Nijntje parodiëren mag

Grappen uithalen met konijn Nijntje leek onmogelijk, vanwege juridische consequenties. Maar vorige week stond de rechter een aantal parodieën toe.

Het moet een gevoelige nederlaag zijn geweest voor tekenaar Dick Bruna, de bedenker van Nijntje. Op 22 december bepaalde de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam in een door Bruna aangespannen kort geding dat het bedrijf Punt.nl vijf tekeningen met Nijntje-parodieën gewoon op zijn website mag blijven publiceren. „Zwijntje is zo stoned als een garnaal” en „Niet met me fokken, roept Nijntje, ik sta superstrak” luiden de teksten bij een tekening van Nijntje met ogen zo groot als schoteltjes. Volgens de rechter zijn de plaatjes geen ‘plagiaat in een als “leuk” gepresenteerde dekmantel’, zoals Bruna beweerde, maar zijn het geoorloofde parodieën. Met name de humoristische bedoeling van de tekeningen, de afwezigheid van concurrentiemotieven en het feit dat het publiek niet snel zal denken dat de publicaties van Bruna zelf afkomstig zijn, spelen een belangrijke rol bij de beslissing van de rechter.

Natuurlijk, er was ook een beetje winst voor Bruna. Twee tekeningen van Punt.nl kunnen volgens de rechter niet door de beugel, zoals het plaatje ‘Nijn-Eleven’, waarin Nijntje op het punt staat een flatgebouw binnen te vliegen. Volgens de rechter is deze tekening nagenoeg een letterlijke kopie van het werk van Bruna, en daarmee overschrijdt Punt.nl een grens.

Het is opmerkelijk dat Bruna een deel van de zaak verloren heeft, omdat hij in het verleden eigenlijk altijd met succes optrad tegen grappenmakers die probeerden aan te haken bij het herkenbare Bruna-werk. Zo veegde Bruna in 2005 de vloer aan met het Vlaamse satirische maandblad Deng , dat op de cover van zijn aprilnummer een plaat van ‘Lijntje’ had geplaatst, een cokesnuivende Nijntje look-alike, als verwijzing naar een artikel waarin de Nederlandse schrijver Hafid Bouazza pleitte voor een vrijer drugsbeleid. Zowel de rechtbank als het hof van beroep in Antwerpen stelde Bruna in het gelijk en verbood de publicatie. Maar veel vaker nog heeft Bruna de rechter helemaal niet nodig en klaart hij het klusje al met een boze advocatenbrief. Toen de Stichting Ideële Reclame SIRE in 2002 in haar campagne tegen hufterigheid in Nederland („De maatschappij dat ben jij”) aanhaakte bij de stijl van Bruna, stuurde de tekenaar er meteen zijn advocaat op af. Bruna was er niet van gediend dat SIRE in Bruna-stijl grove teksten publiceerde. SIRE liet het er niet op aankomen en stopte de campagne. Zelfs het brutale GeenStijl.nl, dat er toch om bekend staat lak te hebben aan advocatendreigbrieven, zwichtte in 2006 voor de juridische druk van Bruna en verwijderde een Nijntje-parodie van zijn site.

GeenStijl had het er duidelijk moeilijk mee: „Een doorgedraaid konijn met sterallures aan de deur, daar doe je helemaal niets tegen. Kortom, GeenStijl op de knieën voor een konijn, Nijntje pakt GeenStijl van achteren. Voor het eerst in de geschiedenis halen we bakzeil voor een konijn, we hebben deze slag verloren...” aldus GeenStijl in 2006. De bezoekers van de site vonden het maar niets dat ‘hun site’ er zo snel met de staart tussen de benen vandoor ging. Maar na de recente uitspraak van de rechtbank Amsterdam zullen Bruna-grappenmakers vermoedelijk niet meer zo snel het hazenpad kiezen. Voor je het weet is het gewoon een geoorloofde parodie.