Vertrouwde namen domineren veilingen

Voor de kunstmarkt was 2009 een moeizaam jaar met toch een aantal opvallend goede resultaten. De veiling van de collectie van Yves Saint Laurent was een bijzonder hoogtepunt.

Rafaël Santi is de duurste kunstenaar van 2009. Een vrouwenportret in houtskool ter grootte van een A4’tje was van alle geveilde kunstwerken dit jaar met afstand het duurste. Een onbekende koper betaalde begin deze maand bij Christie’s in Londen ruim 32 miljoen euro voor de schets van de Italiaanse oude meester die van 1483 tot 1520 leefde.

Zoals verwacht zette de anderhalf jaar geleden ingezette neergang op de kunstmarkt zich dit jaar voort. 2009 was een onzeker jaar waarin relatief weinig topstukken werden aangeboden. Kopers waren er genoeg, verkopers veel minder. Die tendens weerspiegelt zich in de lijst van dertig duurste kunstwerken die dit jaar bij Christie’s en Sotheby’s werden verkocht, de twee veilinghuizen die samen het leeuwendeel van de wereldmarkt in handen hebben.

Waren de naoorlogse expressionisten Mark Rothko en Francis Bacon de veilingkampioenen van 2007 en 2008, dit jaar domineren vertrouwde namen de lijst van topverkopen: Picasso, Mondriaan, Monet en Degas. Vooral door het schrale aanbod van naoorlogse kunst bleven biedingen van ruim boven de 50 miljoen dollar uit. De tien duurste kunstwerken van dit jaar kosten samen 308 miljoen dollar. Die rekensom viel vorig vorig nog ruim 70 procent hoger uit: 524 miljoen dollar.

Als verzamelaars hun Bacons en Rothko’s al van de hand wilden doen, gaven zij de voorkeur aan onderhandse verkopen, zegt Jean-Paul Engelen, senior specialist op de afdeling naoorlogse en hedendaagse kunst bij Christie’s Londen. Zijn afdeling private sales, vorig jaar goed voor bijna een half miljard dollar omzet, beleefde een topjaar. Engelen en zijn collega’s bemiddelden bij de verkoop van tien naoorlogse kunstwerken van boven de 10 miljoen dollar, doeken van onder meer Gerhard Richter, Lucian Freud en Rothko.

In onzekere tijden kiezen verzamelaars voor veiligheid, zegt Engelen. „Met de lagere taxaties is het afwachten wat een schilderij doet. Verzamelaars zeggen nu eerder: ‘Je mag het voor deze prijs verkopen.’ Bijkomend voordeel van een private deal is dat niemand van zo’n verkoop afweet.” En ook de verkoopbedragen worden niet bekendgemaakt.

In 2009 was New York niet langer het vanzelfsprekende centrum van de kunstwereld. Van de tien duurste kunstwerken werden er liefst acht in Parijs en Londen geveild. De exceptionele Yves Saint Laurent-veiling in februari in Parijs, goed voor vijf werken in de toptien, vertekent het beeld enigszins. Maar de trend is onmiskenbaar: veel verzamelaars zijn op de vlucht voor de lage dollar. Jean-Paul Engelen: „Europeanen, Russen en Arabieren beheersten de markt. Pas in de tweede helft van het jaar lieten Amerikaanse verzamelaars zich weer zien.”

Voor topkunst van topkunstenaars werden op veilingen ook in 2009 recordprijzen betaald. Engelen: „Meer dan 40 miljoen voor een goede Andy Warhol en drie Picasso’s in de topdertig, het verbaast me niet. Voor blue chip artists zijn in de huidige markt kansen genoeg. Damien Hirst draaide bijvoorbeeld ook een prima jaar.”

Onder de dertig duurste kunstwerken van 2009 zijn vijf werken van Nederlandse kunstenaars: twee Mondriaans uit de collectie van Yves Saint Laurent, een Kees van Dongen van de Nederlandse verzamelaar Louis Reijtenbagh, een Rembrandt en een Hendrick ter Brugghen.

Op de lijst staat slechts één levende kunstenaar: Peter Doig. Een doek van de 50-jarige kunstenaar bracht in november 10,1 miljoen dollar op.

Lijst met de duurste dertig van 2009 op nrc.nl/kunst

    • Arjen Ribbens