Tot de tanden bewapende zwarte Jezus

The Book of Eli. Regie: Albert en Allen Hughes. Met: Denzel Washington, Gary Oldman, Mila Kunis, Jennifer Beals. In: 52 bioscopen. ***

De religieus getinte moderne western The Book of Eli toont het gelijk van een hypothese die in zwang is bij sommige Afro-Amerikaanse bewegingen: Jezus is zwart. Misschien niet de historische Jezus, maar in deze film wel zijn Tweede Wederkomst.

De zwarte Messias loopt op aarde rond als Eli, de Hebreeuwse en Arabische variant op de naam God, en hij wordt hier belichaamd door Denzel Washington. The Book of Eli schetst, net als het binnenkort in de bioscoop verschijnende The Road, een desolate postapocalyptische wereld waarin het recht van de sterkste geldt.

Eli is dan ook tot op de tanden toe bewapend en heeft de reflexen van een roofdier. Naast een iPod met soulmuziek, een enorm mes en ander wapentuig heeft hij een bijzonder kleinood in zijn rugzak, de laatste bijbel.

Een stem heeft hem verteld dat hij de Schrift westwaarts moet brengen. Dan moet hij wel langs Carnegie (Gary Oldman), een intelligente dictator die het heilige boek voor heel andere doeleinden wil gebruiken dan puur stichtelijke, je kunt er mensen bijvoorbeeld goed mee onder de duim houden.

The Book of Eli is een film waaruit elke kleur vrijwel verdwenen is, de nabije toekomst ziet eruit als een duister monochroom schilderij. Het is een (ogenschijnlijk) door God verlaten oord, waar je zomaar overvallen kunt worden door gedegenereerde hongerige types. ‘Heb uw naasten lief’ is er niet meer bij.

Die constante spanning levert in de handen van de Hughes-broers (From Hell, Dead Presidents) enkele prachtig gestileerde gevechten op. Vooral de scène waarin slechts de silhouetten van Washington, onder een brug in gevecht, en zijn tegenstanders te zien zijn, is bijzonder fraai. Zoals het hoort in een op westerns en vele andere films (Mad Max, Fahrenheit 451) geïnspireerde productie komt de eenzame cowboy Eli terecht in een langdurige shoot-out, waarbij een oude platenspeler een verrassende muziekkeus herbergt, en een houten huis geheel aan flarden wordt geschoten.

Zo zijn er meer aardige sequenties, maar door zijn schaamteloze christelijke propaganda in de climax laat de film uiteindelijk een nare smaak achter. Pas als de Bijbel weer wordt vermenigvuldigd is de wereld veilig en kleurig. Tja.