Begrotingstekort VS dramatisch

De door president Obama ingediende begroting voor 2011 onderstreept de ernst van de Amerikaanse begrotingsproblemen. Tegen 2011 zullen de effecten van de reddingsoperaties en de stimuleringsmaatregelen zo goed als voorbij zijn, moet het economisch herstel op gang zijn gekomen, en moet de door Obama beloofde uitgavenstop een realiteit zijn. Toch zal het tekort volgend jaar nog steeds 1,3 biljoen dollar bedragen. Grotere bezuinigingen zijn snel nodig.

De begroting van maandag, voor het jaar dat eindigt in september 2011, omvat hogere federale uitgaven dan het Begrotingskantoor van het Congres op 26 januari had voorspeld, ondanks de bestedingsstop. Als je de lagere belastinginkomsten – dankzij de optimistische verwachtingen van het Begrotingskantoor – daarbij optelt, zal het tekort 287 miljard dollar hoger uitkomen dan het Begrotingskantoor had verwacht.

De komende tien jaar zal het verwachte cumulatieve begrotingstekort oplopen naar zo’n 8,5 biljoen dollar, 2,5 biljoen dollar méér dan wat het Begrortingskantoor een week geleden nog voorspelde – en dat is waarschijnlijk aan de optimistische kant.

Een vergelijking tussen de begroting van Obama en de verwachtingen voor 2011 uit het eerste uitgavenprogramma van de regering-Bush van februari 2001, onderstreept zowel het feit dat de werkelijke cijfers vrijwel altijd slechter uitpakken dan de verwachtingen als het feit dat beide partijen (Republikeinen én Democraten) verantwoordelijk zijn voor het gebrek aan begrotingsdiscipline.

Bush voorspelde dat de overheidsbestedingen in het begrotingsjaar 2011 op 2,7 biljoen dollar zouden uitkomen, slechts íets meer dan 15 procent van het verwachte bruto binnenlands product (bbp). Dat was te optimstisch – zelfs in 2002 beliepen de federale overheidsuitgaven al bijna 18 procent van het bbp. En de door Obama begrote uitgaven in 2011 van 3,8 biljoen dollar bedragen meer dan 25 procent van het bbp.

Als het verschil tussen de verwachte en de werkelijke uitgaven in 2020 even groot zal zijn, zullen de overeidsbestedingen tegen die tijd op eenderde van het bbp zijn aangeland, ruim boven het peil van de meeste lidstaten van de Europese Unie, inclusief de uitgaven in de VS op staats- en lokaal niveau.

Dit probleem kan worden verlicht als de groei hoger blijkt uit te vallen dan was voorspeld, zoals in het verleden ook is gebeurd. Maar nu de Amerikaanse staatsschuld op 64 procent van het bbp staat, zou een trage groei met zo nu en dan een poging tot verdere stimulering van de economie – hetgeen de Japanners hebben ervaren in de jaren negentig – de Verenigde Staten spoedig op weg helpen naar een staatsschuld van zo’n 200 procent van het bbp, de huidige staatsschuld van Japan.

Als de begroting voor 2011 van Obama het begin moet zijn van een gedisciplineerder aanpak van de uitgaven, moet hij veel steviger maatregelen nemen. Zowel Democraten als Republikeinen hebben zich de afgelopen tien jaar aan spilzucht bezondigd. Nu moeten beide partijen het tij gezamenlijk zien te keren.

Martin Hutchinson

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com