Wat?? Of het iets zachter kan

Te lang naar te luide muziek luisteren, kan onherstelbare schade aan je oren opleveren.

Brussel wil het volume van mp3-spelers beperken, maar de vraag is of dat wel werkt.

Earproof, een bedrijf dat oorpluggen op maat verkoopt, staat met deze posters op festivals, om aandacht te vestigen op de risico’s op gehoorschade. Beeld Earproof
Earproof, een bedrijf dat oorpluggen op maat verkoopt, staat met deze posters op festivals, om aandacht te vestigen op de risico’s op gehoorschade. Beeld Earproof

Peter van Galen heeft sinds een jaar of vijf een piep in zijn oren. Of dat komt door tien jaar in de Amsterdamse muziekindustrie, of door het vuurwerk dat per ongeluk naast zijn oor ontplofte toen hij een jaar of twaalf was, of door veelvuldig luisteren naar zijn iPod – hij weet het niet. „Het zal de combinatie zijn.”

Hoe dan ook, die piep is permanent aanwezig en gaat ook niet meer weg. Hij is oprichter van Earproof, een bedrijf dat oorpluggen op maat levert. Daar was hij al mee begonnen vóórdat hij zelf een piep in zijn oor kreeg.

„Ben ik in een rustige ruimte, dan is de piep luid en duidelijk aanwezig. Op een beurs of in een café is hij op de achtergrond, maar hij is er altijd.” Hij leerde ermee leven, maar dat is niet voor iedereen even gemakkelijk, vertelt hij. „Mensen gaan eraan onderdoor. Op internet kun je brieven vinden van mensen die zelfmoord pleegden, omdat ze er niet meer mee konden omgaan.”

Eén van de boosdoeners voor de permanente gehoorschade bij Van Galen is het harde geluid van de mp3-speler. Dat het volume van die apparaatjes een gevaar kan betekenen voor de volksgezondheid, is inmiddels ook doorgedrongen tot de Europese Commissie. Eurocommissaris Meglena Kuneva (Consumentenzaken) stelde eind vorig jaar voor om het volume van draagbare muziekspelers – waartoe ook mobiele telefoons gerekend worden – te beperken.

Het aantal consumenten dat het risico loopt op gehoorschade door het luisteren naar harde muziek, is de laatste jaren hard gestegen. Precieze cijfers ontbreken, maar de Europese Commissie schat dat 10 miljoen consumenten risico lopen. „En dat kan een onderschatting zijn, door gebrek aan precieze data”, aldus de Commissie. Uit onderzoek van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam blijkt dat in Nederland bijna eenderde van de jongeren van 12 tot 16 jaar structureel naar te harde muziek luistert. Zij riskeren permanent, onherstelbaar gehoorverlies.

De Europese Commissie wil iets doen tegen dit nieuwe gevaar voor de volksgezondheid. „Vooral jongeren zijn zich niet van de gevaren bewust”, waarschuwt Kuneva. Terwijl over die risico’s geen twijfels bestaan. Audioloog Jan de Laat ziet op zijn spreekuur bij het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) met grote regelmaat jongeren die klagen over een pieptoon in hun oren die niet meer weggaat. Of ze merken dat ze minder verstaan als er geroezemoes is op de achtergrond. Die jongeren zijn vaak heel emotioneel. „Veel jongeren kiezen een beroep waarbij communicatie en dus goed horen belangrijk is.”

Brussel zet dan ook flink vaart achter de nieuwe regelgeving voor geluidsbegrenzing op mp3-spelers. De Europese Commissie vroeg Cenelec, het Europese normalisatie-instituut dat de standaarden voor elektronische apparatuur opstelt, om haast te maken. Vorig jaar september kwam Kuneva met het plan en al in december stuurde het instituut de voorstellen naar alle nationale standaardisatiecomités, die nu tot eind februari de tijd hebben om erop te reageren. In de standaard staat dat het maximale volume standaard 85 decibel moet worden. Daar mag je nog overheen gaan, tot maximaal 100 decibel, maar dan moet de muziekspeler een waarschuwing geven dat een hoger volume schadelijk kan zijn voor het gehoor. De gebruiker moet dan zijn fiat geven: door ‘oké’ aan te klikken op het display, bijvoorbeeld.

Jos Remy, voorzitter van de Europese werkgroep geluidsbeperking, verwacht – en hoopt – dat de comités weinig mitsen en maren aandragen. „We hebben bewust alleen de grenzen van 85 en 100 decibel vastgesteld. Producenten mogen zelf bepalen hóe hun product de consument waarschuwt als het volume de 85 decibel overschrijdt. Via de software van het programma is dat het gemakkelijkst te regelen, door in het menu op ‘oké’ te klikken. Maar je kunt je ook een stem in het oor voorstellen of een lampje dat gaat branden”, vertelt Remy. Problemen verwacht hij bij producenten van muziekspelers in het goedkope segment. Die gebruiken zeer eenvoudige software en hebben vaak ook geen display waarop een waarschuwing kan verschijnen.

Voor de fabrikanten komt de strengere regelgeving niet uit de lucht vallen. In Frankrijk geldt de maximale bovengrens van 100 decibel al een paar jaar. Wie op de Europese markt groot wil zijn, laat zijn mp3-spelers daar dus al aan voldoen, zegt Remy. „Al zijn er nog spelers die met gemak de 115 of zelfs 120 decibel halen.”

Eenduidige Europese regelgeving is ook in het belang van fabrikanten; zij kunnen één product voor de Europese markt maken. „Bovendien hebben producenten niets aan slechthorende consumenten”, zegt Remy. Als zijn verwachting klopt en de regel nog dit jaar wordt aangenomen, is de kans groot dat die binnen één à twee jaar van kracht wordt, in plaats van de gebruikelijke drie jaar of langer.

Als dat lukt, is deze wet een voorbeeld van hoe snel de Europese regeldraaimolen kán werken. Maar of zo de kans op gehoorschade daadwerkelijk daalt, is de vraag. Ineke Vogel, onderzoeker van het Erasmus MC, promoveerde vorig jaar op het gedrag van jongeren die naar muziek luisteren. „Ik heb mijn twijfels of zo’n waarschuwingsknop werkt bij de jongeren die echt veel luisteren”, zegt ze. „Ik ben bang dat die gewoon op oké drukken en doorgaan met waar ze mee bezig waren. Veel jongeren denken: wie dan leeft, wie dan zorgt.”

Eén keer je mp3-speler te hard zetten hoeft ook niet meteen tot ernstige gehoorschade te leiden. De meeste jongeren die audioloog Jan de Laat spreekt, hebben hun gehoor met grote regelmaat en voor een langere periode blootgesteld aan te harde muziek: „Vaak is het een mix van de hele dag luisteren naar een mp3-speler die hard staat én elk weekeinde naar een concert of de discotheek gaan.”

Verder neemt het beperken van de volumes van mp3-spelers een structurelere oorzaak niet weg: gehoorschade maakt weinig indruk op jongeren, omdat het een abstract probleem is – tot je er last van krijgt. Volgens onderzoeker Ineke Vogel is het bovendien heel moeilijk om het gedrag van jongeren in de risicogroep te veranderen. „Beschermende oordopjes gebruiken tijdens een concert vinden ze niet cool. En je kunt jongeren ook niet verplichten om gehoorbeschermers te gebruiken.”

Peter van Galen denkt dat vooral een positieve aanpak werkt. „De boodschap is nu: muziek is slecht voor je. Logisch dat jongeren recalcitrant worden en hun iPod lekker hard zetten. Muziek hoort er gewoon bij als je jong bent.” Geef subsidie voor oordoppen, zegt hij, en maak ze hip: „Dan hebben oordopjes over tien jaar dezelfde status als nu de zonnebril: die heb je gewoon bij je.”