Terechte angst, recht op asiel

Hoe ernstig moet willekeurig geweld zijn voor een reëel risico op ernstige schade – zodat een asielverzoek kan slagen?

De Zaak. Een 19-jarige Somalische vraagt asiel en wordt binnen 48 uur door de immigratiedienst IND verhoord. Ze verkocht op de markt van Mogadishu qat, een legale drug, aan aanhangers van de tijdelijke regering. De terreurbeweging Al-Shabaab pakte haar op en hield haar twee maanden vast. Na vrijlating werd ze bedreigd en ontvluchtte Somalië. Als reden geeft ze het geweld en de slechte omstandigheden. Haar vader is er gedood door een verdwaalde kogel. Haar moeder en stiefvader zijn gedood door onbekenden.

Wat zegt de IND? Die vindt het een ongeloofwaardig, vaag en tegenstrijdig verhaal. Ze kon niet vertellen door hoeveel man ze is opgepakt, noch met hoeveel mensen ze de celruimte maanden deelde. Ze had geen reisdocumenten en kon haar reisroute niet gedetailleerd uitleggen. De IND denkt niet dat ze door de qatverkoop problemen kreeg. De slechte situatie in Somalië is voor haar persoonlijk geen reden geweest om te vluchten, vindt de IND.

Wat zegt de rechter? Die vindt dat haar relaas „positieve overtuigingskracht” mist, maar acht haar vrees voor willekeurig geweld bij terugkeer terecht. Als er een gewapend conflict speelt dat zo ernstig is dat een burger zware schade kan lijden uit „ernstige en individuele bedreiging van het leven”, dan is aan een asielcriterium voldaan. De IND verzuimde aannemelijk te maken dat het er in Mogadishu niet zo aan toegaat. De overheid mag zich evenmin verschuilen achter de beslissing Somaliërs niet langer als groep te beschermen. Haar advocaat heeft met allerlei rapporten aannemelijk gemaakt dat de situatie in Somalië heel slecht is. Er had beter gekeken moeten worden naar de belangen van deze individuele vrouw. Ze heeft dus recht op asiel.

Wat zegt de IND in hoger beroep? De asielzoeker moet een situatie van willekeurig geweld aannemelijk maken, niet de IND het ontbreken daarvan. Het moet dan gaan om dermate hoge risico’s op ernstige schade, die ze loopt „louter door haar aanwezigheid”. Onder willekeurig geweld moet worden verstaan de „meest extreme gevallen van algemeen geweld”. Zo erg is het niet in Mogadishu.

Wat is het laatste woord van de Raad van State? De asielzoeker, niet de IND, moet inderdaad aannemelijk maken dat er willekeurig geweld en een reëel risico op ernstige schade was. Maar dat is ruimschoots gelukt. De staatsraden sommen de zestien rapporten, notities, e-mails en overzichten over de toestand in Somalië op die namens de asielzoekster zijn aangedragen. Ook heeft de IND verklaard dat de toestand in Somalië zorgwekkend is. Er zijn grote aantallen ontheemden. De Raad vindt dat er wel sprake is van een uitzonderlijke situatie. Het geweld was zo intens en hevig dat de IND niet had mogen concluderen dat de asielzoeker geen slachtoffer zou worden van willekeurig geweld. „Louter door haar aanwezigheid” in Mogadishu zou ze risico lopen op ernstige schade. De IND verliest het beroep.

Folkert Jensma