Wetenschap kort

Pootafdrukken van zes dinosaurussen gevonden in China

Peking. Archeologen hebben in China na opgravingen die drie maanden tijd in beslag namen meer dan drieduizend pootafdrukken ontdekt. Ze lijken toe te behoren aan tenminste zes verschillende dinosaurussen, waaronder de vleeseter Tyrannosaurus rex. De afdrukken zijn tot ruim 80 cm groot. Dat meldt het Chinese staatspersbureau Xinhua. De meer dan honderd miljoen jaar oude pootafdrukken in Zhucheng in de provincie Shandong wijzen allemaal in dezelfde richting. Een paleontoloog van de Chinese Academie voor Wetenschappen denkt dat een deel van sporen, 10 tot 80 centimeter in diameter, kan zijn gemaakt door een kudde plantenetende dinosaurussen die op de vlucht is geslagen. Het blootleggen van de sporen, verspreid over een oppervlak van 2.600 vierkante meter heeft drie maanden in beslag genomen. (BBC, AP)

Hartstichting scoort met kwaliteit studies

Door een onzer redacteuren

Rotterdam. Het onderzoek dat de Hartstichting subsidieert is van betere kwaliteit dan ander Nederlands onderzoek naar hartziekten. Dat schrijven onderzoekers van de Hartstichting in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde van afgelopen zaterdag. Het lijkt op zelfaanprijzing, maar de publicatie- en citatieanalyse is onafhankelijk werk van het Centrum voor Wetenschap en Technologie Studies van de Universiteit Leiden. Onderzoek dat tussen 1999 en 2007 door de Hartstichting is gesubsidieerd wordt 65 procent vaker geciteerd dan alle hartonderzoek op de wereld. Nederlandse hartonderzoek dat ook uit andere bron wordt gefinancierd wordt ruim 30 procent vaker geciteerd dan het wereldgemiddelde. De Nijmeegse Radboud Universiteit scoort het best op de citatieranglijst, op basis van een relatief klein aantal projecten. De Hartstichting claimt het eerste collectebusfonds te zijn dat zijn onderzoek op deze manier liet beoordelen en erover publiceerde.

Britse lente komt steeds vroeger

Door een onzer redacteuren

Rotterdam. De typische lente- en zomerverschijnselen in de Britse natuur deden zich in 2005 gemiddeld 11,7 dagen eerder voor dan in 1975. Dat blijkt uit een bureaustudie die deze week verscheen in Global Change Biology. Onderzoekers analyseerden ruim 25.000 studies waarin data waren verzameld over het uitlopen van bomen, terugkeer van trekvogels, de eerste insectenvlucht of algenbloei. Zij brachten die gestandaardiseerd bijeen en berekenden vervroeging of verlating per decennium. In 84 procent van de gevallen trad vervroeging op, vooral bij landplanten. De relatie met klimaatverandering is aannemelijk, in de periode 1975-1985 was de opwarming gering en bleef ook de vervroeging beperkt. Verontrustend is dat dieren die van planteneters leven, zoals uilen, zich traag aanpassen waardoor een ‘mismatch’ dreigt met het aanbod van voedsel.