Het nut van de twijfel

De enorme keuzevrijheid aan studies doet aankomende studenten twijfelen.

Twijfelen zijn heeft nut. Wie dit niet doet, gaat ook niet meer verder op zoek.

Misschien weet je het al: welke bachelor, master of MBA je wilt gaan volgen. Maar er is een goede kans dat je nog twijfelt. En daar is helemaal niks mis mee.

Twijfelen heeft namelijk nut, zegt studieadviseur Rena Eversen van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. „Studenten die twijfelen, denken na over hun keuze”, zegt Eversen. „Ze zijn bezig met wat ze écht willen.”

Wie zijn deze twijfelende studenten? Volgens Eversen zijn de twijfelaars in twee groepen te verdelen.

Allereerst is er de student die een negatief studieadvies krijgt en aan zichzelf gaat twijfelen. Omdat hij of zij te weinig doet, of de capaciteiten ontbeert. „We zien het vaak”, zegt Eversen. „Studenten die twijfelen of ze het wel kunnen, en de ommezwaai niet kunnen maken. Faalangst komt vaak voor onder studenten.”

De tweede groep twijfelaars zijn de studenten die zich afvragen of ze niet de verkeerde studie hebben gekozen. Dit zijn de studenten die al één of twee jaar met een opleiding bezig zijn en een minor moeten kiezen, bepalen of ze een stage in het buitenland willen volgen, of welke keuzevakken ze moeten gaan doen. Eversen: „In het tweede jaar moet er ineens van alles. En dan komen de keuzemogelijkheden. Hoe meer vrijheid van keuze, des te meer studenten gaan twijfelen.”

Dan zijn er ook nog studenten die zich afvragen of de studie misschien te licht voor hen is. Eversen had laatst nog een student geneeskunde aan haar bureau die de opleiding wat te licht vond. „Dit is een stuk eenvoudiger op te lossen. Zo iemand doet er gewoon economie bij.”

Waarom roept een studiekeuze eigenlijk zo vaak twijfel op? De moeilijkheidsgraad van een keuze wordt bepaald door het doel, legt hoogleraar onderwijspsychologie Fred Paas van de Erasmus Universiteit Rotterdam uit. „Als je wilt kiezen wat je vanavond wilt eten is het doel duidelijk: honger stillen. Dat doel is bij een studiekeuze wat vager, zeker bij hoogopgeleiden. Dat maakt het kiezen voor een studie tot een zeer complexe taak.”

Een ander aspect dat een keuze bepaalt is informatie. Onderwijsinstellingen overladen aanstaande studenten daarmee, maar voor studenten is dit vaak te feitelijk, te rationeel. Studenten vinden de hoeveelheid informatie bij een studiekeuze „standaard onvoldoende”, zegt Paas. „Dus gaan ze bij anderen te rade om informatie in te winnen.”

Voldoende informatie vooraf kan twijfel in de toekomst wegnemen. Studenten komen vaak bij een opleiding, zonder dat ze eigenlijk weten wat ze willen, volgens Paas. „Bij psychologie willen studenten vaak mensen helpen, kinderen het liefst. Ze denken vaak dat psychologie daarom draait. Zo’n stereotiep beeld is moeilijk weg te nemen.”

Als studenten vervolgens een tijdje de opleiding doen, komen ze erachter dat dit beeld helemaal niet klopt. En precies dat brengt studenten aan het twijfelen, volgens Paas.

Maar dat is niet zo erg. „Niet twijfelen kan zelfs gevaarlijk zijn”, zegt Paas. „Als je nooit twijfelt ga je ook niet meer verder op zoek.”