Berlijn beslist over lot van Griekenland

De wereld kijkt naar Duitsland. Wat doet Berlijn om de eurocrisis op te lossen? Morgen komt de Griekse premier op bezoek.

De woorden van Otmar Issing klonken nog lang na in de besloten ruimte van de Bondsdag, waar Duitse parlementariërs zich dezer dagen over de kwestie-Griekenland lieten voorlichten. Issing is een van de gezaghebbendste economen van Duitsland. Oud-directielid van de Europese Centrale Bank; een klassieke monetarist en daarbij een zuinige Beier, geboren in Würzburg.

De 73-jarige Issing was uitgenodigd om de parlementariërs inzicht te verschaffen over het gecompliceerde drama met de Griekse staatsschuld en de gevolgen voor de euro. Hoe moet dat worden opgelost, en vooral: wie moet betalen? De wereld kijkt naar Duitsland, het economisch sterkste land van Europa. Het land dat het meest heeft geïnvesteerd in het project van de gemeenschappelijke Europese munt. De euro spreekt Duits, zoals de Duitse oud-minister van Financiën Theo Waigel het eens plastisch maar weinig tactvol zei.

Wat doet Berlijn? Komt er geld voor de Grieken? De Bondsdag was op zoek naar antwoorden, zoals iedereen in de Duitse hoofdstad en in het financiële centrum Frankfurt. Morgen is de Griekse premier, Giorgos Papandreou, voor overleg in Berlijn. Hij spreekt met bondskanselier Angela Merkel. Officieel gaat het om het eerste kennismakingsbezoek sinds het aantreden van de nieuwe Griekse minister-president, oktober vorig jaar. Maar informeel staat er maar één ding op de agenda: de aanpak van de Griekse problemen die Europa en de euro in zo’n diepe crisis hebben gestort. Boven het hoofd van beide regeringsleiders hangt als een doembeeld de grafiek van het koersverlies van de euro ten opzichte van de dollar.

Issing liet er geen twijfel over bestaan. Er kan geen sprake zijn van directe hulp van de Europese Unie aan Griekenland. En al helemaal niet van Duitsland. „Het heeft mijn voorkeur dat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) wordt ingeschakeld”. Want, zei Issing, de Europese muntunie is geen staat, maar een gemeenschap van soevereine staten.

Vervolg Griekenland: pagina 16

Duitse export voorlopig winnaar van eurocrisis

Als Griekenland met directe financiële steun zou worden geholpen, zou men mogelijke hulp aan andere staten niet kunnen weigeren. En dat is niet de bedoeling.

Het gaat volgens Otmar Issing nu om „het terugwinnen van geloofwaardigheid”. De Griekse crisis, zei hij tegen de parlementariërs, „is van eigen makelij. Het is geen aardbeving. De problemen zijn veroorzaakt door slechte politiek”. Maar, vroegen de Bondsdagleden, zouden de Grieken er wel in slagen het nieuwe en rigoureuze bezuinigingsprogramma van hun regering door te voeren? „Griekenland heeft geen alternatief”, luidde het antwoord. De voormalige topeconoom van de ECB voegde er volledigheidshalve aan toe dat de criteria van de Europese muntunie niet moeten worden veranderd, maar consequent toegepast.

In Duitsland gaan steeds meer stemmen op om voor Griekenland het IMF in te schakelen. Merkel schijnt er aanvankelijk weinig voor te hebben gevoeld, maar noemt het fonds nu vaker in haar uitlatingen over de crisis. Haar minister van Financiën, Wolfgang Schäuble, is ronduit tegenstander van een ingreep door het IMF. Maar Schäuble ligt voor een operatie in het ziekenhuis. De ene na de andere christen-democratische partijgenoot laat openlijk blijken voor het IMF te zijn.

Otmar Issing heeft een aantal Bondsdagleden wellicht overtuigd. Het IMF heeft tenminste de expertise in huis om zo’n gecompliceerde zaak aan te pakken. Of het politiek haalbaar is – niet alleen in Berlijn maar ook in Brussel – is nog maar de vraag. Niet zolang er nog alternatieven zijn, zegt een parlementariër. Op de vraag wat die alternatieven dan zijn, zegt hij geluidloos maar met duidelijke mondmimiek: Grie-ken-land-zelf.

Eén ding lijkt wel vast te staan: de komst van het IMF zou als een blamage voor de EU worden gezien, in het bijzonder voor de Bondsrepubliek. Het land staat nu eenmaal tegen wil en dank te boek als ‘redder’. ‘Duitsland moet Griekenland redden’; ‘Duitsland moet euro redden’. Zo luiden al weken de koppen in de kranten, van de gezaghebbende Britse Financial Times tot het Duitse boulevardblad Bild.

Waarbij die laatste krant een verklaard tegenstander is van een reddende Duitse rol. „Maakt Griekenland de euro kapot? Hoe kunnen we de Grieken de euro ontnemen?”, aldus het populaire dagblad deze week. In een geharnast commentaar schreef Bild-journalist Oliver Santen gisteren dat Griekenland de EU jarenlang heeft bedrogen en dat de Grieken het nu „alleen” moeten doen – „zonder staatskredieten van de EU of Duitsland”.

Bild is op zulke momenten niet onbelangrijk. Het blad is de onderbuik van Duitsland, zegt de mening van de burgers te verwoorden en confronteert de politiek daarmee. Als bondskanselier Merkel in dergelijke gevallen een boodschap kwijt wil en een geschikt podium zoekt, wendt ze zich meestal tot Bild. De Duitse pers speelt in deze kwestie sowieso een geheel eigen rol. De omslag van het weekblad Focus is wat dat betreft maatgevend. Het magazine zette op zijn cover van vorige week de Venus van Milo, brutaal haar middelvinger tonend. Titel: ‘Bedriegers in de euro-familie’.

Voor de Grieken was deze vrije meningsuiting aanleiding om niet alleen tot een boycot van Duitse waar op te roepen, maar ook om polariserend te herinneren aan het naziverleden van Duitsland, de Duitse aanval op Griekenland en de herstelbetalingen die de Duitsers de Grieken nog schuldig zouden zijn. De toon verhardde. Even dreigde de vlam in de pan te slaan.

Het was een zorg extra voor Merkel. De uit het lood hangende Griekse begroting en de stabiliteit van de euro houden haar al weken bezig. De belangrijkste ministers zouden dinsdagavond in het kantoor van de kanselier crisisberaad hebben gehouden. Voor Merkel is het Chefsache.

Ze heeft tot nu toe een consequente lijn getrokken: de Bondsrepubliek heeft geen zak met geld klaarstaan. Op de begroting van 2010 zijn geen bijzondere posten gereserveerd die financiële steun aan de Grieken mogelijk maken. „Dat is uitdrukkelijk niet het geval”, zei ze deze week voor de publieke omroep ARD. Wel bevestigde ze dat de euro in de „moeilijkste fase van zijn bestaan” verkeert.

Merkel huldigt de opvatting dat het vertrouwen van de financiële markten in de euro alleen kan worden teruggewonnen als Griekenland en andere landen met zeer hoge staatsschulden zélf hun problemen „bij de wortel aanpakken”.

Anders gezegd: Griekenland moet zichzelf helpen, en kan wat Duitsland betreft alleen rekenen op ‘hulp bij zelfhulp’. „We zullen de Grieken niet laten vallen”, zei Merkel eerder.

Ze prijst de Griekse premier Papandreou voor diens inspanningen om openheid van zaken te geven en zijn bereidheid om met ingrijpende bezuinigingsoperaties te beginnen. Als de Grieken er dit jaar in slagen de staatsschuld met de geplande 4 procentpunt van het bruto binnenlands product terug te dringen, zou volgens Merkel al veel aan geloofwaardigheid gewonnen zijn. De financiële markten zouden weer een beetje vertrouwen krijgen.

In politiek Berlijn wordt van verschillende kanten opgemerkt dat directe steun aan Griekenland een mijnenveld voor de bondskanselier is. „Ze zou het niet overleven als de kranten dadelijk melden dat Duitsland simpelweg geld stort op de rekening van de Griekse staat”, zegt een hoge ambtenaar. Maar de kans is groot dat Papandreou daar morgen wel om zal vragen: om geld, om concrete financiële hulp.

De ambtenaar, die verder anoniem wil blijven, schetst het dilemma waarvoor Merkel en de Duitse politiek staan: Duitse banken hebben voor miljarden euro’s aan Griekenland geleend. Berlijn kan in het uiterste noodgeval twee dingen doen: de eigen banken helpen of Griekenland helpen. „Voorlopig is zo’n keuze niet aan de orde en dus zet de bondskanselier in op het enige dat nu juist is: Griekenland het werk laten doen”.

De nervositeit bij de Duitse banken groeit intussen met de dag. De eigenzinnige chef van de Deutsche Bank, Josef Ackermann, was vorige week vrijdag op eigen initiatief in Griekenland om met de Griekse regering overleg te voeren. Ackermann, meldt dagblad Die Welt, probeert een reddingspakket voor het land te organiseren, deels met staatshulp. Volgens de krant zou het gaan om 20 tot 30 miljard euro, de helft te betalen door de belastingbetaler. De actie van de topbankier zou enerzijds zijn ingegeven uit vrees voor destabilisering van de markten, anderzijds uit welbegrepen eigenbelang. Onder de buitenlandse banken zijn Duitse banken met 75 miljard euro de grootste crediteuren van Griekenland. Deutsche Bank kan misschien zaken doen als Griekenland opnieuw moet lenen.

De reis van Ackermann joeg de geruchtenmolen in Berlijn aan. De Duitse regering zou via de staatsbank KfW (oorspronkelijk Kreditanstalt für Wiederaufbau) van plan zijn garanties te verschaffen aan Duitse privébanken die geld aan Griekenland willen lenen. De regering spreekt dit echter met klem tegen. Speculanten zouden het gerucht de wereld in hebben geholpen. Duitsland trekt de knip niet en geeft ook geen garanties af, luidt het officiële commentaar met zoveel woorden.

Günther Oettinger, de nieuwe Duitse Eurocommissaris (Energie), bood gisteren een kleine opening. Voor de radio zei hij dat er over „van alles” wordt nagedacht, maar dat duidelijk moet zijn dat Athene nu zijn balans van inkomsten en uitgaven op orde moet krijgen. „Daarna kunnen we praten. Maar het gaat om de volgorde: Griekenland moet zoals afgesproken eerst z’n huiswerk maken. Dan zullen we verder zien. Wat er aan het eind komt, is open”.

Hoe groot de crisis ook is, er lijkt een voorlopige winnaar te zijn: de Duitse economie. De waardevermindering van de euro werkt als een stimulans voor exporterend Duitsland, dat zijn eerste plaats aan China moest afstaan. Veel Duitse economen vinden de huidige koers van de euro helemaal zo slecht niet (in december was de euro nog circa 1,50 dollar waard; nu rond de 1,35 dollar). Een wisselkoersverhouding van 1,25 dollar tegen één euro is volgens sommige financiële experts niet onrealistisch. Duitsland met zijn immens exporterend vermogen – danig aangetast door de huidige recessie – kan er in ieder geval flink van profiteren.