IPCC is geen 'klimaatmaffia'

Door enkele fouten in het IPCC-rapport wordt de klimaatwetenschap afgedaan als ‘maffia’. Dit is volstrekt misplaatst, stellen Wim Turkenburg en 49 andere hoogleraren.

Fouten in het klimaatrapport van het IPCC worden door sommigen aangegrepen om de hele klimaatwetenschap in diskrediet te brengen. In de Tweede Kamer zijn klimaatwetenschappers zelfs neergezet als ‘bedriegers’ en ‘klimaatmaffia’. Zulke kwalificaties missen elke grond. Dat het IPCC niet onfeilbaar is, maakt zijn hoofdconclusies nog niet onwaar.

Sinds 1990 is de kennis over klimaatverandering snel toegenomen. Het staat vast dat de hoeveelheid broeikasgassen sterk is toegenomen sinds de industriële revolutie. Door de toename van broeikasgassen verandert de balans van de warmtestraling van de aarde. Een wereldwijde opwarming van ruim een halve graad in de afgelopen eeuw is al waargenomen. Studies laten zien dat bij voortzetting van de uitstoot van broeikasgassen de opwarming doorzet met 1,1 tot 6,4 graden Celsius in 2100 (ten opzicht van de periode 1980-1999).

In 1988 is door de World Meteorological Organization (WMO) en het United Nations Environment Programme (UNEP) het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) opgericht met als doel beleidmakers te voorzien van een afgewogen overzicht van de stand van kennis over het klimaatvraagstuk. IPCC is een open netwerkorganisatie die gebruikmaakt van deskundigen uit de hele wereld, vooral van universiteiten en van onderzoeksinstellingen als KNMI, ECN en PBL. In het IPCC werken 194 landen samen.

IPCC brengt om de circa zes jaar een klimaatrapport uit, het meest recente in 2007. Dit rapport omvat drie deelrapporten: over de natuurwetenschappelijke basis (Werkgroep I); gevolgen, kwetsbaarheid en aanpassing (Werkgroep II) en oplossingen (Werkgroep III). De rapporten uit 2007 zijn geschreven door circa 44 teams met 450 hoofdauteurs. Nog eens 800 wetenschappers hebben tekstbijdragen aangeleverd.

Wij hebben kennisgenomen van de commotie rond de fouten die zijn vastgesteld in het rapport van 2007, vooral in deelrapport II. Het onjuiste jaartal voor het verdwijnen van de Himalayagletsjers en het onjuiste percentage ‘land volledig beneden zeeniveau’ zijn voorbeelden van fouten die ruiterlijk moeten worden erkend. Zij doen echter niets af aan de hoofdconclusie dat de mens het klimaat zeer waarschijnlijk verandert met op termijn ingrijpende gevolgen.

In verhitte discussies die rond deze fouten zijn ontstaan, zijn vragen gerezen over de kwaliteit en integriteit van het IPCC. De kwaliteitsborging van het IPCC blijkt niet waterdicht. Maar het beeld dat er opzettelijk is geknoeid met wetenschappelijke kennis, vindt geen grond in de feiten.

Ook het beeld dat de conclusies van het rapport afhangen van dubieuze bronnen, wijzen wij met kracht van de hand. De referentielijst van het circa 2.800 bladzijden tellende klimaatrapport verwijst naar 18.000 bronnen, waarvan het overgrote deel gepeerreviewde wetenschappelijke studies.

Ook het beeld dat het IPCC geen goede procedure zou hebben om de kwaliteit te waarborgen, is onjuist. De richtlijn hiervoor wordt doorlopend herzien. Bij het laatste rapport gaven 2.500 referenten samen circa 90.000 commentaarpunten op de 44 hoofdstukken.

De richtlijn schrijft ook voor hoe schrijfteams om moeten gaan met niet-gepeerreviewde (‘grijze’) bronnen. Elk schrijfteam is verplicht de kwaliteit te controleren. Bij de Himalayafout is de richtlijn niet goed nageleefd. Het IPCC zou grootmoediger moeten worden in het erkennen van fouten. Hiervoor zou het IPCC een erratum op zijn website moeten bijhouden.

Ondertussen heeft het vertrouwen van publiek en politiek in het klimaatbeleid een deuk opgelopen. Dit is zorgwekkend, omdat het klimaatvraagstuk ernstig en urgent is. Ondanks de fouten blijven de hoofdconclusies van het IPCC overeind staan.

Dit is een bekorte weergave van de brief. De volledige versie met alle namen is te lezen op nrc.nl/opinieblog