Stem wijzer

In Den Haag mag het dan crisis zijn, voor de rest gaat het uitstekend met ons land. Dat kun je aflezen aan de stellingen in de gemeentelijke stemwijzers. Stelling 5 in de stemwijzer van Loon op Zand: ‘Burgers moeten een Bed & Breakfast kunnen beginnen, óók als ze geen parkeerruimte hebben.’ Stelling 22 in Cuijck: ‘De blauwe vuilniszakken mogen duurder worden.’ En stelling 24 in Drimmelen: ‘Wegbermen moeten minder vaak worden gemaaid.’

Lijst Harry Bakker is tegen.

Het woord ‘strooizouttekort’ ben ik niet tegengekomen, maar veel lokale kwesties blijken toch van een soortgelijk urgentieniveau. Bijna alle stemwijzers beginnen met een vraag over parkeertarieven of verkeersdrempels. Mij verbaast het dan ook niet dat gemeenteraadsverkiezingen zelden echt leven. Alles loopt al op rolletjes. Zelfs zonder kabinet. Geen protesten, geen machtsgrepen. Er wordt gewoon een gangetje naar de Koningin gemaakt en een ontslagbriefje getekend. En de man die zijn vierde kabinet zag sneuvelen, wordt een dag later alweer tot aanvoerder van zijn partij benoemd. Een dag later. Christen-democraten hebben kennelijk het kortetermijngeheugen van een kat op wiens staart je net hebt gestaan: na drie seconden is alles weer vergeten en vergeven.

Irak-rapport. Afghanistan. Alles.

Is dat erg? Moeilijk te zeggen, vind ik. Mijn gevoel over politieke apathie is zeer ambigu. Aan de ene kant vind ik het volstrekt logisch en zelfs toe te juichen. Want apathie is een fenomeen dat parallel loopt met welvaart en welzijn. Hoe beter het gaat in een land, des te minder noodzakelijk wordt het om je politiek te engageren. Politiek gaat dan immers vooral over problemen die de meeste mensen niet hebben. Voor de meerderheid van de bevolking in dit land moet zoiets gelden, want ruim 80 procent van de Nederlanders zegt „gelukkig tot zeer gelukkig” te zijn. Zo bekeken is gebrek aan interesse dus een goed teken.

Maar tegelijkertijd heb ik er moeite mee. Niet alleen omdat mijn werkgever vaart op politieke betrokkenheid (het verkoopt kranten). Nee, ook omdat door politieke afzijdigheid ruimte ontstaat voor het soort amateuristische, met platitudes overgoten gekonkel en gekibbel waar we nu al acht jaar lang, van struikelend kabinet naar struikelend kabinet, getuige van zijn. De Griekse wijsgeer Plato zei ooit: „De zwaarste prijs voor politieke afzijdigheid is dat je geregeerd wordt door je minderen.” Weet u eindelijk wie ‘schuld’ heeft aan weer een gevallen kabinet. Wijzelf.

Mijn stemadvies? Stem wijzer.