Ga verkleed als de kredietcrisis

Niet iedereen krijgt het carnavalvieren van huis uit mee.

Een beknopte cursus: waar ga je naartoe, hoe groet je en wat trek je aan?

Confetti Carnaval
Confetti Carnaval NRC Handelsblad

1 Wanneer is carnaval?

Iedere stad en dorp kent zijn eigen carnavalstradities, en een algemeen verhaal is daarom moeilijk te houden. Wat doorgaans overeenkomt, is dat het carnavalseizoen begint om 11 minuten over 11 op dag 11 van de 11de maand, in november dus. Vanaf dan zijn er al verschillende feestelijke activiteiten. Officieel begint het echte carnavalsfeest op zondag, en duurt tot en met dinsdag, maar in veel steden kun je al vanaf morgen feesten. Op Aswoensdag begint een periode van vasten, tot aan Pasen.

2 Moet ik naar Brabant of naar Limburg?

Grofweg kun je carnavalsvierders indelen in twee stromingen: het Rijnlandse carnaval (Limburg) en het bourgondische carnaval (Noord-Brabant, delen van Gelderland en het oosten van Zeeland). Daartussen bestaan veel verschillen. De bourgondische steden dragen tijdens carnaval vaak een andere naam: Den Bosch heet Oeteldonk, Tilburg noemt zich Kruikenstad en Nijmegen Knotsenburg. In de meeste Limburgse steden wordt deze traditie niet gevolgd. Ook in sfeer zijn verschillen: zo is het Maastrichts carnaval (Vastelaovend) echt een buitenfeest, met veel drinken op de stoep terwijl Zaate Hermeniekes (oftewel harmoniemuzikanten) op straat van café naar café trekken, en speelt het feest zich in Brabantse steden meer in de kroeg af.

3 Hoe groet ik?

‘Alaaf’ is een carnavalsbegroeting, maar wel vooral traditie in de Limburgse plaatsen langs de Duitse grens. Terwijl je alaaf zegt, breng je de toppen van de gestrekte rechterhand naar je linkerslaap (als parodie op de militaire groet). In Brabant word je overigens raar aangekeken als je deze begroeting gebruikt.

4 Wat gebeurt er nog meer?

Tijdens carnaval houdt een zogenaamde tonpraoter, die in een ton staat (bourgondisch) of buuttereedner (Rijnlands) een cabaretesk betoog in dialect, waarin actuele zaken uit de stad of de carnavalsvereniging worden besproken. Ook veel van de praalwagens die worden gebouwd voor de lokale optocht, en waaraan maanden wordt gewerkt, proberen in te spelen op de actualiteit, en de lokale of landelijke politiek belachelijk te maken.

Sommige plaatsen hebben typisch carnavalseten. Zo eet men in Sittard nonnevotten, een soort gebakjes in de vorm van een knoop, en in Maastricht zoervleis, een stoofpotje met rundvlees in azijn en kruidnagel.

5 Wat trek ik aan?

Dat verschilt per stad. Eigenlijk is het uit den boze om je carnavalskleding te kopen. Die kleren maak je zelf, liefst in een groepje, zodat jullie samen ‘de kredietcrisis’, of ‘een worstebroodje plus een slaatje plus een fles ketchup’ zijn. Hoe creatiever hoe beter. Ga niet als ‘roze’, of als militair in de soldatenoutfit van je neef. In het Rijnlandse carnaval zijn de kleren zo uitbundig mogelijk, en komen de kleuren rood, geel en groen zo veel mogelijk terug. In het bourgondische carnaval zijn de outfits wat minder extravagant. In en rond Bergen op Zoom dragen de bewoners geen uitgebreide kostuums, maar juist oude kleding. Voor de mannen een boerenkiel, voor de vrouwen een (nep)bontjas, en voor beiden een stuk vitrage of gordijn en een rode zakdoek.

6 Waar gaan we op hossen?

Veel plaatselijke carnavalsverenigingen maken hun eigen carnavalslied, in dialect, met grappen over lokale problemen. Vaak moeten de traditionele carnavalsverenigingen niet veel hebben van artiesten van boven de rivieren die een ‘carnavalskraker’ proberen te maken. Toch probeert een hele schare aan bekende en minder bekende Nederlanders het ieder jaar weer, met wisselend succes. Lees hiernaast wie de kanshebbers zijn voor een carnavalshit die ook boven de rivieren populair gaat worden.

Kunnen bovensloters geen carnaval vieren? Of is men beneden de rivieren ongastvrij? Discussieer mee op nrcnext.nl

Jan Vollaard recenseert 6 carnavalshits

Truttigheid

Adje

Dit liedje **

‘Dit liedje is zo blij, omdat jij gelooft in mij’. Eén en al gelukzaligheid bij Adje in zijn oranje pak, die huppelt alsof hij op de EO-jongerendag staat te zingen. Acteur Arijan van Bavel alias Adje van Nispel werd bekend als De Zingende Decoupeerzaag en trad op bij Mooi Weer De Leeuw. Zijn montere liedje is van een grote truttigheid, al of niet bedoeld om zijn suffige personage te ondersteunen.

Drilboor

André van Duin

Ome Cor heb een drilboor ***

Geen hoogtepunt in het imposante carnavalsoeuvre van André van Duin die met ‘Willempie’ en ‘Er staat een paard in de gang’ enkele klassiekers in het genre op zijn naam schreef. Toch heeft hij altijd weer een paar hilarische gimmicks, zoals hier de actuele kwinkslag over ‘boren voor de tram in Amsterdam’ en het getrommel op de tafel, dat uitnodigt tot massale publieksparticipatie.

Inwisselbaar

Patty Brard

Het leven is een feest *

Om dit soort liedjes hebben carnavalsvierders beneden de Moerdijk een hekel aan inmenging uit het noorden. Frans Bauers producer Emile Hartkamp maakt handig gebruik van het Bekende Nederlanderschap van Patty Brard en laat haar een inwisselbare hoempadeun zingen, wat ze overigens heel aardig doet. Tussen de fanfaretoeters klinkt een verschrikkelijke tekst waarin ‘uit je bol’ rijmt op ‘leve de lol’. Wel leuk is Brard die met enige zelfrelativering ‘Ik heb een breëe rug en dikke billen’ zingt.

Gabberbeat

New Kids

Ge kunt de groeten uit Brabant krijgen kut ***

Dé hype onder scholieren die matjes in hun nek laten groeien en verkleed in goedkope trainingspakken of oranje gemeentewerkerstenue carnaval gaan vieren. New Kids zijn acteurs die zich voordoen als asociale hangjongeren, met de bijbehorende stoere vuilbekkerij. Hun muziekje is een lang niet onaardige variatie op een opgefokte gabberbeat met synthetische accordeonbegeleiding, die het bier in Brabant en Limburg volop zal gaan laten spetteren.

Zachte G

Jos van Oss

Zachte G harde L ****

Ook Jos is een verklede acteur, over wie gefluisterd wordt dat zijn lied een verkapte reclamecampagne van een biermerk is. In de clip drinkt hij een Brabants merk en urineert hij tegen de Amsterdamse bierbrouwerij. Eventuele commerciële bijbedoelingen nemen niet weg dat zijn hit een golf van opwinding door het land laat gaan, met zijn primitieve hoempabeat en een lollige tekst die verwijst naar Jos’ authentiek Brabantse afkomst en de dildo die hij onder zijn broek draagt. Op straat lokt het een Busje komt zo-effect uit: als je iemand het refrein hebt horen zingen, wil je weten waar het vandaan komt. Subtiel detail is het dameskoortje met de overdreven Gooise R.

Jaren 80

Fabrizio

Sjiek is miech dat ***

Strikt genomen geen carnavalsnummer, maar een Limburgstalige bewerking van de jaren-80-popsong ‘Felicita’ van Al Bano & Romina Powers. Fabrizio doet zich voor als een Nederlandse Italiaan in Maastricht, die ‘Vespa gejat’ laat rijmen op ‘sportfondsenbad’. Tekst meelezen is geen overbodige luxe voor niet-Limburgers en uit kringen van feestvierders komt de klacht dat er op dit nummer weinig te hossen valt. Maar leuk is het wel, deze kermisachtige synthesizerdeun die appelleert aan eighties-nostalgie.

Beluister de zes carnavalsliedjes op nrcnext.nl