Staalharde communist die als Kamerlid waardering kreeg

Necrologie

Marcus Bakker was een politicus die in de Tweede Kamer meer waardering oogstte dan zijn partij, de Communistische Partij van Nederland.

„Nu kunnen arbeiderskinderen eindelijk naar het gymnasium en dan schaffen ze het gymnasium af.” Aldus het commentaar van Marcus Bakker, eind jaren zeventig, op de vooral door de PvdA gepropageerde plannen om de middenschool in te voeren. De uitspraak is later in de discussies over de omstreden onderwijshervorming nog vaak herhaald.

De afgelopen donderdag op 86-jarige leeftijd overleden Marcus Bakker was typisch zo’n politicus die in de Tweede Kamer veel meer waardering wist te oogsten dan zijn partij.

Maar weinigen moesten iets hebben van de Communistische Partij van Nederland (CPN), die Bakker van 1963 tot zijn vertrek in 1982 in de Tweede Kamer aanvoerde. De parlementariër Marcus Bakker daarentegen stond in de Tweede Kamer en ook daarbuiten in hoog aanzien. Dat kwam doordat hij zich, als kenner van de procedures, ontpopte als hoeder van de rechten van het parlement, een officieuze functie die na zijn vertrek uit de Kamer werd overgenomen door Kamerleden van de kleine christelijke fracties, zoals eerst Gert Schutte (ChristenUnie) en nu Bas van der Vlies (SGP).

Marcus Bakker was in de oude vergaderzaal van de Tweede Kamer ook gevreesd en gevierd vanwege zijn vlijmscherpe en humoristische wijze van debatteren. Toen minister De Block (Economische Zaken, KVP) destijds in de Kamer sprak over „het United Kingdom” liep Bakker naar de interruptiemicrofoon en vroeg hij of de minister „dit misschien ook in het Engels kon zeggen”.

Venijnig kon hij ook zijn. Over de ooit in de communistische beweging begonnen publicist en politicus Jacques de Kadt, die zich nadien ontwikkelde tot fel anticommunist, zei hij bijvoorbeeld: „In het orkest der politieke gifmengers blijft hem de plaats van eerste vitriolist volkomen toevertrouwd.”

Vaak waren de bijdragen van Marcus Bakker in de Tweede Kamer een mengeling van onvervalste retoriek en scherpzinnige waarneming. „Wij worden verkwanseld aan de Amerikanen en aan het internationale kapitaal”, was een nog door een ruime meerderheid met schouderophalen te noteren aanklacht. Moeilijker had vooral de PvdA het wanneer Bakker deze partij weer eens aansprak op het negeren van verkiezingsbeloften, vooral wat betreft het in de kou laten staan van de arbeidersklasse. Dan speelde hij de rol die later toeviel aan Jan Marijnissen van de SP.

Een belangrijke rol speelde Bakker in zijn nadagen bij de herziening van de Grondwet. Het ging om het daarin opgenomen discriminatieverbod. Moest er een gelimiteerde opsomming komen of een algemeen discriminatieverbod? Het amendement van de PvdA’er Hein Roethof dat een algemeen discriminatieverbod voorzag, kreeg dankzij de steun van Bakker een meerderheid.

Marcus Bakker groeide naarmate de jaren verstreken uit tot een zoals dat clichématig heet „gerespecteerd Kamerlid”, naar wie in de jaren negentig in de nieuwbouw van de Tweede Kamer zelfs een vergaderzaal werd vernoemd. Dat was het bewijs dat het discutabele verleden van Marcus Bakker met het toenemen van zijn parlementaire dienstjaren steeds meer op de achtergrond was geraakt.

Want Marcus Bakker was ook een stalinist, die bijvoorbeeld in 1958, samen met partijleider Paul de Groot, keihard afrekende met andersdenkenden binnen de CPN. Kamerleden als Henk Gortzak en Gerben Wagenaar werden na een een zeer onfrisse lastercampagne, waarin Bakker een prominente rol speelde, uit de partij gezet.

Over Wagenaar en Gortzak schreef Bakker het later uiterst omstreden rapport De CPN in oorlogstijd (het ‘rode boekje’) waarin hij vraagtekens plaatste bij het verzetsverleden van Wagenaar. Deze zouden „overspel met nazi’s en Londense klieken” hebben gepleegd om de groeiende invloed van communisten in Nederland te vernietigen. Het was een geheel uit de stalinistische school afkomstige complottheorie, bedoeld om af te rekenen met tegenstanders. Rekenschap over die zwarte periode heeft Bakker nooit echt afgelegd.

In 1983 publiceerde hij zijn memoires Wissels, met de veelzeggende ondertitel Bespiegelingen zonder berouw. Over de hoogtijdagen van de Koude Oorlog, eind jaren vijftig, schreef hij: „Wij waren eenzijdig, hypereenzijdig in die koude-oorlogstijd. Maar de wereld zag eruit zo plat als een dubbeltje, er waren maar twee zijden te onderscheiden.” Bakker had ook in 1983 geen spijt van de keuzes die hij destijds had gemaakt.

Marcus Bakker werd in 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog, lid van de toen verboden Communistische Partij. Zijn vader was boekhouder bij het slachthuis in Zaandam en actief vakbondsbestuurder. Via hem regelde Marcus Bakker vleesbonnen, die hij gaf aan mensen van wie hij wist dat ze communist waren. Bakker ging de illegale communistische verzetskrant De Waarheid bezorgen en trad snel zelf toe tot de partij.

Direct na de oorlog werd hij redacteur van De Waarheid. Van 1953 tot 1957 was hij hoofdredacteur. In 1956 werd Bakker lid van de Tweede Kamer, om zeven jaar later fractievoorzitter en politiek leider te worden – een functie die hij tot zijn vertrek uit de Kamer, bij de verkiezingen van 1982, uitoefende.

Toen de CPN begin jaren negentig in GroenLinks opging, verhuisde de toen al gepensioneerde Bakker mee. „Ik zag en zie het als een nuttige stap naar een zo groot mogelijke progressieve krachtenbundeling”, verklaarde hij later. Bakker verliet GroenLinks in 1999, nadat deze partij had ingestemd met de NAVO-bombardementen op Kosovo en Servië.

In tegenstelling tot veel andere CPN’ers maakte Marcus Bakker nooit de overstap naar de SP. Wel herdenkt de afdeling Zaanstreek van deze partij op haar eigen internetsite de man „die inhoud gaf aan de uitdrukking Rode Zaanstreek”. Zoals het afdelingsbestuur stelt: „We eren dan ook Marcus’ bijdrage aan en concrete inbreng in de arbeidersbeweging, zijn stem van verzet tegen rechts afbraakbeleid door de tijden heen.”

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In het artikel Staalharde communist die als Kamerlid waardering kreeg (28 december, pagina 2) staat dat Marcus Bakker bij het debat over een wijziging van de Grondwet een PvdA-amendement over het discriminatieverbod steunde. Bakker kwam echter met een wijzigingsvoorstel dat hetzelfde beoogde en op aanraden van toenmalig minister van Binnenlandse Zaken De Gaay Fortman werd aangenomen.

    • Mark Kranenburg