de principiële keuze om geen reclame te maken, dus ook geen interviews te geven. Ze vonden het niet nodig om iets te zeggen, want de muziek verklaarde meer dan een interview ooit zou kunnen doen. Deze presentatie paste goed bij de muziek. De dubtechno van Basic Channel is gruizig en minimalistisch, waarbij de verschillende lagen en texturen zich pas bij nadere inspectie openbaren. Met elke release groeide de mythische status van Basic Channel, al weten maar weinig mensen buiten de technoscene van hun bestaan af.

Dat is bij het Franse houseduo Daft Punk wel anders. Guy-Manuel de Homem-Christo en Thomas Bangalter zijn sinds de funky discohouse van hun debuut Homework wereldberoemd geworden. Alleen weten maar weinig mensen hoe ze er uit zien, want vanaf het begin hielden ze hun gezicht verborgen. Eerst droegen ze een masker en op de persfoto’s werd hun gelaat digitaal onherkenbaar gemaakt. Na het verschijnen van het album Discovery droegen ze tijdens fotosessies, interviews en liveshows robotpakken en futuristische sporthelmen.

„We geloven niet in het sterrensysteem”, verklaarde Bangalter hun presentatie in een interview met de Canadese website Canoe. „We willen ons concentreren op de muziek. Als we een imago moeten creëren, dan moet het een kunstmatig imago zijn. Zo verstoppen we ons lichaam en laten we onze visie op het sterrensysteem zien. We denken dat de muziek het meest persoonlijke is dat we kunnen geven. De rest gaat alleen over mensen die zichzelf te serieus nemen, wat erg saai is.”

Inmiddels zijn veel dj’s en producers supersterren, die op de covers van tijdschriften staan en in interviews praten over hun privéleven. Ook de identiteit van Homem-Christo en Bangalter is niet meer zo’n mysterie . En de dj’s van Underground Resistance hebben hun masker al lang geleden afgedaan. Basic Channel is het meest publiciteitsschuw gebleven. Het duo geeft wel interviews, maar nog altijd geldt: geen opnames, geen foto’s en geen rechtstreekse citaten.

De nieuwe generatie anonieme producers, zoals Burial en Redshape, wil terug naar de anonimiteit van de jaren negentig, toen de muziek voorop stond en roem en ego’s geen rol speelden. Burial’s hang naar privacy komt naar eigen zeggen voort uit zijn fascinatie voor het „donkere licht” van de Britse clubcultuur: hoe minder je van de makers weer, hoe meer je de muziek waardeert.

„Daarom houd ik van oude garage- en jungle-tracks, toen je niets van ze afwist en niets tussen jou en de nummers in stond”, zei hij in een interview in de Britse krant The Guardian. „Ik hou van dat mysterie; het was spookachtiger en sexier, het tegenovergestelde van andere muziek.”

Zijn eigen platen zijn een ode aan deze periode: stuiterende garagebeats en donkere baslijnen die kraken als een oude plaat. Af en toe klinken er sterk vervormde divavocalen, als een echo uit de lang vervlogen rave-tijd.

Burial heeft zijn identiteit lang verborgen weten te houden. Hij trad niet op en alleen zijn naaste familie wist dat hij muziek maakte. Met als gevolg dat zijn vrienden soms zijn album opzetten en hij hoopte dat ze er niets negatiefs over zouden zeggen. Maar toen hij werd genomineerd voor de prestigieuze Britse Mercury Music Prize, begon een redacteur van The Sun een campagne om Burial te ontmaskeren. Dat dwong hem uiteindelijk om zijn identiteit prijs te geven op MySpace: hij is Will Devon uit Zuid-Londen.

Ook voor Redshape is het masker een manier om terug te gaan naar de anonimiteit van weleer. Hij is geïnspireerd door de anonieme technoprojecten uit het begin van de jaren negentig. „Het masker symboliseert de onbekende ruimte rondom of achter de muziek en de scene”, zei hij tegen website Resident Advisor. „Het gaat om de manier waarop mensen reageren op mijn identiteit. Het laat meer ruimte open voor ideeën als mensen mijn naam en leven niet verbinden aan de tracks die ik maak.”

Dancefestival 5 days off duurt nog t/m zondag. Programma op www.5daysoff.nlRedshape: 3 maart, Paradiso, 22.00 uur.