Salto's, skibrillen en high fives

De halfpipe-snowboarders vormen een compleet eigen wereldje binnen de olympische familie. Maar onder de jeugd is de sport razend populair.

Hannah Teter gooit er joelend nog maar eens een paar high fives tegenaan. Ze zet haar glimmende skibril recht, klopt de sneeuw van haar skibroek van namaakjeans – inclusief scheuren – en swingt in de mediazone gewoon verder op de dreunende muziek die over Cypress Mountain rolt.

De blonde Amerikaanse snowboardster, olympisch kampioen halfpipe in Turijn (2006), heeft zojuist met haar salto’s en tricks het publiek op de banken gekregen. Jonge meisjes in singlets en gebruinde jongens in blote bast gillen en schreeuwen vanaf de tribunes om haar aandacht. De 23-jarige Teter trekt een paar oordopjes uit haar oren. „Als ik tijdens mijn run naar een mooi nummer luister kan ik me beter focussen. Dan ben ik super-opgepompt.”

Als één sport op de Winterspelen van Vancouver bij jonge toeschouwers tot de verbeelding spreekt, dan is het wel de fotogenieke wintersportshow die ‘halfpipe’ wordt genoemd. De kleding is wijd en hangend, winters en fleurig; de zonnebrillen cool, de cultuur los en vrolijk, de acrobatiek boven de halfpipe ademstokkend – en dat allemaal tegen de achtergrond van een besneeuwde berghelling in de volle zon. Opmerkelijk in de feestende meute is de onderlinge band tussen de deelnemers, vergelijkbaar met de surfers. De rijders doen onderling high five-rituelen en yellen om een sprong van de concurrent.

De uitvoerders van de Frontside 900, de Backside 540 of de Cab 720 zijn welbespraakt, een tikkeltje anders – of zelfs weggelopen uit een film, zoals de Amerikaanse Kelly Clark, die zingend aan haar runs begint. De fans, uiteenlopend van krijsende Japanse tieners tot bedaarde Canadese ooms en tantes, zingen aanmoedigend mee.

De halfpipevrouwen brengen Hollywood naar de Spelen. Ze verdienen geld als model, voeren hun eigen kledinglijn of zonnebrillenmerk, zoals de Amerikaanse Gretchen Bleiler en de Australische ontwerpster Torah Bright, of poseren net niet naakt in het befaamde bikininummer van het sportblad Sports Illustrated, zoals Hannah Teter eerder deze maand deed. Hoe je er ook naar kijkt, de sport lijkt enigszins te wringen met het wereldje van het IOC.

Maar Teter gebruikte haar bekendheid sinds haar goud van Turijn ook nog voor andere doeleinden. Ze ondersteunt al jaren een Keniaanse dorpje, met de verkoop van ahornsiroop uit Vermont. In Vancouver baart ze opzien door damesondergoed te verkopen. Van elk verkocht slipje gaat vijf dollar naar Artsen zonder Grenzen, met als eindbestemming de slachtoffers van de aardbeving in Haïti. Ook het geld dat zij gisteren verdiende met haar zilveren medaille in Cypress Mountain gaat in zijn geheel naar Haïti. „Al van jongs af aan wist ik dat ik, als ik ooit beroemd zou worden, iets goeds wilde doen”, zegt ze over haar charitatieve werk.

De vrouwen zijn populair, maar stonden deze week toch in de schaduw van de winnaar bij de mannen, de mateloos populaire Amerikaan Shaun White, bijgenaamd ‘The Flying Tomato’ en ‘Animal’, naar de langharige Muppetfiguur. De 23-jarige Californiër, die alleen al met zijn lange, rode krullen de vrouwelijke toeschouwers op Cypress Mountain in extase bracht, baat zijn vliegende kunsten uit voor een slordige 8 miljoen dollar per jaar, een bedrag waar zelfs ijshockeyers en golfers jaloers op zijn.

De cultheld van de Noord-Amerikaanse jeugd verdedigde met succes zijn olympische titel uit Turijn met een ongekend hoog niveau en een ongeëvenaard arsenaal aan sprongen, met name de pas uitgevonden Double McTwist 1260. Don’t try this at home, luidt de boodschap die hij zijn fans erbij moet geven.

Dankzij snowboarders als White, die traint op een privé-halfpipe die zo afgelegen ligt in Colorado dat hij een helikopter moet nemen om er te komen, is de sport op de Spelen enorm in populariteit gegroeid – en beschikt de olympische familie over een eigen versie van de ‘X-Games’. Met spectaculaire sporten jongeren interesseren voor de olympische gedachte is een doelstelling van het IOC, dat in Peking (2008) al de fietscross introduceerde. Skateboarden heeft ook de aandacht.

Opmerkelijk genoeg ging het goud bij de vrouwen gisteren naar de Australische Torah Bright, voor Teter en Clark. Dat betekende de eerste Australische gouden medaille in Vancouver, en het eerste niet-Amerikaanse goud in de halfpipe sinds de introductie van de sport in Nagano (1998).

Uitgerekend Bright is een uitzondering in de wilde snowboardwereld. De 23-jarige snowboardster werd geboren aan de voet van de Snowy Mountains, maar om voldoende sneeuw om zich heen te hebben woont ze het grootste deel van het jaar in Salt Lake City. Die locatie kwam niet uit de lucht vallen: Bright is overtuigd mormoon, rookt niet, drinkt niet – ook geen koffie of thee. Maar, zoals ze zelf eens zei, voor haar leven als snowboardster maakt haar geloof geen verschil. „Ik ga wel uit, en ik blijf ook laat op, maar meestal kan ik de rest naar huis rijden.”