Karadzic ontkent genocide Srebrenica

Radovan Karadzic heeft gisteren voor het Joegoslavië-tribunaal geprobeerd twijfel te zaaien over de moslimdoden van Srebrenica.

De politicus heeft gesproken. Zeven uur lang heeft Radovan Karadzic zijn opvatting mogen geven over het conflict op de Balkan – met als uitsmijter zijn mening over Srebrenica. De volkerenmoord na de val van de Bosnische moslimenclave, waarbij volgens de meest recente berekening van het Joegoslavië-tribunaal ruim 9.000 moslims zijn gedood, is „een mythe”. In de rechtszaal van het VN-hof keek Karadzic, op de laatste dag van zijn openingsverklaring de rechters gisteren provocerend aan. „De gebeurtenissen rondom Srebrenica zijn nooit goed onderzocht.”

Op de publieke tribune klinkt ongeloof. „Hoe lang laten de rechters deze schertsvertoning nog voortduren”, verzucht Munira Taric. Haar man en twee zonen werden na de val van Srebrenica vermoord. Twee jaar geleden zijn ze in een massagraf gevonden. De moslima heeft haar man en twee zonen begraven in Potocari, vlakbij Srebrenica waar de Nederlandse VN-eenheid Dutchbat het hoofdkwartier had. Karadzic betwijfelt of de duizenden mensen die daar zijn begraven Srebrenica-slachtoffers zijn. „Ze kunnen uit heel Bosnië komen.” Hij trekt de DNA-analyses van de Internationale Commissie voor Vermiste Personen (ICMP) in twijfel. Hij heeft daarom grote hoeveelheden gegevens aangevraagd om contra-expertises te laten verrichten. „Ik ga elk rapport opvragen.”

Over zijn verantwoordelijkheden ten aanzien van Srebrenica verwees Karadzic gisteren naar het NIOD-onderzoek uit 2002. Volgens de Nederlandse onderzoekers gaf de Bosnisch Servische leider zijn fiat aan de inname van de VN-enclave. „Of hij bij de daarop volgende gebeurtenissen betrokken was, is onduidelijk”, aldus het NIOD. De enclave werd ingenomen, zo motiveerde Karadzic, omdat de Servische bevolking door de moslims werd aangevallen vanuit de safe area. „Srebrenica was een militair bolwerk van waaruit iedere dag Serviërs werden gedood.”

Karadzic voert – evenals de Servische president Slobodan Milosevic – zijn eigen verdediging in de rechtszaal. Saillant is dat zijn openingsverklaring grote overeenkomsten vertoont met die van de Milosevic. Niet alléén Milosevic en Karadzic zitten in de beklaagdenbank, maar het hele Servische volk. De Serviërs, beweren Milosevic en Karadzic, hebben zich alleen verdedigd tegen het geweld van de anderen. Zelfverdediging omdat de Serviërs werden aangevallen door Kroaten en moslims.

Maar waar Milosevic de legitimiteit van het VN-hof betwistte – ‘Dit hof is geen echt hof’ – kiest Karadzic voor een coöperatieve opstelling. Hij laat zich adviseren door een team van internationale topjuristen en onderzoekers. De aanklagers van het VN-hof rekenen, na de politieke propaganda van de openingsverklaring, op een fel juridisch gevecht.

Dat gevecht is voorlopig uitgesteld. Vandaag zouden de eerste getuigen verschijnen die de aanklacht – genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden – in de rechtszaal moeten bewijzen. Karadzic mag deze getuigen aan een kruisverhoor onderwerpen. Maar hij wil meer tijd om zich daarop voor te bereiden, het is nu aan de beroepsrechters hoeveel tijd ze hem gunnen. Voorzittend rechter O-Gon Kwon spoorde Karadzic aan om zich oor te bereiden op de kruisverhoren. De verdachte knikt vermoeid. Hij ordent zijn spullen en wordt afgevoerd door twee VN-agenten.