Leven met tv en internet is authentieker dan een ouderwets boerenbestaan

Het gereformeerde boerenbestaan met spelletjes buiten, boeken en de bijbel is niet echter dan het leven tussen beeldschermen. Internet en tv maken gezag minder vanzelfsprekend zodat het leven authentieker wordt.

A man walks on large screens at a showroom of Samsung Electronics in Seoul on January 29, 2010. South Korean giant Samsung Electronics said its annual earnings rocketed last year to more than eight billion USD thanks to post-crisis demand for flat-screen TVs and higher chip prices. AFP PHOTO/PARK JI-HWAN
A man walks on large screens at a showroom of Samsung Electronics in Seoul on January 29, 2010. South Korean giant Samsung Electronics said its annual earnings rocketed last year to more than eight billion USD thanks to post-crisis demand for flat-screen TVs and higher chip prices. AFP PHOTO/PARK JI-HWAN AFP

Franca Treur is freelance journalist. In oktober 2009 verscheen van haar de roman ‘Dorsvloer vol confetti’, waarin zij het leven beschrijft van een boerenfamilie in een Zeeuws bevindelijk gereformeerd milieu

Het leven speelt zich steeds meer op het beeldscherm af. De afgelopen tien jaar hebben beeldschermen zich tussen ons in gewurmd, en vooral de jonge generatie gaat van scherm naar scherm. Stoepranden? Bok, bok, hoeveel horens heb je op je kop? Een boek? We staan alleen nog op van onze pc voor een potje op de Wii.

Terwijl uitgeverijen zich beraden over het ‘hoe en wanneer’ van het e-book, blijkt een ouderwetse roman als ‘Dorsvloer vol confetti’ bij de lezer aan te slaan. Dit succes wordt wel toegeschreven aan het feit dat mijn boek een boerenfamilie portretteert in een wereld waar nog geen tv- of computerscherm is doorgedrongen. Niet omdat het een historische roman is, maar omdat het in een gemeenschap speelt die ‘de wereld niet in huis wil halen’. Het wordt gelezen als een kroniek van een authentieke enclave, waar men niet ouwehoert tegen een scherm, maar tegen ouderlingen en veekooplui.

Of dit een juiste verklaring is, is nu even de kwestie niet. Wat ik me afvraag is of dat beschreven leven inderdaad authentieker is dan een leven mét tv en internet. Ik geloof van niet.

Toegegeven, het scherm heeft voor een collectief concentratieprobleem gezorgd. Doordat we constant via allerlei kanalen met iedereen in verbinding staan, leven we ons leven vooral via de ogen van de ander. Zelfs als we ons ergens rustig terugtrekken, gaat internet met ons mee, om onszelf en de anderen op de hoogte te houden. Als we van een popconcert niet twitteren hoe geweldig het is, dan zijn we er eigenlijk zo goed als niet geweest.

Het ouderwetse boerenleven staat daarmee in schril contrast. Het wordt ons al jarenlang hartverwarmend gepresenteerd door het tv-programma Boer zoekt vrouw, waar studio noch make-up aan te pas komt, en met authentieke emoties. Echte televisie, vinden we. Maar het is wel televisie. Dat boeren tegenwoordig buitenhet camerabeeld zitten te zwoegen op hun mestboekhouding, of het eiwit- en vetgehalte van hun laatste levering bekijken op mijncampina.nl, wordt niet getoond. Maar dat terzijde.

Ook het succes van boer zoekt vrouw kan gezien worden als een reactie op de verbeeldscherming van onze samenleving. We worden overvallen door een nostalgisch verlangen naar houten treintjes en eigengebreide sloffen. Slow food, zelf taarten bakken, biologische groenten, niet voor een beter leefmilieu maar voor de eerlijke ervaring. Alles waar aarde aan kleeft en een plekje aan zit, vinden we eerlijker dan de glanzende kant-en-klare producten die we in no time hebben aangeklikt op albert.nl. En de hoogopgeleide vrouwen in de een tijdje terug zo populaire serie Sex and the city wilden stuk voor stuk mannen die met hun handen werken. Echte mannen zitten niet achter een scherm.

Rita Verdonk onthulde laatst tegen een verbaasde Matthijs van Nieuwkerk, nadat ze abusievelijk dacht dat Giel Beelen voor de TROS werkte, dat ze nooit televisie kijkt. ‘Ik zit in het land, niet voor de tv.’ Ik vond het slim. De reden die ze gaf voor haar domme fout hoorde thuis in het discours van de authenticiteit. Echte politici zitten niet achter een scherm.

Ik kijk ook weinig tv en maak zelfs ruzie wanneer iemand die ongevraagd in mijn huiskamer aanzet, terwijl ik zit te lezen. Een van de nadelen van niet met een tv opgegroeid zijn, is dat je je met geen mogelijkheid meer kunt concentreren op een boek of een gesprek op het moment dat ie aan gaat. Zodra de buitenwereld zich via het scherm aan me opdringt, zak ik in mijn passieve modus, niet in staat om iets anders te doen dan te kijken. Maar werd mijn leven vroeger ook niet door de buitenwereld bepaald?

Ik ben opgegroeid in de gereformeerde gezindte, een subcultuur met eigen kerk, krant, politieke partij en verenigingsleven. Deze subcultuur is te vergelijken met de afzonderlijke zuilen in de eerste helft van de twintigste eeuw, de tijd dat er in Nederland nog amper televisie was.

In de gereformeerde gezindte wordt de televisie uit principe geweerd en internet heeft er nog maar kort geleden zijn intrede gedaan. Het is een wereld van gezag en van het Woord. We lazen thuis, op school, op de vereniging en eigenlijk overal uit de Bijbel, luisterden naar tamelijk angstwekkende preken op zondag en verder hadden we gezinsbladen en met name christelijke boeken. Als de juf jarig was bekeken we een diaserie van Pluk en Plok, en dat was het wel wat visuele input betreft.

„W, w, w!”, heb ik een bezorgde dominee rond de millenniumwisseling nog van de kansel horen roepen. „Gemeente, ik zeg u, iedere keer wanneer u die letters intypt op uw computerscherm, roept u een drievoudig ‘wee’ over uzelf af.” Maar inmiddels is internet, al dan niet in gefilterde vorm, ook binnengeslopen bij de meest orthodoxe gezinnen. Nodig voor werk en voor de schoolgaande kinderen.

Met internet heeft de refozuil de wereld in huis gehaald. Wetenschappelijke inzichten en alternatieve denkbeelden zijn via internet vrij toegankelijk. Twijfels over de waarheidsclaim van de zuil krijgen nu ruimer baan. Die twijfels kunnen anoniem, dus zonder gezichtsverlies, via het internet worden uitgewisseld. Gezag wordt minder vanzelfsprekend. Binnen de zuil wordt dat ‘wereldgelijkvormigheid’ genoemd. Ik noem het belangrijke winst. Want hoe authentiek ben je als je denkt en doet wat de dominee of de cultuur voor je bepaalt?

Voor de duidelijkheid: ik deel absoluut de nostalgie naar de wereld van het woord. En omdat ik me op het schrijven heb geworpen, heeft de leescultuur voor mij heel gunstig uitgepakt. Maar als je me vraagt wát ik dan allemaal precies heb gelezen, dan is het toch ook allemaal niet zo hoogstaand geweest. Christelijke damesromans met titels als ‘Goud-Elsje verlooft zich’, ‘Ook voor jou Rianne’, ‘Toch komt het goed, Rianne’, dat soort dingen. Dat zijn gewoon de brave en tekstuele equivalenten van de soaps op televisie. Alleen W.G. van der Hulst en de Statenvertaling steken daar qua taalgebruik met kop en schouders bovenuit.

Wie in zijn jeugd nog gestoeprand heeft, heeft er misschien moeite mee om de Wii als echte sport te beschouwen. Maar toch is het scherm inmiddels gewoon ‘het echte leven’. Achter mijn computerscherm ben ik authentieker dan zonder schermen vijftien jaar geleden. Niet God, maar ikzelf bepaal hoe ik mijn leven inricht, wat ik op mijn site zet en met wie ik Facebookvrienden word.

Neemt het scherm in ons leven een te grote plaats in? Dat lossen we niet op met nostalgische verlangens naar een leven waar we welbeschouwd helemaal niet naar terug willen. Dan moeten we gewoon keuzes maken. Een Wii hoeven we niet aan te schaffen en we kunnen regels stellen voor onze kinderen. Internet op onze mobiel? We kunnen nog zonder. Een twitteraccount is niet verplicht en op de tv zit een uitknop. Boeken en houten treintjes worden nog gemaakt en zolang dat allemaal nog zo is, heet het ongenoegen, voor zover dat wordt ervaren, geen gebrek aan authenticiteit maar gebrek aan zelfdiscipline. En dat kunnen we moeilijk op een ander schuiven.

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In het artikel Leven met tv en internet is authentieker dan een ouderwets boerenbestaan in de bijlage Opinie & Debat (20 februari, pagina 5) wordt de schrijver W.G. van der Hulst geprezen. Zijn naam is W.G. van de Hulst.