Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Voetbal

Ingooi?

Arsène Wenger wil de ingooi in het voetbal afschaffen. In plaats daarvan wil de Arsenal-coach het inschieten invoeren. De ingooi heeft volgens Wenger niets met voetbalkwaliteiten te maken. Heeft hij gelijk?

Henk Kesler, directeur betaald voetbal KNVB: „Ik vind het een merkwaardige opvatting. Wenger is van mening dat sommige spelers voordeel halen uit de ingooi omdat ze ver kunnen gooien. Natuurlijk is dat zo, maar een andere speler is beter in corners nemen en een derde speler in het nemen van vrije trappen. Dat zijn nou eenmaal de onderdelen van het voetbalspel en daar hoort de ingooi al meer dan honderd jaar bij. Ik vind het dus een beetje onzin. Hij heeft wel gelijk dat het spel er sneller door zou worden. Je kunt bij een intrap met een lange trap de bal van achteruit immers in één keer helemaal naar voren spelen. Maar of je het spel daarvoor op die manier moet veranderen? Ik zie er niets in.”

Theo van Duivenbode, oud-voetballer van Ajax en Feyenoord: „De afgelopen jaren wordt er zo veel gepraat over veranderingen in het voetbal, daar word ik wel eens moe van. Maar ik kan dit voorstel van Wenger wel begrijpen. Voetballen doe je immers niet met je handen en het verschil tussen een ingooi en een intrap is niet heel groot, dus wat mij betreft wordt die regel ingevoerd. Als Wenger een aantal doelpunten tegen heeft gekregen door een extreem goede ingooi, kan ik zijn reactie heel goed begrijpen. Een dergelijke maatregel zou volgens mij geen problemen opleveren.”

Vera Pauw, bondscoach van het Nederlands vrouwenteam: „Ik ben geen voorstander van het afschaffen van de ingooi. In de verdedigende zone, ver terug op eigen helft, wil je nu een ingooi voorkomen. De tegenstander zet je dan vast en het is lastig om daaruit te komen. Bij een intrap gebeurt het omgekeerde. De verdedigers zullen dan juist wél willen dat de bal uitgaat, zodat ze vervolgens makkelijk risicoloos kunnen opbouwen. De intrap is dan een vrije trap op eigen helft. Het zou betekenen dat het minder oplevert als je de tegenstander vast zet. Als je het hebt over de aantrekkelijkheid van het spel, wil je juist maatregelen nemen die het spelen op de helft van de tegenpartij bevorderen in plaats van tegengaan. Een intrap levert ook zo veel voordeel op dat spelers gericht de bal via de tegenstander zullen willen uitschieten. Je krijgt dan hetzelfde probleem als bij het hockey. Het versieren van een strafcorner, door de bal in de cirkel op de voet te spelen, is een doel op zich geworden.”

Dick van Egmond, voetbalscheidsrechter: „Het is leuk bedacht, maar je moet ook naar de consequenties kijken. Bij een ingooi kunnen spelers nooit buitenspel staan. Als dat bij de intrap ook zo zou zijn, zou werkelijk elke intrap een soort vrije trap worden waarbij je geen buitenspel kunt staan. Wenger meent ook dat het spel sneller wordt door een intrap, maar dat valt te bezien. Het zijn de spelers die het spel vertragen en niet de regels. Voetballers hebben vaak de tijd nodig om op adem te komen. Die tijd hebben ze bij een intrap even hard nodig.”

Johan Derksen, hoofdredacteur van het weekblad Voetbal International: „Ik vind het onzin. Een aantal jaar geleden is er in België een experiment gedaan door de Europese voetbalbond UEFA en de wereldvoetbalbond FIFA. In de tweede klasse werd de ingooi door de intrap vervangen. Dat is op een grote flop uitgelopen. Als Wenger nu opnieuw het wagenwiel wil uitvinden, omdat hij wil overkomen als semi-intellectueel, wens ik hem veel succes. Wenger zou zijn tactische concept moeten aanpassen op de ingooi.”

Ed Engelkes, vrouwencoach bij landskampioen AZ: „Het spel zou er een stuk sneller van kunnen worden. Maar de ingooi hoort gewoon bij het spel. Het komt nu in de aandacht omdat een aantal clubs heel hard op de ingooi heeft getraind en daar voordeel uithaalt. Het is aan alle trainers om daar rekening mee te houden en er een antwoord op te vinden. Ik vind het een beetje ver gaan om de ingooi af te schaffen.”