Van loverboy tot pooierboy

De minister verandert – onder veel bijval – een naam en krijgt steeds meer navolgers.

De afgelopen jaren sluiten steeds meer kranten en tijdschriften het jaar af met een overzicht van nieuwe woorden en uitdrukkingen, maar bij mijn weten schreef alleen het Dagblad van het Noorden er iets over. Op 31 december 2009 meldde die krant, onder het kopje ‘noordelijke woorden’: „Ineens hoor je elfstedenkou en pooierboys.”

Zelf maak ik ook al jaren zo’n neologismenoverzicht, voor de krant die u nu leest, maar eerlijk gezegd was pooierboy mij tot voor kort ontgaan. Toch blijkt dit woord al eind 2008 te zijn geïntroduceerd. We weten zelfs heel precies wanneer het debuteerde – een zeldzaamheid bij nieuwe woorden – want pooierboy werd gelanceerd in de Tweede Kamer en alles wat er in de Kamer wordt gezegd (althans: voor de microfoon) wordt letterlijk opgeschreven in de zogenoemde Handelingen.

Op 12 november 2008 zei minister Hirsch Ballin, in een discussie met de Tweede Kamer over de term loverboys: „De Kamerleden, ik en degenen die ook maar een beetje vertrouwd zijn met het onderwerp, weten hoe misplaatst die aanduiding van deze jongemannen als lovers is. Ik denk inderdaad dat wij een poging moeten doen om daar vanaf te komen. [...] Het lijkt mij goed te onderkennen dat het boys zijn, maar misschien doen wij er goed aan om ze voortaan pooierboys te noemen. Die term geeft goed aan dat het niet zo maar pooiers zijn, want het zijn jongemannen die het doen. Ik hoop dat het vergoelijkende er dan een beetje af is, want iedereen weet wel wat een pooier is.”

Tijdens dit debat werd het woord al snel overgenomen, en K. Arib van de PvdA zei op een gegeven moment zelfs: „Ik dank de minister voor zijn uitvinding van de term pooierboy.” In een volgend debat, op 22 december 2008, was Hirsch Ballin zelfs nog stelliger. Naar aanleiding van de vraag of hij wist dat loverboys steeds vaker leden van professionele bendes zijn die meisjes met bruut geweld dwingen tot seks en drugshandel, antwoordde hij: „Voorafgaand aan de beantwoording van deze vraag wil ik u meedelen dat ik er voor kies de verhullende term loverboy niet meer te zullen gebruiken maar vanaf heden te spreken van een pooierboy.”

Deze ministeriële naamsverandering werd indertijd in diverse kranten gesignaleerd, maar kreeg vervolgens weinig navolging in de media. Ook niet in het parlement trouwens, en Hirsch Ballin moest er in februari 2009 nog een kritische vraag over beantwoorden: „Deelt u de mening dat het onhandig is om de term loverboys te veranderen omdat deze term nu eenmaal grote bekendheid heeft en wordt gebruikt in al het informatie- en lesmateriaal voor de bestrijding van de loverboyproblematiek?”

Nee, Hirsch Ballin deelde die mening niet. Alleen de naamsverandering zou het probleem natuurlijk niet oplossen, stelde hij, maar het nieuwe woord zou wel een groter bewustzijn van de ernst van deze misdadige praktijk kunnen bewerkstelligen.

Inmiddels kunnen we vaststellen dat hij steeds meer medestanders krijgt. De Rotterdamse, Amsterdamse, Utrechtse en Haagse politie zijn overgestapt op pooierboy, ondanks protesten van deskundigen. Ook op radio en tv hoor je pooierboy steeds vaker. In deze krant is het woord tot nu toe vermeden, maar het zou mij niet verbazen als dat de komende tijd gaat veranderen. Ik zou dat overigens toejuichen, want soms kan het inderdaad nuttig zijn om het beest een nieuwe naam te geven.

Reacties naar sanders @nrc.nl of via www.nrc.nl/woordhoek