Kapuscinski gaf de feiten een kleurtje

Ryszard Kapuscinski staat internationaal bekend als uitmuntend verslaggever. Maar uit een biografie blijkt dat hij wel eens een loopje nam met de waarheid.

Hij zou in Afrika op het nippertje zijn ontsnapt aan het vuurpeloton. Hij zou de Congolese vrijheidsstrijder Patrice Lumumba persoonlijk hebben ontmoet en diens Zuid-Amerikaanse evenknie, guerrillero Che Guevara, op gevaarlijke missies hebben vergezeld. Maar volgens een nieuwe biografie over Ryszard Kapuscinski, volgens velen de grootste journalist van de voorbije eeuw, is veel van wat de internationaal gevierde Pool schreef ontsproten aan zijn fantasie, niet aan de feiten.

Kapuscinski – non-fictie. Zo heet de spraakmakende biografie, geschreven door de Poolse journalist Artur Domoslawski, die de in 2007 op 74-jarige leeftijd overleden Kapuscinski persoonlijk kende en in zijn privé-archief mocht werken.

„Hij was mijn mentor, mijn meester”, zegt Domoslawski over de telefoon. „Ik heb mijn boek geschreven zoals Kapuscinski het me heeft geleerd, met empathie en zelfs sympathie. Maar ik ben de moeilijke vragen niet uit de weg gegaan.”

Domoslawski ging in de voetsporen van zijn mentor op reis naar Afrika en Latijns-Amerika en kwam soms tot pijnlijke ontdekkingen. Zo kan Kapuscinski Lumumba nooit hebben ontmoet, omdat hij zijn eerste reis naar Afrika ondernam toen de vrijheidsstrijder al was vermoord. En de vissen in het Victoriameer, die zich volgens Kapuscinski te goed deden aan de slachtoffers van de Oegandese dictator Idi Amin, blijken indertijd om een heel andere reden plotseling dikker te zijn geworden.

„Kapuscinski beschikte over een grote beeldende kracht”, zegt de Vlaamse schrijfster Lieve Joris, die persoonlijk bevriend was met Kapuscinski, desgevraagd. „Mijn Poolse vriend noemt dat ‘een verhaal een kleurtje geven’. Kapuscinski zei altijd tegen mij: eigenlijk ben ik een dichter.”

Vervolg Kapuscinski: pagina 4

Biograaf maakt van legende weer mens

De biografie heeft de gemoederen in Polen verhit. Door critici is Domoslawski beschuldigd van vadermoord, broddeljournalistiek en sensatiezucht. „Je hebt uitgevers en je hebt bordelen”, zei de voormalige verzetstrijder en minister Wladyslaw Bartoszewski, een morele autoriteit in Polen.

De weduwe van Kapuscinski verleende Domoslawski eerst toegang tot het archief van haar man, maar kreeg daarna ruzie met de biograaf en spande een proces tegen hem aan. Zij nam vooral aanstoot aan passages over het liefdesleven van haar man en over zijn banden met het communistische regime. De rechter wees haar verzoek tot een publicatieverbod af. Ze ging in hoger beroep, maar in de tussentijd is het boek overal te koop.

Domoslawski, die werkt voor het gerespecteerde dagblad Gazeta Wyborcza, krijgt ook veel bijval, omdat hij de legendarische Kapuscinski weer naar menselijke dimensies heeft teruggebracht. „Het boek is uitstekend”, schrijft commentator Daniel Passent in weekblad Polityka. „Mijn bewondering voor Kapuscinski is er geen jota minder door en die voor Domoslawski is gegroeid.”

Wat waren de motieven voor Kapuscinski om een loopje te nemen met de waarheid? Volgens Domoslawski deed hij dat om zijn boodschap sterker te maken en zo een groter publiek te bereiken, ook in het buitenland. Hij wilde gelezen worden. „Kapuscinski kwam uit een arm, gesloten land, waar ze een taal spraken die niemand anders op de wereld verstond. Door rondom zijn persoon een legende te creëren wist hij de aandacht te trekken. Het opende deuren.”

Hij veroordeelt hem daar niet voor, benadrukt Domoslowski. „We leven in andere tijden, precisie is in de hedendaagse journalistiek veel belangrijker dan dertig jaar geleden. Het enige wat ik wil zeggen is dat sommige van zijn werken thuis horen op het plankje ‘fictie’ in de boekhandel.”

Kapuscinski was decennialang de enige buitenlandse correspondent voor het Poolse persagentschap PAP. Voor Polen was reizen indertijd niet vanzelfsprekend en de geruchten dat Kapuscinski daarom wel goede banden met de communistische geheime diensten moest hebben, bestonden al langer. Domoslawski levert er nu naar eigen zeggen het bewijs voor.

De biograaf is behoorlijk geschrokken van de commotie. „Ik had een polemiek verwacht, geen nationaal debat.” Wat hem verbaast is het kennelijke onvermogen van veel Polen om over nationale helden te praten als menselijke wezens. „We zien ze liever als monumenten. Maar ik heb naar mijn idee ook een monument voor Kapuscinski opgericht. Alleen dan zonder suikerlaag.”

Dat zijn boek voor zijn landgenoten niet altijd licht verteerbaar is snapt hij wel. „We hebben al zo weinig internationale helden.” Ja, Lech Walesa, de legendarische voorman van vakbond Solidariteit, maar ook die heeft zijn glans verloren, na een trits –vaak dubieuze - publicaties over vermeende collaboratie met de communisten.

Lieve Joris ontmoette Kapuscinski geregeld als hij op doorreis was. „Ik denk niet dat dit boek mijn beeld over hem wezenlijk zal veranderen. Hij kon zo mooi schrijven, ik vergeef hem alles.”

Recensies en achtergronden op nrcboeken.nl/nieuws