Het nut van remmen

De pech van Vincent Chin was dat de opzichter van de Chryslerfabriek geen Chinees van een Japanner kon onderscheiden. De opzichter knuppelde hem bij het verlaten van een bar dood omdat het volgens hem aan „you little motherfuckers” te danken was dat hij zijn baan was kwijtgeraakt. Hij bedoelde de Japanse auto-industrie. Die bleek zo succesvol dat steeds meer Amerikanen voor een Japanner kozen. Dat was in 1982.

Ik moest denken aan de Detroitse moordzaak toen ik Toyota-topman Aiko Toyoda zag getuigen voor een Amerikaanse congrescommissie. Sinds de recall van acht miljoen auto’s van dat merk wegens technische mankementen is er een ware heksenjacht gaande in de Verenigde Staten. Zelfs de Amerikaanse minister van transport Ray LaHood heeft zijn landgenoten opgeroepen niet langer Toyota te rijden – een uitspraak die hij direct weer terugnam omdat hij „wat anders had bedoeld”.

Maar het Japanse fiasco, wat eigenlijk ook een Amerikaans fiasco is omdat Toyota 34.000 Amerikanen een baan gunt, laat goed zien hoe gemakkelijk de VS, voorvechter van de vrije markteconomie, bij crises terugschieten in nationalistische tendensen.

Akkoord: klungelende autoproducenten die voertuigen leveren die niet remmen, verdienen geen compassie. Maar hoe zat het eigenlijk met de ‘The Big Three’ in de VS zelf? Waar klonken de kritische stemmen bij het collectieve falen van General Motors, Chrysler en Ford? En kocht de VS niet al jaren Japanse auto’s vanwege de betere ontwerpen en zuinigheid?

Amerikaanse onderzoeksjournalisten hebben inmiddels bewezen dat het Japanse gevaar op de weg schromelijk is overdreven. Xenofobie ten tijde van crisis is Amerika niet vreemd. De ‘buy American’-leuzen klinken naar niets, omdat dezelfde Amerikanen die hun banen hebben verloren door concurrentie uit Azië, zich op hun beurt afhankelijk hebben gemaakt van de goedkope import uit hetzelfde continent.

De werkelijke oorzaak voor de Amerikaanse autocrisis ligt bij de producenten en de consumenten zelf. De eersten zijn uit kostenbesparing elders gaan produceren omdat de laatsten weigeren te betalen voor rechtvaardige arbeid.

Welke rem heeft nou eigenlijk niet gewerkt?