Ook bij hertelling is fouten maken menselijk

Het aantal klachten over onregelmatigheden bij het stemmen is toegenomen ten opzichte van eerdere verkiezingen. Al kwam het ‘samen stemmen’ ook al voor tijdens de verzuiling.

De gemeente Rotterdam heeft eergisteren een twijfelachtige primeur op haar naam geschreven. Sinds 1848, toen met een nieuwe Grondwet het nu nog bestaande Nederlandse staatsbestel werd ingericht, is het nooit voorgekomen dat een stembureau werd gesloten en het voltallige bestuur van het bureau moest worden vervangen.

De onregelmatigheden bij het stembureau in de Rotterdamse deelgemeente Delfshaven zijn „heel ernstig”, zegt directeur-secretaris Melle Bakker van de Kiesraad, het adviescollege voor regering en parlement over kiesrecht. „Er gaat altijd wel wat fout, maar deze keer zijn er serieuze zaken gebeurd.”

Niet alleen in Rotterdam was sprake van reuring rond het stembureau. Vanuit het hele land kwamen meldingen van vermeende onregelmatigheden. Kiezers kregen in het stemhokje hulp van stembureaumedewerkers, of diverse mensen bemoeiden zich met het uitbrengen van een stem. In zes gemeenten moesten de stemmen opnieuw geteld worden.

Hulp bij het stemmen is niet altijd verboden. Bakker: „Als een kiezer vanwege zijn lichamelijke gesteldheid hulp behoeft, zoals in de wet staat, mag hij in het stemhokje hulp krijgen. Analfabeten mogen geen hulp krijgen. In de praktijk blijkt dat zij veel per volmacht stemmen.”

Directeur Nel van Dijk van het Instituut voor Publiek en Politiek (IPP), een niet-partijgebonden organisatie die politieke participatie wil bevorderen, zegt dat onregelmatigheden in het stemlokaal geen nieuw fenomeen zijn. „Ook toen er met stemcomputers werd gestemd, en in de tijd daarvoor, gebeurde het geregeld dat er diverse mensen tegelijk in het stemhokje stonden. Dat was en is onregelmatig, waarmee ik overigens niet wil zeggen dat de verkiezingen hierdoor ongeldig zouden zijn. Daar is wel wat meer voor nodig.”

Het is Van Dijk opgevallen dat de beschuldigingen over onregelmatigheden relatief vaak aan het adres van allochtone kiezers zijn gericht. „In sommige bevolkingsgroepen is er sprake van drang om op een bepaalde persoon of partij te stemmen. Dat is overigens een fenomeen dat we kennen uit onze verzuilde geschiedenis. En ook bij deze verkiezingen kregen we een melding van een pastoor of dominee die opriep op een bepaalde partij te stemmen. Het is belangrijk dat we deze groepen kiezers met goede voorlichting bereiken.”

Het afschaffen van de stemcomputer heeft bij deze verkiezing een oud probleem doen terugkeren – menselijke fouten die worden gemaakt bij het tellen van de stemmen. In een gespannen politieke situatie worden dan gemakkelijk beschuldigingen geuit, zegt Van Dijk. „Ik wil Nederland niet vergelijken met Oekraïne, maar je ziet dat wanneer in een opgewonden klimaat een verkiezing too close to call is, de verliezer zal vragen om een hertelling.”

Het is zaak dat een goede stemcomputer gauw het rode potlood vervangt, vindt Van Dijk. „Want ook bij een hertelling kan het weer fout gaan.”

De Kiesraad kreeg dit jaar drie vragen van gemeenten over hertelling. In de jaren tachtig hertelden volgens Bakker tal van gemeenten de stemmen, op grond van kleine verschillen tussen partijen. Dat was in 1989 reden voor een wetswijziging. Alleen als een ernstig vermoeden bestaat dat de stemmen zodanig verkeerd zijn geteld dat de fouten van invloed op de zetelverdeling kunnen zijn, mogen ze opnieuw worden geteld. „Een ernstig vermoeden is meer dan een gerucht”, zegt Bakker.

Eergisteren ontving de Kiesraad 170 vragen van gemeenten, burgers en politieke partijen, 70 meer dan bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen. Bakker: „De meest curieuze was: waar zijn de gordijntjes? Die zijn er nooit geweest.” Sterker nog, gordijntjes zijn verboden.

Hij heeft de indruk dat veel fouten niet te maken hadden met het tellen van de stemmen. „Er waren meer slordigheden, foutjes en onregelmatigheden.” De gemeenten zelf beslissen volgende week donderdag over geschillen over de verkiezingen.

Gemeenten hebben volgens Bakker altijd moeite gehad om stembureauleden te werven. Sinds de Europese verkiezingen van vorig jaar krijgt het opleiden van stembureauleden meer aandacht. Zo krijgen ze een voorlichtingspakket met onder meer een instructiefilm.

De Kiesraad moet deze verkiezingen evalueren. Het zou volgens Bakker heel goed kunnen dat de Kiesraad aanbevelingen tot verbetering zal doen. Wellicht, zegt hij, hebben mensen meer fouten gemaakt dan anders doordat de laatste jaren veel veranderingen zijn doorgevoerd. Overal is nu gestemd met het rode potlood. Bij de Europese verkiezingen, vorig jaar, werd de identificatieplicht ingevoerd.

Volgens Nel Van Dijk van het IPP kampt het Nederlandse kiessysteem met nog een fiks probleem – de machtigingen. „Die zijn gevoelig voor misbruik. Je weet nooit hoe de persoon die met zo’n stempas aankomt bij het bureau eraan gekomen is. En het is ook onduidelijk of hij daadwerkelijk de wens nakomt van degene namens wie hij de stem uitbrengt. Als de verkiezing in juni straks geweest is, moeten we nog maar eens goed nadenken over dit systeem.”