De moderne tijd is aan Beatrix voorbij gegaan

De koningin is somber over het individualisme en de communicatie via internet.

Met die standpunten vervreemdt ze zich van miljoenen Nederlanders.

De jaarlijkse kersttoespraak van de koningin is meestal niet iets waar ik bij stilsta. Dit jaar echter hoor ik kort na de uitzending op Eerste Kerstdag dat de koningin zich kritisch heeft uitgelaten over ‘virtuele contacten’. Dat trekt mijn aandacht en ik zoek – jawel, op internet – de tekst van de toespraak van de koningin op.

Tot mijn verbazing lees ik dat volgens de koningin „het ideaal van het bevrijde individu zijn eindpunt [heeft] bereikt”. Ik vraag me af hoe die opmerking in de toespraak terecht is gekomen. Hoezo ‘eindpunt’? Wat is het eindpunt van individualisering? En wie bepaalt dat? Ook bij de toevoeging „We moeten trachten een weg terug te vinden naar wat samenbindt” bekruipt me een vervelend gevoel. Waar leidt die ‘weg terug’ naartoe? Naar de bekrompen naargeestigheid van de jaren vijftig, toen mensen nog niet vrij werden gelaten om zèlf na te denken? Naar de tijd dat mensen hun leven als het ware kregen opgelegd en zich braaf voegden naar wat er door hun sociale omgeving werd verwacht? Dat is misschien de tijd waarin onze koningin is opgegroeid, maar dat is ook een tijd die ver achter ons ligt. Ik heb niets tegen retrospectie, wel tegen valse illusies.

Het beeld dat de koningin vervolgens schetst van de individualisering van de samenleving is een karikatuur. Terecht wijst ze erop dat we bij tegenslag „niet alles alleen [kunnen] verwachten van overheid en maatschappelijke instellingen”. We hebben ook elkaar nodig. Maar vervolgens zegt ze dat „de moderne mens weinig aandacht [lijkt] te hebben voor de naasten” en dat we „vooral met onszelf bezig zijn”. Is de majesteit zich niet bewust van de miljoenen mensen die zich beroepshalve of als vrijwilliger inzetten voor de wereld om hen heen? Bovendien heeft de majesteit geen enkele aandacht voor de verworvenheden van het individualisme (waardoor, kort gezegd, mensen vandaag de dag vrij zijn om te zijn wie ze willen zijn). Daarmee vervreemdt ze zich in één klap van miljoenen Nederlanders voor wie de rechten van het individu tot hun kernwaarden behoren.

Even later spreekt de koningin op een ongelooflijk eenzijdige manier over communicatie via internet. Ik kan me voorstellen dat ons staatshoofd zich niet dagelijks op de ‘digitale snelweg’ begeeft, maar de manier waarop ze zich over hierover uitlaat, sluit niet aan bij de dagelijkse ervaring van veel mensen. Internet is niet alleen een afstandelijke virtuele wereld. Internet is ook een ontmoetingsplaats, waar je in contact komt met mensen die je anders misschien nooit ontmoet zou hebben. Mensen met wie je een passie kan delen, mensen met wie je een liefdesrelatie kan krijgen, mensen met wie je zaken kan doen. Ik voel me persoonlijk geraakt als de koningin deze (relatief nieuwe) manier van contact leggen en communiceren waarschuwend afdoet als „afstandelijk” en „virtueel”. Ik deel mijn passie (reizen) online met andere reizigers, ik heb jarenlang een relatie gehad met iemand die ik via internet heb leren kennen en voor mijn politieke activiteiten heb ik veel aan online communicatie. Allemaal erg waardevolle ervaringen die mijn leven rijker maken.

Online contacten zijn voor een groot deel wel degelijk ‘echte’ contacten. Natuurlijk is het contact dat je via internet hebt geen vervanging van de sociale contacten die je hebt in de ‘fysieke wereld’. Het is een aanvulling daarop. Internet en communicatie via e-mail, sociale netwerksites en de „snelle korte boodschapjes” via Twitter zijn bovendien al zo lang verweven met ons dagelijks leven, dat de suggestie dat we zouden kunnen terugkeren naar een tijdperk waarin we elkaar fysiek moeten ontmoeten om (een normatief kennelijk als ‘beter’ te kwalificeren) contact te hebben, iedere aansluiting met de realiteit ontbeert. De koningin geeft daarmee (misschien onbedoeld) de boodschap af dat zij van een andere generatie is. Een generatie die niet zoveel met nieuwe communicatiemiddelen op heeft. Ook daarmee vervreemdt de koningin een deel van de bevolking van zich. Mensen die met internet zijn opgegroeid zullen zich afvragen wie die wereldvreemde mevrouw toch is, die hen waarschuwt tegen de ‘virtuele contacten’ die voor hen juist heel gewoon en heel waardevol zijn.

Ik zie mijn individuele vrijheid als een belangrijke verworvenheid, zet me tegelijkertijd in voor de publieke zaak en ik ervaar nieuwe media zoals internet als een waardevolle aanvulling in mijn leven. En nu moet ik me – en met mij vele Nederlanders met wie ik deze overtuigingen deel – aangesproken voelen door de kersttoespraak van de koningin. Persoonlijk voel ik me meer aangesproken door een e-card met een hartverwarmende kerstwens dan door de kersttoespraak van een koningin die bewijst de aansluiting met de moderne tijd kwijt te zijn. Ik leefde in de veronderstelling dat de toespraak van ons staatshoofd aan alle Nederlanders was gericht. Dat was deze kersttoespraak zeker niet.

Menno van der Land is politicoloog en initiatiefnemer van vrijzinnig-democraten.nl