Niets mis mee, hij glimt toch?

Fabrikanten verhullen op de autoshow in Genève de problemen van de industrie met hun nieuwste modellen.

Crisis heet hier ‘uitdaging’.

Geen privévlucht meer, maar gewoon een vliegticket bij het goedkope easyJet. Beter kon Frits Kroymans in zijn eentje de moeilijke situatie waarin de gehele auto-industrie zich bevindt niet laten zien. Tot vorig jaar was Kroymans een gevierd autohandelaar. Zaken door heel Europa, een omzet boven de 1 miljard euro, een mooie privécollectie Ferrari’s en een eigen vliegtuig. Maar toen stortte wegens de recessie de autoverkoop in. De banken wilden hun uitgeleende geld terug en Kroymans ging failliet. En dus kwam hij gewoon per lijnvlucht naar de Autosalon in Genève.

Daar komen deze week alle belangrijke autofabrikanten ter wereld bij elkaar om hun nieuwe en toekomstige modellen te tonen. Het is de jaarlijkse lofzang op de automobiel. Aan de buitenkant is van de moeilijkheden waarin de industrie zit niets te zien. De auto’s glimmen. De modellen die er omheen lopen glimlachen. Er zijn weer hapjes en drankjes. En de crisis heet hier uitdaging. De autoshow is voor sommige fabrikanten een feest van de ontkenning.

Neem Renault, de autofabrikant die vorig jaar met 3 miljard euro van de Franse staat overeind gehouden werd. Geen woord daarover van topman Jérôme Stoll. Ook niet over de ingezakte omzet en het verlies van vorig jaar van ruim 3 miljard euro. Nee, Stoll heeft het over „,innovatie, passie en sensatie”. Dan onthult hij een nieuw model: de Renault Wind, een tweepersoons cabriolet. „Dank voor uw aandacht.”

De crisis zit in de bedrijven. En veel fabrikanten zijn hard bezig zichzelf opnieuw uit te vinden. Fabrikanten verkopen merken aan andere fabrikanten, omdat het ene bedrijf kleiner wil worden en het andere juist groter. Overheden steunen bedrijven die miljardenverliezen lijden. Bijna iedere fabrikant stort zich op het zuinig rijden.

Iets verderop bij Opel begint topman Nick Reilly zijn toespraak over de „herstructurering” van het bedrijf. Hij ontkomt er niet aan. De Amerikaanse eigenaar General Motors heeft bekendgemaakt dat het nog in totaal 1,9 miljard euro gaat steken in het Duitse dochterbedrijf. Dat is volgens Opel goed nieuws voor verschillende Europese overheden: aan hen wordt nu nog slechts 2 miljard staatssteun gevraagd om het bedrijf te reorganiseren. Reilly hoopt dat de overheden nu snel over de brug zullen komen.

Sommige fabrikanten geloven dat ze alleen maar kunnen overleven als ze wereldwijd auto’s kunnen slijten, zoals in China. De economie blijft daar groeien. En hoe meer Chinezen van de groeiende welvaart profiteren, hoe meer westerse auto’s er verkocht kunnen worden. De Chinese automarkt groeide vorig jaar met 45 procent tegenover een krimp van 21,2 procent in de VS en passeerde daarmee de Amerikaanse automarkt als grootste ter wereld; de Europese automarkt kromp met 1,2 procent.

Het merk Peugeot – onderdeel van het Franse autoconcern PSA Peugeot Citroën dat vorig jaar een verlies leed van 1,16 miljard euro – heeft een model ontwikkeld uitsluitend voor de Chinese markt, de Peugeot 408. De zwarte glimmende middenklasser draait rond op een plateau. Een echte Peugeot, op het oog nauwelijks afwijkend van de modellen die in Europa verkocht worden. Zoals op bijna alle auto’s staat achterop de merknaam afgedrukt. Maar op dit model staat hij links in het Chinees en rechts op de standaardwijze. Informatie over dit model is er niet, zegt een Peugeot-voorlichter. „Alleen in het Chinees.”

Bij Saab heerst een juichstemming, omdat ze überhaupt nog bestaan. Op de beurs loopt Spykertopman Victor Muller trots als een pauw heen en weer tussen de stand van Spyker en Saab. Er staat een oud Saab 93, waar op de zijkant zijn naam op is geplakt. Met deze auto gaat Muller in mei een race rijden, staat er bij.

Saabtopman Jan Ake Jonsson maakt bekend dat Saab verder zal samenwerken met het Chinese Beijing Automotive. Het Chinese bedrijf krijgt technologische kennis van Saab. Het Zweedse merk hoopt in China auto’s te kunnen verkopen. Vorig jaar werden er ongeveer 40.000 Saabs verkocht. In 2012 moeten dat er 100.000 tot 125.000 zijn.

Ook Volvo, het andere Zweedse merk dat eveneens in moeilijkheden zit, komt nog dit jaar in andere handen. De huidige Amerikaanse eigenaar Ford wil van het merk af: dat levert geld op. De Chinese fabrikant Geely is de koper.

Maar wat gebeurt er met Volvo als het in handen is van Geely? Volgens Volvotopman Stephen Odell zal er weinig veranderen. Dat zou hem door Geely beloofd zijn. Natuurlijk, hij hoort ook wel eens mensen zich afvragen wat je met een Chinese eigenaar moet. „Wat maakt het uit of je een Amerikaanse eigenaar hebt of een Chinese. Natuurlijk heeft een koper het recht om te doen wat hij wil.”

Bij de grootste autofabrikant ter wereld, het Japanse Toyota, hangt in grote letters een leus van oprichter Kiichiro Toyoda aan de muur. Hij roept daarin alle werknemers op om samen superieure auto’s te ontwikkelen. De laatste weken gaat het bij Toyota vooral over de technische mankementen waar sommige modellen last van hebben, zoals gaspedalen die door slijtage te langzaam in hun neutrale stand terugkeren.

Wereldwijd heeft de Japanse fabrikant al meer dan 8 miljoen auto’s teruggeroepen. Topman Aki Toyoda bood de afgelopen weken al meermalen zijn excuses aan. Inmiddels worden in Europa 50.000 auto’s per dag hersteld, zegt hij. „In juli hebben we alle auto’s in Europa onder handen genomen.”

De Amerikaanse autofabrikanten Ford en GM zagen hun kans in de terugroepactie van Toyota. Zij boden klanten aan om met een mooie korting hun Japanse auto in te ruilen tegen een Amerikaanse. Maar daarop geven ze bij Toyota officieel geen commentaar. Wel benadrukken de medewerkers van Toyota voortdurend dat het terugroepen van auto’s zo vaak door zo veel fabrikanten gebeurd. „Maar in Amerika doen ze net alsof het iets heel bijzonders is”, zegt een woordvoerder.

Deze week maakte General Motors bekend dat ze zelf 1,3 miljoen auto’s in de Verenigde Staten terugroepen. Bij de merken Chevrolet en Pontiac kunnen sommige modellen moeilijk bestuurbaar worden als ze langzamer dan 24 kilometer per uur rijden. Bij Toyota kijken ze met een glimlach naar deze actie. „Dat zult u van mij niet officieel horen”, zegt de Toyota-woordvoerder.

Toch lijkt het er op dat Ford en General Motors geprofiteerd hebben van de problemen bij de Japanse fabrikant die in 2008 GM inhaalde als grootste fabrikant ter wereld. Ford verkocht in februari dit jaar in de VS (met 142.285 auto’s) 43 procent méér dan in dezelfde maand vorig jaar. GM boekte (met 141.951 verkochte auto’s) een stijging van 12 procent. Bij Toyota daalde de verkoop in februari juist met 9 procent (naar 100.027 exemplaren).