Liefde en moord tussen de taarten

Eten is in films „een vehikel om relaties in beeld te brengen”, zegt filmcurator Helen Westerik. Zij en hoogleraar Louise Fresco verdiepten zich in de rol van voedsel in de speelfilm.

Het is genot en het is noodzaak. Het is lust en het is macht. Het is nostalgie en het is liefde. Eten is het leven in een notendop en in de film worden de vele praktische en symbolische betekenissen van eten nog duizendmaal uitvergroot.

Daarom hebben Louise Fresco en Helen Westerik nu voor een tweede maal de serie ‘Food & Film’ georganiseerd. Fresco is hoogleraar duurzame ontwikkeling aan de Universiteit van Amsterdam, specialist op het gebied van voedsel en columnist van deze krant; Westerik is onafhankelijk filmcurator en boekverkoper bij Athenaeum Boekhandel.

De serie bestaat uit een reeks van vijf films waarin eten een sleutelrol speelt. Vanaf morgen is er elke woensdag van deze maand een film in het Filmmuseum in Amsterdam, voorafgegaan door een lezing in het Academisch-cultureel centrum SPUI25 en een toepasselijke maaltijd in het restaurant van het Filmmuseum, Vertigo. Volgende maand verschijnt ook hun boek erover, Verraad, verleiding en verzoening: de rol van eten in speelfilms.

„We kiezen bewust voor speelfilms en niet voor documentaires”, zegt Fresco. „Documentaires zijn meestal óf dystopisch óf nostalgisch – in ieder geval hebben ze een boodschap. Speelfilms zijn veel genuanceerder. Ze hebben niet perse een boodschap, ze zijn een spiegel van ons eigen leven.”

In de reeks van zowel vorig als dit jaar hebben de samenstellers nogal wat oude en onbekende films gekozen, bijvoorbeeld Mildred Pierce uit 1945, waarmee de serie dit jaar begint. „We wilden de reikwijdte van dit thema ook door de tijd heen laten zien”, zegt Westerik. „Deze reeks beslaat 65 jaar filmgeschiedenis. De laatste tien, vijftien jaar is de belangstelling voor voedsel toegenomen, het wordt zelfs een hype. Daardoor zijn films over koken en eten populair geworden, zoals het recente Julie and Julia. Maar door de hele geschiedenis van de film heen zijn het koken en het eten een vehikel geweest om relaties tussen mensen in beeld te brengen.”

De manier waarop de productie en de consumptie van eten in beeld wordt gebracht vertelt veel over de manier waarop onze verhouding tot eten door de tijd heen is veranderd. Als voormalige adjunct-directeur-generaal van de Landbouw- en Voedselorganisatie van de Verenigde Naties valt het Louise Fresco op dat er steeds meer belangstelling is voor de herkomst en de bereiding van voedsel, terwijl steeds minder mensen betrokken zijn bij de productie ervan. Fresco: „In speelfilms komt de productie van voedsel, zowel in de landbouw als in de fabriek, steeds minder voor. Er worden nauwelijks meer speelfilms gemaakt over armoede en de schaarste aan eten die daarbij hoort.”

„Pas vanaf de jaren zeventig, schrijven zij in hun boek Verraad, verleiding en verzoening, „begint eten in een ruimere zin zich te ontwikkelen als decor en locatie en krijgt het de status die we er nu aan toekennen. „Voedsel verschuift van thema over armoede en opstand naar middel tot onafhankelijkheid, tot instrument van verleiding en tot obsessie, zelfs seksuele.”

De twee samenstellers zijn begonnen met een longlist van wel vierhonderd films waarvan ze er tweehonderd hebben bekeken, „voor het eerst met de voedselbril op”. Ze zochten naar films die niet te bekend waren en ook niet te recent – dus geen Festen en ook geen La Graine et le mulet, waarin alles draait om de spectaculaire mislukking van een couscousmaaltijd – en de rechten moesten binnen het bescheiden budget te regelen zijn. Opvallend is de thematische overeenkomst tussen de oudste film, Mildred Pierce – waarmee Joan Crawford een glansrijke comeback maakte – van Casablanca-regisseur Michael Curtiz, en de nieuwste, Waitress van regisseur Adrienne Shelly (2007). Na haar echtscheiding vindt Mildred zowel voldoening als economische zelfstandigheid in het beginnen van een eigen restaurant; zo ook serveerster Jenny, die zich dankzij een mannelijke weldoener én haar taarten met vindingrijke namen als I Hate My Husband-pie en Kick in the Pants-pie een nieuw leven als alleenstaande moeder en ondernemer begint. Overigens waren er voor de opnames liefst 250 taarten nodig, die de crew na afloop met smaak verorberde.

De wonderlijkste film van deze reeks moet zijn het Zweedse Kitchen Stories van regisseur Bent Hamer (2003). In de jaren vijftig wilde het Zweedse Huishoudkundig Onderzoekscentrum de sociale planning bevorderen door de leefwijze te onderzoeken van oudere Noorse vrijgezellen op het platteland. De onderzoekers reizen af met een caravan om in te logeren en een hoge houten stoel als die van een tennisscheidsrechter. Die zetten ze bij de vrijgezellen in de keuken neer om hun ‘onderwerp’ te observeren. Natuurlijk gaat de knorrige boer Izak zijn eten op zolder koken, buiten het blikveld van onderzoeker Folke. Maar tenslotte nodigt hij Folke uit om van zijn hoge post af te dalen en samen aan tafel een kopje koffie te drinken. Dat simpele maar noodlottige kopje koffie markeert het begin van een vriendschap – en het einde van een machtsverhouding.

Food & Film: 3, 10, 17, 24 en 31 maart, lezingen Spui25 (aanmelden via www.spui25.nl), diner in Vertigo, film in het Filmmuseum (res. 020-589 1400, wwwl.filmmuseum.nl). Op 1 april verschijnt ‘Verraad, verleiding en verzoening: de rol van eten in speelfilms’ bij Amsterdam University Press.