Parijs stemt Kigali tevreden met arrestatie Habyarimana

Agathe Habyarimana, door Rwanda verdacht van betrokkenheid bij de genocide, is gearresteerd in Frankrijk.

Nog maar zes dagen geleden zei de Franse president Nicolas Sarkozy, op bezoek in Rwanda, dat alle schuldigen aan de Rwandese volkerenmoord van 1994 opgespoord en gestraft moeten worden. „Waar ze ook zijn.”

Gisteren arresteerde de Franse politie in een voorstad ten zuiden van Parijs Agathe Habyarimana, weduwe van de in 1994 vermoorde Rwandese president Juvénal Habyarimana. Ze werd weer vrijgelaten, op voorwaarde dat ze in Frankrijk blijft hangende haar verdere juridische procedure.

Een meer symbolisch vervolg op Sarkozy’s plechtig uitgesproken wens „een nieuw hoofdstuk te beginnen” in de beladen Frans-Rwandese relatie was nauwelijks denkbaar. Al jaren wordt Agathe Habyarimana (67) door de huidige regering in Rwanda onder leiding van president Paul Kagame beschouwd als een van de organisatoren van de genocide, waarbij zo’n 800.000 mensen, voornamelijk Tutsi’s, werden vermoord.

De weduwe zou behoord hebben tot de Akazu, de kring van Hutu-extremisten die niet konden verkroppen dat president Juvénal Habyarimana een akkoord had gesloten met gematigde Hutu’s en de Tutsirebellen onder leiding van Paul Kagame, nu president.

Zij zou daarom in 1994 hebben meegewerkt aan het plan voor een volkerenmoord en mogelijk ook aan de moordaanslag op haar man de president, die het startsein vormde voor een zorgvuldig voorbereide genocide op Tutsi’s en gematigde Hutu’s. Kigali had op grond van deze beschuldigingen, al jaren geleden, een internationaal arrestatiebevel tegen Agathe Habyarimana uitgevaardigd.

Al die tijd was duidelijk waar de weduwe was. Na het begin van de genocide werd zij in april 1994 door Franse militairen geëvacueerd. President Mitterrand was de steunpilaar van het regime van haar man. In 1998 vestigde zij zich in de stad waar zij gisteren gearresteerd werd, Courcouronnes.

In Frankrijk hoefde Agathe Habyarimana zich niet te verstoppen. Jarenlang zat zij niet in de beklaagdenbank, maar was als civiele partij betrokken bij een Frans gerechtelijk onderzoek. Daarin werd niet zij, maar juist Kagame ervan beschuldigd aanstichter te zijn te zijn van de genocide tegen zijn eigen volk, de Tutsi’s. Als rebellenleider zou Kagame in 1994 de aanslag op Juvénal Habyarimana in gang hebben gezet om in de verwarring daarop de macht te grijpen.

De these van Franse en Rwandese onderzoeksrechters kwamen zo perfect overeen met de politieke patstelling tussen beide landen. Kigali beschuldigde Parijs ervan in 1994 willens en wetens door te zijn gegaan met het steunen van het Hutu-regime, terwijl het door Franse soldaten getrainde leger volkerenmoord pleegde. Parijs hield zijn onschuld vol. Toen de Franse onderzoeksrechter in 2006 negen kopstukken uit Kagame’s regering aanklaagde, verbrak Kigali de banden met Frankrijk.

In deze context maakte de Franse regering nooit werk van het Rwandese arrestatiebevel tegen Habyarimana. Ook niet nadat de hoogste Franse gerechtelijke instantie vorig jaar definitief haar verzoek om politiek asiel afwees.

De kans dat een Franse rechtbank, die zich binnen een week moet uitspreken, Habyarimana uitlevert aan Rwanda lijkt overigens niet groot. Het Franse hof van cassatie heeft eerder drie verzoeken om uitlevering (van anderen) afgewezen, omdat ze geen eerlijk proces zouden krijgen. Er is ook de mogelijkheid van een Frans proces. Een onderzoeksrechter bestudeert sinds vorig jaar een aanklacht tegen Habyarimana.