Canada gaat niet vrijuit bij rodeldode

Sport maakt rare dingen in mensen los. Sommigen rennen achter vensterglas op een lopende band met uitzicht op de barre wereld van de stoep, het groene gras en de frisse buitenlucht. Anderen razen met 140 kilometer per uur in ligstand, de benen naar voren, het lichaam in polyester gehesen, een steil, bevroren bergpad af.

En als het dan misgaat, weten wíj in elk geval de juiste keuze te hebben gemaakt. Moet je maar niet zulke dingen doen.

Precies zo was de reactie van de Canadese organisatie van de Olympische Winterspelen op de dood van de Georgische rodelaar Kumaritashvili. „Er zijn geen indicaties dat het ongeluk is veroorzaakt door gebreken aan de baan”, verklaarden de Canadezen, zonder onderzoek.

De te pletter geslagen Georgiër was overduidelijk een prutser en had beter thuis kunnen blijven. Moet je maar niet zulke dingen doen. „Exotische deelnemers nemen te veel risico”, zei de Duitse trainer van het Canadese rodelteam. Georgische sleetjesrijders zijn dus exotisch.

De fluks aangebrachte aanpassingen aan de rodelbaan waren in elk geval niet bedoeld als een verbetering van de veiligheid – want daar viel immers niets op aan te merken – maar als een psychologische vangrails voor de roekelozen die de dode zouden volgen.

Nu zouden de thuisblijvers kunnen concluderen dat de sportgoden gelijk hebben. Niemand wordt gedwongen om van een schans te springen, op latten van een berg af te suizen of salto’s boven de sneeuw te maken, dus als het dan misgaat, is dat jammer – voor hen die te pletter slaan vooral. Want voor de sport is het goed. Die gaat immers over het opzoeken van grenzen.

Maar de Canadezen gaan niet vrijuit. Niet wegens constructiefouten – want iedereen begrijpt dat gevaarlijke sporten, nou ja, gevaarlijk zijn – maar om de regels die zij voor zichzelf hebben bedacht. Zo hebben zij zich grenzeloos mogen voorbereiden op hun moordbaan. Exoten, in dit geval de hele wereld behalve Canada, hadden dat recht niet. Zo vuil is topsport.

Moet je maar niet zulke dingen doen.

Floris-Jan van Luyn is columnist van nrc.next.